Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Whose problem is it anyway? Ethical dilemmas in interventions for substance abuse by clients with intellectual disabilities

Begeleiders van mensen met een licht verstandelijke beperking (LVB) ervaren dilemma's in geval van alcohol- of drugsgebruik door deze cliënten. Middelengebruik heeft bij mensen met LVB vaker schadelijke gevolgen zoals uitval uit school of werk, seksueel en financieel misbruik, psychiatrische en andere gezondheidsproblemen.
Voor hun begeleiders lijkt het belang van goede preventie en zorg echter moeilijk te verenigen met het belang van autonomie en eigen regie, zo blijkt uit de bevindingen van het verbeterproject LVB en Verslaving. Dit heeft als gevolg dat begeleiders menen alleen te mogen interveniëren als de cliënt daarmee instemt of er om vraagt.

Het doel van dit onderzoek is het inzicht in de legitimiteit van het eigen handelen van begeleiders in de ambulante zorg voor mensen met LVB te vergroten. Met behulp van interviews en participerende observatie is hiervoor een ethisch framework ontwikkeld dat de basis vormt voor een praktische handreiking en een onderwijsmodule voor het HBO.

Meer informatie

Producten

Titel: Waar bemoei ik me mee?

Verslagen


Eindverslag

Mensen hebben in Nederland de vrijheid om hun leven volgens hun eigen keuzes in te richten. Als ze hulp ontvangen is dat in principe niet anders. In dit onderzoek gingen we na wat dit uitgangspunt van zelfbeschikking van cliënten betekent voor de zorg die ambulant begeleiders bieden aan cliënten met een lichte verstandelijke beperking (LVB) die alcohol of drugs gebruiken.Empirisch ethische analyse van interviewmateriaal en observaties van de zorgpraktijk bij twee organisaties voor zorg aan zelfstandig wonende LVB-cliënten, bracht ons tot de conclusie dat zelfbeschikking een problematisch ideaal is dat voor hulpverleners tot verschillende onvoorziene problemen leidt. Ten eerste is het voor hulpverleners soms een obstakel waarlangs ze moeten laveren om de relatie met hun cliënten gaande te houden. Ten tweede horen bij autonomie begrippen als beslissingen nemen, consequenties aanvaarden, verantwoordelijkheid nemen.Veel problemen die hulpverleners signaleren hebben te maken met beslissingen en keuzes van cliënten die hulpverleners niet in het belang van hun cliënten vinden. Alcohol en druggebruik kan daar een voorbeeld van zijn. Derde probleem is dat de taal van autonomie en burgerschap eenzijdig gericht is op de cliënt als individu. Het biedt geen vocabulaire voor het rechtvaardigen van kwesties die liggen in de sfeer van relaties tussen de cliënt en anderen, en daarmee ook geen handvatten voor hulpverleners om te reflecteren op hun rol in de relatie met hun cliënten. De hulpverlener blijft buiten het normatieve kader dat juist de zorg richting geeft. En dat leidt tot het vierde probleem, namelijk dat er geen of weinig woorden zijn voor het werk dat hulpverleners doen waarmee het ontoegankelijk wordt voor morele reflectie. Voor het zichtbaar maken van deze onbenoemde werkzaamheden en het vinden van een geschikt moreel vocabulaire om er over na te denken sluiten we aan bij bevindingen uit de zorg ethiek. Niet het autonome individu, maar het relationele subject staat dan centraal. Dit subject floreert (of niet) in relatie tot anderen en tot de omstandigheden waarin het probeert het leven vorm te geven. Met deze zorgethische benadering konden we de volgende richtinggevende idealen in het werk van de hulpverleners articuleren: 1. In contact komen en blijven, 2. Dwang vermijden en 3. Krachtige netwerken bouwen en perspectief bieden. Onze conclusie is dat het burgerschapsparadigma van de gehandicaptenzorg uit het zicht laat verdwijnen dat hulpverlening een relationeel proces is waarbinnen autonomie een plaats moet krijgen. De brochure en scholingsmodule "Waar bemoei ik me mee?" die wij voor hulpverleners en hun opleidingen ontwikkelden kan hulpverleners hopelijk ondersteunen bij het articuleren van relationele en substantiële idealen in de hulpverlening. Op niveau van de sector zou een visie geformuleerd moeten worden die gebaseerd is op de uitgangspunten van relationaliteit, vermijding van dwang, en het bieden van perspectief door het bouwen van krachtige netwerken.
Begeleiders van mensen met een licht verstandelijke beperking (LVB) ervaren dilemma's in geval van alcohol- of drugsgebruik door deze cliënten. Middelengebruik heeft bij mensen met LVB vaker schadelijke gevolgen zoals uitval uit school of werk, seksueel en financieel misbruik, psychiatrische en andere gezondheidsproblemen. Voor hun begeleiders lijkt het belang van goede preventie en zorg echter moeilijk te verenigen met het belang van autonomie en eigen regie, zo blijkt uit de bevindingen van het verbeterproject LVB en Verslaving (zie link). Dat kan ertoe leiden dat begeleiders alleen interveniëren als de cliënt daarmee instemt of er om vraagt. Met dit onderzoek willen we het inzicht in de legitimiteit van het eigen handelen van begeleiders in de ambulante zorg voor mensen met LVB vergroten. Met behulp van interviews en participerende observatie gaan we na hoe begeleiders hun zorg voor mensen met LVB in geval van middelengebruik vormgeven en welke waarden ze daarmee gestalte geven. We inventariseren de oplossingen die zij voor hun dilemma vinden en hun ethische rechtvaardiging daarvan. Op grond hiervan ontwikkelen we een ethisch framework dat de basis zal vormen voor een praktische. De handreiking vormt tevens de basis voor een onderwijsmodule die kan worden ingezet in de verschillende HBO minoren over LVB. We hopen zo bij te dragen aan een betere zorg voor mensen met LVB en middelenproblematiek. Link: http://www.kennispleingehandicaptensector.nl/kennisplein/Kennisplein-ac…

Kenmerken

  • Projectnummer:
    731010003
  • Looptijd: 100%
    Looptijd: 100 %
    2013
    2016
  • Gerelateerde programma's:
  • Gerelateerde subsidieronde:
  • Projectleider en penvoerder:
    Prof. dr. A.J. Pols
  • Verantwoordelijke organisatie:
    Amsterdam UMC - locatie AMC

Uitgebreide samenvatting: Handvatten voor hulpverleners van verslaafden met licht verstandelijke beperking

Mensen met een licht verstandelijke beperking (LVB) die alcohol en/of drugs gebruiken, kampen vaker met schadelijke gevolgen. Voor hun begeleiders is het moeilijk om de juiste afweging te maken tussen een goede preventie en zorg enerzijds en het belang van autonomie en eigen regie van de cliënt anderzijds. Nieuwe handvatten bieden die hulpverleners nu ondersteuning bij het maken van evenwichtige keuzes.