Mobiele menu

De organisatie van interdisciplinaire (kinder)zorg in de eerste lijn in verschillende samenwerkingsvormen

Projectomschrijving

Paramedisch Kindercentrum Sittard, Kinderpraktijk Breda en Kinderfysiotherapie Middelburg maken gebruik van het zelfde interdisciplinair cliëntgecentreerd zorgproces bij kinderen met complexe zorgvragen in de eerste lijn. Bij de implementatie en borging van het zorgproces lopen ze tegen knelpunten aan die verschillend van aard zijn omdat de organisatiestructuur verschillend is. Er zijn zorgverleners die samenwerken vanuit één locatie, maar ook zorgverleners die naar een gemeenschappelijke locatie gaan om samen te werken en zorgverleners die juist virtueel samenwerken.

Doel
Borgen van organisatorische randvoorwaarden voor samenwerking en het verbreden van de keten naar andere domeinen van zorg en/of onderwijs. Aan het einde van het project zijn knelpunten in kaart gebracht en oplossingsstrategieën voor de bedrijfskundige en organisatorische knelpunten ontwikkeld en (deels) geëvalueerd.

Samenwerking
Het project wordt in samenwerking met kenniskring autonomie en participatie van mensen met een chronische ziekte, Zuyd Hogeschool en Stichting Robuust uitgevoerd.

Verslagen


Eindverslag

Aanleiding: Bij samenwerking richten zorgprofessionals zich in eerste instantie op de inhoud van de zorg. Maar een goede organisatie en ondernemerschap zijn ook heel belangrijk. In een project hebben drie samenwerkingsverbanden op een systematische wijze gewerkt aan het verbeteren van hun organisatie. Het project is uitgevoerd binnen het ZonMw programma Op één lijn.
De drie verschillende interdisciplinair samenwerkingsverbanden maakten gebruik van het zelfde interdisciplinair cliënt gecentreerd zorgproces bij kinderen met complexe zorgvragen in de eerste lijn. Het doel van het project was het in kaart brengen van organisatorische randvoorwaarden voor samenwerking, waarbij knelpunten in kaart worden gebracht en oplossingsstrategieën voor de organisatorische knelpunten worden ontwikkeld en (deels) geëvalueerd.

Methode: Het project was op gebouwd uit vier fasen volgens de PDCA-cyclus (Plan-Do-Check-Act). Daarbij is gebruikt gemaakt van een nieuw ontwikkeld stappenplan waarbij per samenwerkingsverband visueel weergegeven wordt hoe de organisaties eruit zien. Het stappenplan geeft weer welke competenties (interdisciplinaire zorg, gezamenlijk ondernemen en praktijk overschrijdende zaken) aanwezig zijn binnen het samenwerkingsverband. In de eerste fase van het project werden aan de hand van interviews en korte vragenlijsten knelpunten op elk niveau in kaart gebracht. Op basis van de nulmeting heeft elk samenwerkingsverband actiepunten geformuleerd. Op basis van literatuuronderzoek, inventarisatie best practices en het uitnodigen van experts heeft elk samenwerkingsverband oplossingstrategieën gekozen en (deels) geïmplementeerd. Elk samenwerkingsverband heeft in haar jaarplan actiepunten opgenomen die gericht zijn op de integrale verantwoordelijkheid en juridische structuur.

Resultaten: De organisatorische aspecten van samenwerken hebben op de drie locaties gedurende de looptijd van het project volop de aandacht gekregen. Dit heeft geleid tot meer oog en aandacht voor de verschillende aspecten van geformaliseerde samenwerking. Het in kaart brengen van de status van het samenwerkingsverband middels het stappenplan op de drie gebieden inhoudelijke zorg, ondernemerschap en organisatie heeft veel tijd gekost en geleid tot het formuleren van actiepunten die bijdragen aan het stabieler maken van de samenwerkingsverband op de drie locaties. Daarnaast heeft het kennen en ervaren van elkaars competenties en de competenties die nodig zijn voor een succesvolle levering van interdisciplinaire zorg, er toe geleid dat taken en verantwoordelijkheden van de organisatorische, financiële en zorginhoudelijke aspecten van de samenwerking verdeeld zijn

Conclusie: Het op een systematische wijze aandacht besteden aan de organisatie van de samenwerkingsverbanden aan de hand van het visuele stappenplan heeft goed gewerkt. Het gebruik van schema’s en eenvoudig taalgebruik door experts om complexe materie rondom organisatie bij zorgprofessionals, die gericht zijn op de inhoud van de zorg, werkt verhelderend. Op deze wijze was het mogelijk dat zorgprofessionals die niet gewend waren om met deze moeilijke materie te laten werken aan gezamenlijk ondernemen en praktijk overstijgend organiseren.

