Mobiele menu

Cost-effectiveness of selecting compatible donor blood in Rhc- end RhE negative females during and before reproductive age to prevent hemolytic disease in the newborn (HDN).

Passen de bloedgroep (A, B, AB of O) en resusfactor (resus D) van donorbloed niet bij die van de ontvanger, dan vormt de ontvanger afweerstoffen tegen het donorbloed en ontstaat er afbraak van de bloedcellen. Bij een zwangere vrouw die ooit afweerstoffen heeft aangemaakt tegen donorbloed, kunnen deze afweerstoffen ook de bloedcellen afbreken van haar ongeboren kind als dit bloed heeft dat niet ‘past’ bij dat van de zwangere. Het kind wordt dan geboren met zogeheten hemolytische ziekte, een kostbare aandoening. Naast ABO en resus D zijn er nog meer bloedkenmerken die een afweerreactie kunnen oproepen. De belangrijkste daarvan zijn resus c en E. Bij bloedtransfusies wordt momenteel geen rekening gehouden met deze factoren. Hierdoor worden er jaarlijks (enkele) baby’s geboren met hemolytische ziekte. Het onderzoek van Sanquin heeft berekend dat het loont om bij bloedtransfusies bij vrouwen die nog kinderen kunnen krijgen, ook rekening te houden met de bloedkenmerken resus c en E.

Producten

Titel: Effect of screening for red cell antibodies, other than anti-D, to detect hemolytic disease of the fetus and newborn: a population study in the Netherlands.
Auteur: Koelewijn JM, Vrijkotte TG, van der Schoot CE, Bonsel GJ, de Haas M.
Magazine: Transfusion
Titel: OPZI versalg
Auteur: Birnie E, Bonsel G, de Haas M, Koelewijn J, van der SChoot CE, Vrijkotte TGM

Verslagen


Eindverslag

Op het ogenblik wordt bij iedere transfusie alleen rekening gehouden met de ABO-bloedgroep en de Rh-factor (Rheus D). Dit betekent dat na iedere bloedtransfusie iemand een antistof kan maken tegen andere bloedgroepantigenen, zoals de Rhesusantigenen c en E. Wanneer een zwangere vrouw vroeger een bloedtransfusie heeft gehad, kan zij antistoffen hebben gemaakt die gericht zijn tegen de rode bloedcellen van het kind. Deze kunnen bij het kind de hemolytische ziekte van de pasgeborene veroorzaken, een ziekte die mits tijdig ontdekt meestal wel behandeld kan worden, maar met grote kosten en ook risico’s, bijvoorbeeld behandeling door bloedtransfusies aan het kind in de baarmoeder. Wanneer we bij het geven van bloed aan alle meisjes en vruchtbare vrouwen ook rekening zouden houden met andere antigenen, zouden deze ziektegevallen voorkomen kunnen worden. Voor het bloedgroepantigeen K is om die reden al besloten, dat alle vrouwen <45 jaar K-negatief bloed krijgen toegediend. Omdat we uit eerdere studies weten dat het behalve antiK- en antiD-antistoffen vooral antiRhc en anti-RhE zijn die HZP veroorzaken is in dit project onderzocht hoeveel ziektes en kosten voor het opsporen en behandelen van deze ziektes kunnen worden voorkomen wanneer alle vrouwen < 45 jaar c en/of E compatibel bloed toegediend krijgen.

Kenmerken

Projectnummer:
94504608
Looptijd: 100%
Looptijd: 100 %
2004
2006
Onderdeel van programma:
Gerelateerde subsidieronde:
Projectleider en penvoerder:
Prof. dr. C.E. van der Schoot
Verantwoordelijke organisatie:
Universitair Medisch Centrum Utrecht