Bewegen als basis in het speciaal onderwijs: living labs voor BioS-teams
In het speciaal onderwijs (cluster 3 en 4) hebben veel leerlingen een kwetsbare motorische ontwikkeling en een smal stress-regulatievermogen. Motorische vaardigheden (zoals zitten, schrijven, aankleden) kosten relatief veel energie. Tegelijk bestaat hun schooldag grotendeels uit zitten. Leerlingen komen vaak al zittend met aangepast vervoer naar school en vervolgen hun dag in een klassikale setting. Daardoor ervaren leerlingen in het speciaal onderwijs regelmatig overprikkeling en vermoeidheid, wat zich uit in gedragsproblemen. Onderzoek laat zien dat bewegen zowel bijdraagt aan regulatie (ontladen van stress) als aan het versterken van motoriek, waardoor dagelijkse handelingen minder belastend worden. In het regulier onderwijs zijn BioS-teams en de Dynamische Schooldag al succesvol ontwikkeld. In het speciaal onderwijs vraagt dit echter om aanpassing aan de doelgroep en de context.
Doel
Het doel is het ontwikkelen, implementeren en evalueren van BioS-teams in het speciaal onderwijs die de Dynamische Schooldag duurzaam borgen, met expliciete aandacht voor motorische ontwikkeling, regulatie en verbeterde ouderbetrokkenheid. Het project levert een werkbaar model op voor BioS-teams in cluster 3 en 4, inclusief rolverdeling (o.a. vakleerkracht, mbo-opgeleide agoog / beweegprofessional en zorgprofessionals), passende activiteiten en randvoorwaarden voor implementatie.
Aanpak/werkwijze
Het project werkt met een living lab-aanpak waarin scholen, onderzoekers, professionals en ouders gezamenlijk ontwerpen, testen en evalueren. Ze ontwikkelen een werkwijze waarin het BioS-team beweegmomenten voor leerlingen voor, tijdens en na schooltijd en daarnaast beweegactiviteiten voor ouders coördineert en begeleid. Monitoring richt zich op uitvoerbaarheid en ervaren merkbare effecten (regulatie, gedrag). Er wordt gewerkt vanuit ethische principes, zoals gelijkwaardigheid, inclusie en contextsensitiviteit.
Samenwerkingspartners
Het project wordt uitgevoerd door een samenwerking tussen speciaal onderwijs scholen (cluster 3 en 4), het lectoraat BioS, mbo- en hbo-opleidingen, beleidsmedewerkers vanuit de Gemeente Amsterdam en praktijkprofessionals (zoals vakleerkrachten, agogen en onderwijsassistenten). De samenwerking is bijzonder doordat onderwijs, praktijk en onderzoek gelijkwaardig samenwerken in de dagelijkse schoolcontext. De mbo-professional krijgt een expliciete rol in uitvoering en borging.
Verwachte resultaten
Het project levert:
- Een gevalideerd model voor BioS-teams in het speciaal onderwijs.
- Een integrale aanpak (activiteiten, dagindeling, samenwerking met ouders.
- Inzicht in effectieve samenwerking, inclusief rol van mbo-professionals.
- Handvatten voor implementatie binnen de context van aangepast vervoer en beperkte ouderbetrokkenheid.
- Kennis over de relatie tussen motoriek, regulatie en gedrag.