TICX: Ticks Infected with CoXiella burnetii: an epidemiological pilot study
De rol van teken en gezelschapsdieren in de overdracht van de verwekker van Q-koorts (Coxiella burnetii) is nog niet duidelijk. Het is aannemelijk dat ‘wilde’ dieren en gezelschapsdieren (honden en katten) in de directe omgeving van besmette geitenbedrijven geïnfecteerd zijn. Deze dieren zijn vaak gastheer van teken. Ook de veel voorkomende Ixodes ricinus teek in Nederland kan zo een bron voor de bacterie zijn.
Doel van dit project is te achterhalen of teken en gezelschapsdieren een rol kunnen spelen in de overdracht van de Q-koortsverwekker. We onderzoeken of Coxiella burnetii voorkomt in teken in hoogrisico gebieden in Zuidoost Nederland en of teken de infectie kunnen overdragen op de volgende generatie. Ook onderzoeken we het percentage honden en katten dat met de bacterie in aanraking is geweest. Door verzamelde bloedmonsters (van voor en na de uitbraak) in hoogrisicogebieden te onderzoeken, stellen we vast of en hoeveel gezelschapsdieren door de recente uitbraak geïnfecteerd zijn.
Lees meer informatie over Lyme en de onderzoeken op onze themapagina over Lyme
Producten
Auteur: Sprong H, Tijsse-Klasen E, Langelaar M, De Bruin A, Fonville M, Gassner F, Takken W, Van Wieren S, Nijhof A, Jongejan F, Maassen CB, Scholte EJ, Hovius JW, Emil Hovius K, Spitalská E, Van Duynhoven YT. Zoonoses Public Health. 2011 Jun 28. doi: 10.1111/j.1863-2378.2011.01421.x. [Epub ahead of print]
Magazine: Zoonoses and Public Health
Verslagen
Eindverslag
Nederland heeft recentelijk de grootste uitbraak van Q-koorts uit de geschiedenis achter de rug. De rol van Ixodes ricinus teken en gezelschapsdieren in Nederland in de transmissie van Coxiella burnetii, de verwekker van Q-koorts, was tot op heden niet duidelijk.
In het kader van dit onderzoek verzamelden wij vele duizenden teken en enkele honderden hondensera uit voorheen endemische gebieden. Onze veld studies suggereren dat I. ricinus teken geen belangrijke rol als vector hebben in de transmissie van C. burnetii. Echter, in een experiment waarin teken voeden op geïnfecteerde geiten, bleek dat tekenfeces (tekenontlasting), dat door teken wordt uitgescheiden tijdens een bloedmaaltijd, wel infectieuze C. burnetii kan bevatten. In een hoog percentage van honden uit voorheen endemische gebieden troffen wij antistoffen aan tegen C. burnetii. Dit was weliswaar voor en na de uitbraak vergelijkbaar.
Vervolgonderzoek zal moeten uitwijzen of honden (en tekenfeces) een potentiële bron voor humane infecties zouden kunnen vormen.
Nederland heeft net de grootste uitbraak van Q-koorts uit de geschiedenis achter de rug. De rol van teken en gezelschapsdieren in Nederland in de transmissie van C. burnetii, de verwekker van Q-koorts, is niet duidelijk, maar zou belangrijke implicaties kunnen hebben voor publieke, humane en veterinaire gezondheid.
Het is aannemelijk dat gezelschapsdieren in de directe omgeving van (eerder) besmette geitenbedrijven geïnfecteerd zijn geraakt. Vele van deze dieren behoren ook tot de gastheren van teken. De veel voorkomende Ixodes ricinus teek in Nederland is daarom mogelijk een reservoir voor C. burnetii.
In de huidige studie onderzoeken wij niet alleen het voorkomen van C. burnetii in teken in hoog-risico gebieden, maar ook of teken de infectie kunnen overdragen op de volgende generatie en het percentage gezelschapsdieren dat is blootgesteld aan C. burnetii.
Onze eerste resultaten lijken te wijzen op een bescheiden rol van de Ixodes ricinus teek als reservoir voor Coxiella burnetii in Nederland. Echter, duizenden teken, maar ook gezelschapsdieren, uit (voorheen) hoog-risico gebieden in Zuidoost Nederland staan op het punt om geanalyseerd te worden.