Het project is gestart met het onderzoeken van de situatie bij de drie samenwerkingsverbanden. Hierbij is o.a. geconstateerd dat de zorgvisie en het ondernemingsplan nog niet concreet genoeg waren om te starten met het uitwerken van passende organisatorische randvoorwaarden en juridische structuur. Het project heeft hen handvaten gegeven om dit alsnog versneld te definiëren. Hierdoor ontstaat een gedegen fundament, op basis waarvan experts ingezet zullen worden. Het project zal hierdoor een iets langere doorlooptijd hebben, het aantal dagen en de kosten zullen hierdoor niet beïnvloed worden

Samenvatting van de aanvraag

Achtergrond: De samenwerkingsverbanden Paramedisch Kindercentrum Sittard, Kinderpraktijk Breda en Kinderfysiotherapie Middelburg, hebben het initiatief genomen tot het opzetten van centra die zorg dragen voor een interdisciplinair patiëntgecentreerd zorgproces voor kinderen met complexe zorgvragen in de eerste lijn. Ze lopen bij de implementatie en borging van het zorgproces tegen organisatorische knelpunten aan. Tevens hebben ze de wens om de ontwikkelde zorgketen te verbreden naar andere domeinen, zoals onderwijs en GGZ 2e lijns gezondheidszorg. De knelpunten zijn bij de samenwerkingsverbanden deels hetzelfde en deels verschillend van aard omdat de fase van implementatie van het zorgproces en de organisatiestructuur van de samenwerkingsverbanden verschillend is: zorgprofessionals die samenwerken vanuit één locatie, zorgprofessionals die om samen te werken naar een gemeenschappelijke locatie gaan en zorgprofessionals die meer virtueel samenwerken. Zo is het niet duidelijk wie waar voor bestuurlijk verantwoordelijk is en welke juridische structuur bij de diverse samenwerkingsvormen past. Bovendien zijn er geen afspraken over hoe onderling overleg gepland en bekostigd moet worden en hoe gemonitord kan worden of alles gebeurt zoals afgesproken is. De knelpunten die de samenwerkingsverbanden ervaren, overstijgen de individuele professie en doelgroep. Cliënten met complexe zorgvragen worden steeds vaker verwezen naar meerdere paramedici in de eerste lijn. In een recent afgesloten tweejarig RAAK project (RAAK staat voor Regionale Aandacht en Actie voor Kennis circulatie, een regeling vanuit het Ministerie van OCW) heeft samenwerkingsverband ParaMedisch KinderCentrum Sittard en de Kenniskring Autonomie en Participatie van chronisch zieken van Hogeschool Zuyd, een (generiek) interdisciplinair zorgproces en bijbehorende producten ontwikkeld binnen een pilot voor kinderen met complexe zorgvragen. Het zorgproces is door de samenwerkingsverbanden voor de doelgroep kinderen in Breda en Middelburg overgenomen. De doelstelling van dit project is het borgen van de organisatorische randvoorwaarden voor interdisciplinaire samenwerking in de eerste lijn bij drie verschillende soorten samenwerkingsverbanden en het verbreden van de keten,in eerste instantie voor de doelgroep kinderen, naar andere domeinen van zorg en/of onderwijs. Methode : Het project wordt op basis van een Plan-Do-Check-Act (PDCA) cyclus vormgegeven. Er wordt informatie verzameld om de unieke knelpunten van de deelnemende samenwerkingsverbanden verder uit te diepen en aan te scherpen door middel van een SWOT analyses; het uitvoeren van interviews met de ouders van kinderen, zorgprofessionals, en andere stakeholders zoals huisartsen, psychologen en leerkrachten in het basisonderwijs. De bedrijfskundige en organisatorische knelpunten zullen vervolgens geordend worden aan de hand van het ISO-kwaliteitsmanagementmodel (directe verantwoordelijkheid; management van middelen; realiseren van het product; meting, analyse en verbetering). Hierbij wordt ook aandacht besteed aan de verbreding van de keten door de organisatie van communicatie- en verwijslijnen naar nieuwe partners binnen een brede aanpak. Op basis van de resultaten van de SWOT analyses stellen de samenwerkingsverbanden doelen op voor de projectperiode, tenminste gericht op het realiseren van integrale verantwoordelijkheid en juridische binding van de samenwerkende disciplines. Oplossingen die meer tijd nodig hebben dan de duur van dit project nemen de samenwerkingsverbanden mee in hun meerjarenplanning. In de volgende fase selecteren de samenwerkingsverbanden op basis van literatuur, best practices en een expertmeeting, oplossingen die passen bij hun eigen knelpunten en situatie. Een aantal oplossingen wordt geïmplementeerd, geëvalueerd en bijgesteld. Het uitgangspunt is dat zoveel mogelijk gebruik gemaakt wordt van toepasbare randvoorwaarden en (financiële) mogelijkheden ter bevordering van een effectieve implementatie. Dit gebeurt in overleg met de zorgverzekeraar CZ om mogelijk financiële belemmeringen bij de implementatie te bespreken. Resultaat: Aan het einde van het project zijn de knelpunten in kaart gebracht en oplossingsstrategieën voor de bedrijfskundige en organisatorische knelpunten ontwikkeld en (deels) geëvalueerd om interdisciplinaire samenwerking rondom clienten met complexe zorgvragen toekomstbestendig te borgen. De oplossingsstrategieën zijn bruikbaar voor doelgroepen met meervoudige zorgvragen in de eerste lijn, juist omdat ze ontwikkeld zijn bij verschillende samenwerkingsvormen. De gehanteerde systematiek in dit project en de resultaten van de fasen (oplossingen voor de knelpunten) worden vastgelegd in een leidraad. In samenwerking met Stichting Robuust en Hogeschool Zuyd organiseren de samenwerkingsverbanden na afloop van het project een symposium.

Onderwerpen

Kenmerken

Projectnummer:
154012226
Looptijd: 100%
Looptijd: 100 %
2012
2013
Onderdeel van programma:
Gerelateerde subsidieronde:
Projectleider en penvoerder:
P.E.J. Ummels
Verantwoordelijke organisatie:
Stichting Paramedische Kinderzorg Limburg