Implementatie van klinische mobiliteitstesten
Bij knieartrose is de mobiliteit vaak ernstig beperkt en het verbeteren daarvan is een belangrijk doel bij (operatieve) behandelingen. Toch ontbreken in de zorg objectieve metingen van mobiliteit. Daarom ontwikkelde de Sint Maartenskliniek een digitale mobiliteitstool met beweeginformatie. In dit project is onderzocht hoe deze tool effectief kan worden ingevoerd en hoe patiënten voorafgaand aan hun afspraak een mobiliteitstest kunnen doen. Interviews met 14 orthopeden en focusgroepen met 28 patiënten brachten wensen en voorwaarden in kaart en leidden tot gerichte strategieën. Om het gebruiksgemak voor patiënten te verbeteren, is een dashboard ontwikkeld en getest met 26 patiënten. Ook zijn nieuwe werkprocessen rondom mobiliteitstesten kleinschalig getest om feedback te verzamelen van eindgebruikers. Het project levert bruikbare aanbevelingen, praktijkgerichte rapportages en ondersteunende materialen op, die zowel direct toepasbaar zijn als richting geven aan verdere implementatie.
Verslagen
Eindverslag
Knieartrose belemmert de mobiliteit ernstig en vermindert de kwaliteit van leven. Mobiliteit, met name loopsnelheid, wordt gezien als een essentiële gezondheidsindicator. Verbeterde mobiliteit is dan ook een belangrijk behandeldoel na knieoperaties. Toch ontbreken objectieve mobiliteitsmetingen in de orthopedische zorg, waardoor behandelbeslissingen vaak worden gebaseerd op door patiënten gerapporteerde uitkomsten (PROMs), die beperkt zijn door subjectiviteit en een lage gevoeligheid voor verandering.
De Sint Maartenskliniek ontwikkelde een digitaal dashboard (mobiliteitstool) dat objectieve mobiliteitsdata verwerkt, verzameld via draagbare sensoren tijdens functionele testen. Het project had twee hoofddoelen: (1) de implementatie van mobiliteitstesten voorafgaand aan orthopedische consulten en (2) de integratie van de mobiliteitstool in het gebruik door orthopeden en patiënten.
Een uitgebreide stakeholdersanalyse, bestaande uit verdiepende interviews met orthopeden (N=14) en focusgroepen met 28 patiënten uit vier subgroepen (1. artrose zonder operatiewens, 2. op wachtlijst voor knieprothese, 3. <6 maanden en 4. >6 maanden postoperatief), bracht hun behoeften rondom beweeginformatie in kaart. De uit de contextanalyse geïdentificeerde determinanten (bevorderende en belemmerende factoren) zijn gebruikt om gerichte implementatiestrategieën te formuleren, ondersteund door de ERIC-CFIR-tool. De strategieën richtten zich primair op:
- het verbeteren van de toegankelijkheid en het gebruikersgemak van de mobiliteitstool, aangezien het oorspronkelijke dashboard met name voor orthopeden was ontwikkeld;
- het inrichten en (kleinschalig) testen van nieuwe werkprocessen om de werkwijze en testlocatie beter aan te sluiten op wensen van patiënten en medewerkers.
Secundair was er aandacht voor het versterken van de interne setting, gezien de beperkte organisatorische prioriteit en beschikbaarheid van middelen (financieel en personeel) voor structurele implementatie.
Voor de implementatie-evaluatie werden drie kerncriteria van Proctor et al. (2011) toegepast: acceptatie (houding van patiënten en zorgverleners, gemeten via vragenlijsten en interviews), adoptie (mate van gebruik van de tool en aantal uitgevoerde testen) en haalbaarheid (praktische uitvoerbaarheid, beoordeeld via feedback en tijdsmetingen).
De uitgevoerde acties en bijbehorende opbrengsten per strategie waren als volgt:
- In samenwerking met patiënten, onderzoekers en softwareontwikkelaars is een patiëntvriendelijke interface ontworpen en veilige digitale omgeving ontwikkeld, waarin patiënten hun beweegresultaten kunnen inzien, vergelijken met leeftijdsgenoten en delen met anderen. Voor mensen met beperkte digitale vaardigheden werd een fysieke, downloadbare versie beschikbaar gesteld. Een vragenlijst is iteratief ontwikkeld en geoptimaliseerd door feedback van patiënten met verschillen in leeftijd, opleidingsniveau en gezondheidsvaardigheden. Hiermee is de gebruiksvriendelijkheid van de mobiliteitstool geëvalueerd onder 26 artrosepatiënten. Verzamelde gebruikerservaringen en logdata resulteerden in een rapportage over de haalbaarheid van het terugkoppelen van beweeginformatie, met praktijkgerichte aanbevelingen.
- Op basis van het bestaande zorgproces is een nieuw werkproces ontworpen en getest tijdens drie pilotdagen met 38 patiënten. Vragenlijsten, feedback van patiënten en medewerkers, en tijdsmetingen brachten knelpunten en optimalisaties naar boven. Dit leidde tot praktische procedures, werkafspraken en communicatiemiddelen die als voorbeeld kunnen dienen voor andere organisaties.
De implementatie science practitioner (ISP) vervult een verbindende rol in de implementatiepraktijk door randvoorwaarden tijdig te signaleren, samenwerking te versterken en strategieën samen met stakeholders te vertalen naar de praktijk. Met een data gedreven, stapsgewijze aanpak draagt de ISP bij aan praktische evaluaties, leerprocessen en duurzame verandering.