Validiteit van de Nederlandstalige SDQ als signaleringsinstrument in de JGZ voor 13-jarigen en ouder in vergelijking met de KIVPA

Vraagstuk

Voor het signaleren van psychosociale problemen bij kinderen van 13 jaar en ouder wordt meestal de KIVPA (Korte Indicatieve Vragenlijst voor Psychosociale Problematiek bij Adolescenten) gebruikt. Een eenvoudiger instrument is de SDQ SR, waarbij SR staat voor self report. Maken de lijsten een goed onderscheid tussen leerlingen met en zonder problemen? En is de SDQ SR een alternatief voor de KIVPA?

Onderzoek

Voor het onderzoek vulden leerlingen, ouders en leerkrachten na het periodiek gezondheidsonderzoek (PGO) extra vragenlijsten in. Ook werden leerlingen klassikaal benaderd om lijsten in te vullen.

Uitkomst

Beide instrumenten hebben een vergelijkbare kwaliteit. Ook hebben ze ongeveer evenveel meerwaarde boven signalering op basis van dossiers en het PGO. De SDQ-SR zou de KIVPA dus vooral om praktische redenen kunnen vervangen.

Verspreiding en implementatie

De resultaten van alle projecten rond de SDQ worden bijeengebracht. Dit leidt uiteindelijk tot één SDQ-handleiding voor alle doelgroepen.

Dit project heeft een vervolg gekregen in project 15700095020.

Verslagen


Eindverslag

Doel van het onderzoek was de psychometrische kwaliteiten van twee signaleringslijsten voor psychosociale problemen van adolescenten met elkaar te vergelijken. Het gaat om twee vragenlijstend ie mogelijk gebruikt zouden kunnen worden door de JGZ bij het reguliere onderzoek van leerlingen in de tweede klas van het voortgezet onderwijs: de Korte Indicatieve Vragenlijst voor Psychosociale Problematiek bij Adolescenten (KIVPA) en de Strengths & Difficulties Questionnaire Self Report (SDQ SR). Aan de SDQ werden de subschalen van de SPsy toegevoegd. De belangrijkste vraag was in welke mate die vragenlijst een goed onderscheid kunnen maken tussen leerlingen met en zonder problemen. Als criteriummaten werden twee ruim gevalideerde maten gebruikt: de Child Behavior Checklist (CBCL) en de Youth Self Report (YSR). Bovendien werd nagegaan in hoeverre informatie van ouders en leerkrachten dat onderscheid zouden kunnen verbeteren. De gegevens werden op twee manieren verzameld. Allereerst werd aan leerlingen die uitgenodigd werden voor een regulier onderzoek door de JGZ, gevraagd om extra vragenlijsten in te vullen. Ook hun ouders en leerkrachten kregen een dergelijk verzoek. JGZ-instellingen bleken echter onvoldoende in staat om aan dat onderzoek mee te werken. Daarom werd een extra dataverzameling ingebouwd, waarbij leerlingen klassikaal werden benaderd. In dat deel van het onderzoek werden ouders en leerkrachten niet betrokken. Uiteindelijk beschikten we over 540 respondenten die de KIVPA hadden ingevuld en 514 respondenten met SDQ gegevens.

Met toestemming van ZonMw werd eind 2008 gestart met een hernieuwde werving van JGZ instellingen, in samenwerking met GGD Nederland (GGD NL) en het RIVM Centrum Jeugdgezondheid (R-CJG). Snel bleek dat de hernieuwde werving weinig resultaat zou boeken. Met de afdeling Onderwijs en Professie werd een plan gemaakt om de onderzoeksbereid in het veld te stimuleren met workshops over het werken met vragenlijsten bij de signalering. Overleg met het veld maakte echter duidelijk dat dit in hun perceptie niet zou werken omdat het de JGZ alleen maar meer tijd zou kosten.
Na overleg met de vakgroep JGZ van GGD NL is een wijzigingsvoorstel gemaakt en besproken met het ZonMw programmasecretariaat. Op hun advies is dat 21 april schriftelijk ingediend. Eind oktober ontvingen wij een definitief accoord op dat voorstel. Getrokken door het Centrum Jeugdgezondheid en GGD Nederland is begin november de werving voor het aangepaste onderzoek gestart.
Vooruitlopend op het akkoord van ZonMw is aan de MEC toestemming gevraagd en verkregen voor het gewijzigde voorstel en zijn aangepaste vragenlijsten gemaakt.

Snel naar

Kenmerken

Projectnummer:
157001021
Looptijd: 100%
2008
2011
Gerelateerde programma's:
Projectleider en penvoerder:
Drs. M.H.C. Theunissen
Verantwoordelijke organisatie:
TNO