Connect2Grow-Up: screening, monitoring en zorgnetwerk bij gezinnen met ouderlijke psychopathologie
In Nederland groeit één op de vier kinderen op met een ouder met psychische problemen (KOPP). Deze kinderen hebben een verhoogd risico op het ontwikkelen van psychische klachten door genetische en omgevingsfactoren. Vroege herkenning en ondersteuning zijn cruciaal. Het ErasmusMC Centrum KOPP onderzocht hoe professionals in de volwassen GGZ problemen vroeg kunnen signaleren en gezinnen ondersteunen. In het project kwamen zorgverleners, beleidsmakers en gezinnen aan het woord. Hoewel schaamte en stigma belangrijke belemmeringen blijven in de stap naar vroegtijdige signalering van problemen in het gezin, en daarmee de mogelijkheid tot preventieve interventies, het voeren van gesprekken over ouderschap van cruciaal belang zijn. Het normaliseren van deze gesprekken lijkt een effectieve benadering om de barrières te doorbreken en de stap naar vroegtijdige signalering te kunnen maken. Zorgverleners zien het belang van gezinsgericht werken, maar stuiten op tijdsdruk en beperkte samenwerking. Er is behoefte aan korte screeningsinstrumenten, betere samenwerking, scholing en structurele aandacht voor het gezinsleven. De resultaten van dit project bieden handvatten voor een gezinsgerichte aanpak.
Aanbevelingen
- Een focus op gezinsgericht werken verdiend organisatorische verankering opdat het gesprek gevoerd wordt en patienten in de volwassen GGZ niet alleen als patient, maar ook als ouder worden gezien.
- Voor zorgprofessionals: Er is behoefte aan training en ondersteuning om gezinsgerichte zorg effectief te implementeren, met aandacht voor het omgaan met schaamte en stigma, en het normaliseren van gesprekken over ouderschap.
- Voor beleidsmakers: Er moet meer aandacht komen voor domeinoverstijgende samenwerking tussen jeugdzorg en volwassenen-GGZ, en gezinsgerichte zorg moet breder geïntegreerd worden in de zorgpraktijk en beleidsdocumenten.
- Voor toekomstige implementatie: Er is een duidelijke behoefte aan meer structurele samenwerking tussen zorgprofessionals en het betrekken van gezinnen bij het zorgproces, bijvoorbeeld door het aanbieden van psycho-educatie en netwerkondersteuning.
Producten
Auteur: R. Smits, H. Bijma, S. Paauw, N. Rietema, E. van Efferen, M. Hillegers en E. Mesman
Verslagen
Eindverslag
Achtergrond
In Nederland groeit ongeveer één op de vier kinderen op met een ouder met een psychische aandoening (KOPP). Deze kinderen hebben een verhoogd risico van 40 tot 65 procent om zelf psychische problemen te ontwikkelen. Toch worden zij vaak niet tijdig herkend of ondersteund binnen de hulpverlening. Hoewel de “kindcheck” sinds 2013 verplicht is, biedt deze onvoldoende handvatten om structureel aandacht te besteden aan de impact van ouderlijke psychische problematiek op kinderen. Professionals ervaren handelingsverlegenheid en binnen de volwassen GGZ (v-GGZ) is er weinig structurele aandacht voor ouderschap en het verhoogde risico bij kinderen.
Doelstellingen
Het leer- en ontwikkelproject van Erasmus MC richt zich op het verbeteren van vroegtijdige signalering en ondersteuning van KOPP binnen de v-GGZ. Samen met patiënten, naasten en zorgverleners is onderzocht hoe screening, monitoring en gesprekken over het gezinsleven beter kunnen worden ingezet.
Onderzoeksopzet
Actiegericht, kwalitatief beschrijvend onderzoek, verdeeld over drie deelprojecten:
• Project 1: Focusgroepen met zorgverleners en beleidsmedewerkers van 8–10 organisaties over screening en monitoring.
• Project 2: Interviews en terugkoppelingsgesprekken met 10 ouders/gezinnen in behandeling bij v-GGZ (Erasmus MC, PsyQ, Antes) over screening, monitoring en digitale persoonlijke gezondheidsomgeving.
• Project 3: Interviews en terugkoppelingsgesprekken met 10 gezinnen die eerder deelnamen aan het Connect2Grow-project, waarin naast screening en monitoring ook aandacht was voor levensloop.
Interventies
Het screeningsproces is samen met patiënten en professionals doorlopen en geëvalueerd.
