Optimalisatie overdracht van Prehospitale Informatie in de Spoedzorg (OPIS)
Prehospitale informatie over een spoedpatiënt wordt verzameld door de meldkamer ambulancezorg en aansluitend door de ambulanceverpleegkundigen. De prehospitale informatie wordt vervolgens (telefonisch en/of digitaal) doorgegeven aan het ziekenhuis waar de patiënt naartoe wordt gebracht. Het is van groot belang voor de verdere behandeling van de patiënt welke prehospitale gegevens het ziekenhuis ontvangt. Deze informatie is namelijk bepalend voor de voorbereidingen die het ziekenhuis kan treffen en voor het verloop van de handelingen zodra de patiënt bij het ziekenhuis arriveert. Er bestaat geen eenduidigheid in deze vooraankondigingen, zowel inhoudelijk als procesmatig.
Dit project is gericht op optimaliseren van de informatieoverdracht in de spoedzorgketen door:
- een antwoord krijgen op de vraag welke prehospitale informatie op welk tijdstip en in welke vorm het meest van belang is voor de continuïteit van zorg bij verschillende typen spoedpatiënten
- inzicht krijgen in de factoren die van invloed zijn op de mondelinge en digitale informatieoverdracht.
Verslagen
Eindverslag
Spoedpatiënten vormen een grote uitdaging voor de zorgverleners. Naast de directe patiëntenzorg die gericht is op het stabiliseren van de vitale functies is het van belang dat de informatie op een adequate wijze wordt overgedragen naar de andere schakels in de keten. Hierbij ontstaat een spanningsveld tussen enerzijds de directe patiëntenzorg en anderzijds het verzamelen en documenteren van het zorgproces om de volgende schakel in de keten te informeren. De volgende schakel heeft informatie nodig om de continuïteit van zorg te waarborgen. Binnen dit project is er met de verschillende specialisten afstemming bereikt over welke prehospitale parameters nodig zijn voor de continuïteit van zorg. Dit project laat zien dat voor de vooraankondiging slechts een beperkte set prehospitale parameters nodig is in vergelijking met de set die aanbevolen wordt als standaard vooraankondiging. Geënquêteerden binnen alle beschreven specialismen geven aan dat het essentieel is om een overzicht te geven over het beloop van de gehele set prehospitale parameters op het moment van de fysieke overdracht. Daarnaast werd aangegeven dat naast digitalisering van de vooraankondiging het voor veel geënquêteerden ook wenselijk is om mondelinge toelichting te krijgen en direct vragen te kunnen stellen. Ondanks de gestructureerde manier van vooraankondiging door de ambulance werd door het OPIS project duidelijk dat; “Less is More”.
In het OPIS project is ook gekeken naar de wijze waarop de prehospitale informatie is overgedragen. Hieruit bleek dat er bij de vooraankondiging slechts in beperkte mate gebruik werd gemaakt van de digitale mogelijkheden
Wanneer men echter een oordeel gaf over het wel of niet adequaat zijn van de vooraankondiging bleek deze positiever te worden beoordeeld indien er gebruik was gemaakt van de digitale mogelijkheden. Dit pleit voor intensivering van de digitale mogelijkheden
De spoedopvang in Nederland rondom de ambulancezorg is sinds lange tijd gestandaardiseerd, volgens de normen zoals beschreven in het Landelijk Protocol Ambulancezorg. In Nederland wordt na alarmering van de meldkamer ambulancezorg relevante medische informatie middels een triagesysteem verzameld en doorgegeven aan de ambulance die belast is met de uitvoering van de zorg voor de desbetreffende patiënt.
Het is van groot belang voor de verdere behandeling van de patiënt welke prehospitale gegevens aan het ziekenhuis worden doorgegeven voordat de patiënt daar is gepresenteerd. Deze informatie kan namelijk bepalend zijn voor het uiteindelijke tijdspad van behandelen van een patiënt.
De prehospitale informatie is onder te verdelen in prehospitale gegevens die voor de vooraankondiging van een patiënt van belang zijn en in prehospitale gegevens die voor de verdere zorg in het ziekenhuis van belang zijn.
In samenwerking met meerdere ketenpartners, in specifieke patiëntcategorieën te weten patiënten met een trauma, patiënten met verdenking CVA, spoedpatiënten voor acute obstetrie en patiënten met verdenking STEMI , heeft dit onderzoeksproject als doel antwoord te krijgen op welke wijze er een betere informatieoverdracht kan worden bereikt bij spoedpatiënten.
Per patiëntcategorie wordt er tussen de MKA, ambulance en specialisten afgestemd welke objectieve gegevens, gelet op de omstandigheden, haalbaar en bepalend zijn om een patiënt op een adequate manier op te vangen. Hiermee wordt beoogd het risico op communicatieproblemen te minimaliseren, de zorg te verbeteren en de veiligheid van patiënten beter te waarborgen. Tevens wordt onderzocht waar en wanneer digitalisering van prehospitale gegevens een meerwaarde hebben met betrekking tot continuïteit van zorg rondom de spoedpatiënt.
Uiteindelijk moet na uitvoering van dit onderzoeksproject duidelijk zijn welke prehospitale informatie op welk tijdstip in welke vorm het meest van belang is in de continuïteit van zorg aan verschillende spoedpatiënten.