Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Clientgerichte uitkomstmaten bij psychofarmacagebruik

Bij mensen met een verstandelijke beperking komen psychische ziekten en/of moeilijk verstaanbaar gedrag vaak voor. Zij gebruiken hiervoor vaak langdurig psychofarmaca, medicijnen die werken op het zenuwstelsel. Psychofarmaca kunnen bijwerkingen geven zoals sufheid en dikker worden.  Bij medicatiecontroles moeten daarom zowel positieve als negatieve effecten gemeten worden. Het waardeoordeel over deze effecten kan verschillen tussen behandelaren en de gebruikers van psychofarmaca. In de huidige praktijk zijn mensen met een verstandelijke beperking en hun vertegenwoordigers nog onvoldoende betrokken bij effectmeting van psychofarmaca.
In een eerder project is er in een focusgroep en kiesrondes samen met mensen met een verstandelijke beperking en vertegenwoordigers bepaald welke gebieden zij belangrijk vinden voor effectmeting van psychofarmacagebruik en welke meetinstrumenten hierbij geschikt zijn.

In dit project wordt het gebruik van 6 van de geselecteerde meetinstrumenten geïmplementeerdin een gespecialiseerde GGZ-polikliniek. Het gebruik van de instrumenten wordt onderdeel van de standaard medicatiecontroles door verpleegkundigen. Effecten van psychofarmaca op het gebied van ‘psychische symptomen en gedrag’, ‘bijwerkingen’ en ‘functioneren in het dagelijks leven’ worden met deze 6 instrumenten gemeten 
We onderzoeken of de meetinstrumenten gewaardeerd worden en of de voordelen van gebruik tegen de nadelen opwegen (acceptatie en haalbaarheid), of het gebruik is volgens de instructies (getrouwheid), en of de meetinstrumenten een standaard onderdeel zijn geworden van de medicatiecontroles(borging).
De ervaringen uit deze implementatie worden verwerkt in een roadmap (routekaart) voor implementatie bij andere organisaties die langdurige zorg bieden aan mensen met een verstandelijke beperking zoals zorginstellingen, GGZ-aanbieders en huisartsenpraktijken. 

Als basis staat een theoretisch model waarmee we de kenmerken die bepalen of de implementatie slaagt in kaart brengen. Hiermee wordt rekening gehouden bij het vastleggen van de aard en de volgorde van de benodigde activiteiten en strategieën (implementatieproces) waarbij er een theoretisch onderbouwd stappenplan wordt gebruikt. 
In dit project is dit proces geconcretiseerd in 10 stappen over 18 maanden waarmee de verschillende fases van het project worden doorlopen.

In de voorbereidingsfase (oktober 2025-april 2026; stap 1 t/m 6) krijgen alle zorgmedewerkers uitleg over de meetinstrumenten en de verpleegkundigen ook instructies. De benodigde aanpassingen in ICT-voorzieningen en werkprocessen worden gedaan. Cliënten krijgen uitleg bij de uitnodiging voor hun medicatiecontroles. Er wordt een vragenlijst opgesteld voor verpleegkundigen en er worden focusgroepen gemaakt om het verloop van de implementatie te volgen. Zo worden gegevens over de acceptatie, haalbaarheid, getrouwheid en borging verzameld, en wordt een basis voor de roadmap gelegd.
In de uitvoeringsfase (april 2026-januari 2027; stap 7 en 8) is de uitrol van de meetinstrumenten en worden de gegevens verzameld.
In de evaluatiefase (december 2026-april 2027; stap 9 en 10) worden gegevens verwerkt in publicaties en de roadmap en gedeeld met het veld.

In de projectgroep zijn een implementatieonderzoeker (UMCG), een psycholoog/onderzoeker, een psychiater/hoogleraar (Accare) en een bestuurder bij zorgaanbieder Vanboeijen opgenomen. 
Een focusgroep wordt gevormd met vertegenwoordigers van regionale organisaties die langdurige zorg bieden aan mensen met een verstandelijke beperking. 

De verwachte resultaten van dit project zijn: Implementatie van het gebruik van de meetinstrumenten binnen de specialistische GGZ; 
Een implementatie-impuls voor toepassing van de meetinstrumenten bij zorgaanbieders in de regio door samenwerking bij het maken van de roadmap; 
Een publicatie en de roadmap, beschikbaar via Kennisplein Gehandicapten om implementatie landelijk te bevorderen.

Kenmerken