Resultaten
Het project biedt inzicht in belemmerende en faciliterende factoren bij ouders, kinderen en zorgverleners rondom screening, monitoring en zorgtoeleiding. Ouders ervaren schaamte en angst om open te zijn, maar waarderen gesprekken over ouderschap. Zorgverleners erkennen het belang van gezinsgericht werken, maar stuiten op tijdsdruk en beperkte samenwerking tussen instanties. Er is behoefte aan korte, duidelijke screeningsinstrumenten, betere samenwerking tussen v-GGZ en jeugdhulp, scholing en structurele aandacht voor het gezinsleven. Deze inzichten zijn vertaald naar een praktische handreiking voor professionals en gezinnen, om het effect van psychiatrische problemen binnen gezinnen bespreekbaar te maken en waar nodig passende ondersteuning te bieden.
Discussie
Vroegtijdige signalering en zorgtoeleiding bij KOPP blijft complex. Screening via vragenlijsten blijkt niet eenvoudig. Gesprekken over ouderschap en zorgen over kinderen vragen tijd en aandacht in de behandelkamer en samenwerking met andere domeinen, zoals jeugdhulp en wijkteams. Dit is
uitdagend in tijden van lange wachttijden en personeelstekorten. Tegelijkertijd is de gezinssituatie onlosmakelijk verbonden met het functioneren van de patiënt. Van professionals vraagt dit domeinoverstijgend werken. Het normaliseren van een gezinsgerichte benadering binnen de v-GGZ is een eerste stap naar betere verbinding tussen volwassen GGZ en jeugdhulp. Het onderzoek formuleert concrete aanbevelingen om deze samenwerking en aandacht voor gezinnen structureel te verbeteren.
Tips voor collega’s die een soortgelijk project (gaan) uitvoeren
- Ethische toetsing onderzoek: het huidige onderzoek bevond zich op de grens van zorginnovatie en wetenschappelijk onderzoek. Hierbij zijn afwegingen gemaakt op basis van financiering en beschikbare middelen om het project in te steken als wetenschappelijk onderzoek. Het is goed om bij dergelijk onderzoek bewust te zijn van de voor- en nadelen van beiden invalshoeken.
- Werving: Besteed veel tijd en energie aan de werving van deelnemers. Het is essentieel om het bewustzijn over het project hoog te houden, zowel op de afdelingen als bij de professionals die gezinnen gaan includeren. Dit helpt bij het aantrekken van de juiste deelnemers en zorgt voor een breder draagvlak.
- Betrokkenheid vergroten: Investeer in het vergroten van de betrokkenheid bij de netwerksessies en blijf actief investeren in het betrekken van ervaringsdeskundigen. Zij brengen waardevolle perspectieven die de kwaliteit van het project aanzienlijk kunnen verbeteren.
- Gebruik van kwalitatieve methoden: De Nominal Group Technique (NGT) bleek een efficiënte en effectieve manier om het groepsproces te analyseren en te stroomlijnen. Deze anti-hiërarchische methode verzamelt en analyseert diverse perspectieven zonder groepsdruk, zodat de meningen van alle groepsleden gelijkwaardig worden behandeld. Dit maakt NGT bijzonder geschikt voor situaties waarin het belangrijk is dat elke stem gehoord wordt. Investeren in transcriberen: Investeer tijd en middelen in het uitwerken van transcripten of gebruik een tool die transcriberen automatiseert. Dit kan veel tijd en geld besparen, en het zorgt ervoor dat de data sneller beschikbaar is voor verdere analyse. Het is een belangrijke investering in de efficiëntie van het project.
Aanbevelingen
Gezinsgericht werken in de v-GGZ
o Veranker gezinsgericht werken binnen de organisatie en behandeltrajecten.
o Stimuleer samenwerking tussen volwassen-GGZ en jeugdhulp.
o Zorg voor gerichte trainingen voor zorgprofessionals.
KOPP en ouderschap in de spreekkamer
o Bespreek ouderschap en psychische problemen in een vertrouwensrelatie.
o Gebruik betrouwbare bronnen van informatie, zoals kopopouders.nl.
o Werk samen met andere zorgdomeinen en maak duidelijke afspraken.
Screening en monitoring
o Ontwikkel toegankelijke screeningsinstrumenten.
o Maak gebruik van digitale middelen met aandacht voor privacy.
o Gebruik korte, begrijpelijke vragenlijsten en bespreek deze met het gezin.
o Deze aanbevelingen vragen om structurele verandering en samenwerking tussen zorginstellingen, professionals en beleidsmakers.