Cost-effectiveness of minimal interventional procedures for patients with chronic low back pain
Mechanische lage rugpijn is pijn die ontstaat in de wervelkolom. Chronische pijn betekent dat de klachten langer dan 3 maanden aanhouden.
Onderzoek
Bij patiënten met chronische mechanische lage rugpijn worden vaak minimaal interventionele procedures toegepast. Hierbij worden zenuwen geblokkeerd, waardoor de pijn vermindert. Deze minimaal interventionele procedures worden vaak gecombineerd met een multidisciplinair programma, waar ook fysiotherapie en eventueel een psychologische behandeling toe behoren. Het is onduidelijk of deze behandeling (kosten-)effectief is.
Resultaten
In dit onderzoek wordt het multidisciplinaire pijnprogramma met minimaal interventionele procedures vergeleken met het multidisciplinaire pijnprogramma zonder minimaal interventionele procedures. Uitkomsten zijn pijn intensiteit, lichamelijk functioneren en kwaliteit van leven en kosten. Patiënten met chronische mechanische lage rugpijn worden 1 jaar gevolgd om te kijken of ze op deze uitkomsten verbeteren.
De studie loopt van 1 januari 2012 tot 1 januari 2016.
Verslagen
Voortgang
De MinT (Minimale INterventionele Therapie) studie is een onderzoek naar de toegevoegde waarde van minimale interventionele procedures in een multidisciplinair pijnprogramma bij patiënten met chronische mechanische lage rugklachten. Mechanische lage rugpijn komt voort uit enkelvoudige bronnen: facet gewricht, discus, sacro-iliacaal gewricht of een mengbeeld hiervan. Bij patiënten met dit type rugklachten worden minimale interventionele procedures, waarbij de zenuwuiteinden in de lage rug worden geblokkeerd, met regelmaat uitgevoerd in een multidisciplinaire setting. De effectiviteit van deze procedures is onduidelijk en de kosteneffectiviteit onbekend. In dit onderzoek wordt daarom een multidisciplinair pijnprogramma (bestaande uit een 3-maanden durend fysiotherapieprogramma) met minimaal interventionele procedures vergeleken met het multidisciplinaire pijnprogramma zonder minimaal interventionele procedures in drie gerandomiseerde trials (voor facet-, sacro-iliacale gewrichtsproblematiek of een mengbeeld van facet- SI- of discusproblematiek). In totaal zullen aan deze drie studies 612 patiënten deelnemen. Daarnaast vindt een observationele studie plaats over het totale verloop van deze patiëntenpopulatie in de pijnkliniek. De primaire uitkomstmaten zijn pijn intensiteit, ervaren herstel, lichamelijk functioneren, kwaliteit van leven en kosten. Deze uitkomsten worden gemeten op 3, 6, 9 en 12 maanden na de start van de behandeling.
Eindverslag
Het doel van dit project was te onderzoeken of minimale interventionele procedures toegevoegd aan een multidisciplinair pijnprogramma voor patiënten met chronische lage rugklachten effectiever en kosteneffectiever zijn in vergelijking met een multidisciplinair pijnprogramma alleen. 16 pijnklinieken deden mee aan de studie. Vier deelstudies werden uitgevoerd naar deze behandeling voor pijn vanuit de sacro-iliacaal en facet gewrichten, tussenwervelschijf en een combinatie daarvan. Een studie werd voortijdig afgebroken omdat er geen patienten met pijn veroorzaakt door de tussenwervelschijf werden geidentificeerd. De andere studies liet zien dat RF denervatie toegevoegd aan een gestandaardiseerd beweegprogramma op korte termijn (3 maanden) maar niet op lange termijn (6, 9 en 12 maanden) effecten laat zien voor patienten met chronisch lage rugklachten voortkomend uit de sacro-iliacaal gewrichten en de combinatie van de facet gewrichten, sacro-iliacaal gewrichten en de tussenwervelschijven. RF denervatie is niet effectief gebleken in de behandeling van chronisch lage rugklachten voortkomend uit de facetgewrichten. RF denervatie voor chronisch lage rugklachten toegevoegd aan een gestandaardiseerd beweegprogramma is niet kosten-effectief gebleken.