Empowerment en cliëntparticipatie mbt beleid door en voor cliënten met een verstandelijke beperking.
Dit project, over empowerment & cliëntparticipatie in beleid voor en door mensen met een verstandelijke beperking, wordt door cliënten zelf benoemd als 'Méér Meedoen!'
Doel
Het project evalueert de medezeggenschap van cliënten met een verstandelijke beperking in het beleid van de organisatie.
Vraag
Leidt de werkwijze van de cliëntenraden tot een goede participatie van cliënten (en familie) in het beleid? Worden de goede methoden gebruikt? Welke verbeteringen kunnen worden aangebracht?
Methode
Het onderzoek neemt de volgende overlegsituaties onder de loep:
- overleg in de cliëntenraden
- overleg in de cliëntenraden tussen de deelraad cliënten en de deelraad familieleden
- overleg tussen de raden en de directie.
De evaluatie vindt plaats door:
- groepsgesprekken
- observatie
- onderzoek van verslagen en beleidsnota’s.
Proces
Al tijdens het project worden veranderingen voorgesteld en uitgevoerd. Het project evalueert het effect van deze veranderingen. Zo proberen alle betrokkenen de kwaliteit van de medezeggenschap te verbeteren. Ook worden ervaringen uitgewisseld onder het motto ‘Leren doe je met elkaar’.
Producten
Verslagen
Eindverslag
Project
Empowerment & cliëntparticipatie in beleid voor en door mensen met een verstandelijke beperking, door cliënten zelf omgedoopt tot “Méér Meedoen!”.
Doel en vraag
Het doel van het onderzoek was om nieuwe kennis op te doen over de ervaring van cliënten met medezeggenschap en het verbeteren van de medezeggenschap. Het project is uitgevoerd binnen instellingen die ondersteuning bieden aan mensen met een verstandelijke of meervoudige beperking. Deze instellingen werken met cliëntenraden die bestaan uit twee gelijkwaardige deelraden, te weten een deelraad voor cliënten en een deelraad voor familieleden. De raden worden bijgestaan door een professionele ondersteuner. De vraag was of de manier waarop de cliëntenraden werken tot een goede participatie van cliënten (en familie) in het beleid leiden.
Het onderzoek heeft de werkwijze van de cliëntenraden onderzocht door deze werkwijze samen met de raden te evalueren, tijdens vergaderingen te observeren en verslagen en beleidsnota’s te onderzoeken. Op basis van de bevindingen zijn tijdens het onderzoek al verbeteringen aangebracht in de werkwijze van de cliëntenraden. Ook hebben de raden hun ervaringen uitgewisseld onder het motto ‘Leren doe je met elkaar’.
Resultaten en conclusies
Het model van één cliëntenraad die bestaat uit twee gelijkwaardige deelraden met een professionele ondersteuner functioneert goed en biedt de mogelijkheid om af te stemmen op de (verschillende) mogelijkheden van cliënten en familieleden. In de loop van het onderzoek hebben de cliëntenraden hun rol in de medezeggenschap verstevigd. De raden oefenen invloed uit op de inhoud, de agenda en het proces van de medezeggenschap. Zij hebben een actieve rol in de medezeggenschap via informeren, raadplegen, adviseren en mee ontwikkelen van nieuw beleid. Evaluatie van de werkwijze van de deelraden door cliënten en familieleden zelf is een geschikt middel om de rol van de raden in de medezeggenschap te vergroten en te versterken. Tevens maakt uitwisseling van ideeën tussen de deelraden de cliëntenraden sterker. De cliënten hebben hun ervaringen en ideeën uitgewisseld via het maken van films met behulp van tablets. Die manier bleek zeer goed aan te sluiten bij hun mogelijkheden en de werkwijze wakkerde hun enthousiasme voor het werk in de raad verder aan.
Op basis van de resultaten zijn een aantal praktische instrumenten ontwikkeld waarmee cliëntenraden hun werkwijze en inbreng verder kunnen verbeteren.
De proeftuin van het Gouverneur Kremers Centrum – Universiteit Maastricht (GKC-UM) bestaat uit de drie cliëntenraden van drie verschillende werkstichtingen van Stichting Koraal Groep: Maasveld, Op de Bies en St. Anna. Dit project evalueert hoe deze cliëntenraden werken.
Doelstelling
Het project betreft empowerment en cliëntparticipatie door en voor mensen met een verstandelijke beperking in Stichting Koraal Groep. Het doel van het project is om de medezeggenschap van cliënten in het beleid van de organisatie te evalueren en te vergroten.
Vraagstelling
De vraagstelling luidt: Leiden de (al toegepaste) methoden van collectieve cliëntparticipatie m.b.t. beleid en de werkwijze van de cliëntenraden van de betrokken werkstichtingen tot optimale collectieve participatie van cliënten (en verwanten) in het beleid van de organisatie? Wanneer wel, wanneer niet? Waar en hoe kunnen verbeteringen worden aangebracht, en wat is het resultaat?
Methode
Het onderzoek neemt de volgende overlegsituaties onder de loep:
- het overleg in de cliëntenraden zelf,
- het overleg tussen de deelraden van cliënten en familieleden van cliënten,
- het overleg tussen de raden en de directie.
Als evaluatiemethoden worden gebruikt:
- nominale groep techniek (groepsgesprekken aan de hand van afbeeldingen)
- participerende observatie (onderzoeker neemt deel en observeert tegelijkertijd)
- analyse van de inhoud van vergaderverslagen en beleidsnota’s.
Het betreft een evaluatieonderzoek waarbij al tijdens het onderzoek verbeteracties worden voorgesteld en uitgevoerd. Vervolgens wordt bekeken of deze acties het gewenste effect hebben. Op deze wijze wordt al tijdens het project samen met alle betrokkenen de kwaliteit van de medezeggenschap verbeterd.
Tijdens het project worden bijeenkomsten georganiseerd met de leden van de drie
cliëntenraden en hun ondersteuningsfunctionarissen om kennis te delen onder het motto ‘leren doe je met elkaar’.