Mobiele menu

Depression in chronically ill elderly

Depressie komt veel voor bij ouderen, met name bij ouderen met een chronische aandoening (diabetes, COPD). Depressies leiden tot extra ziektekosten en een afname van de kwaliteit van leven. Depressies bij ouderen zijn in een vroeg stadium goed te behandelen. Veel patiënten krijgen echter geen behandeling doordat de depressie niet wordt herkend en/of niet optimaal wordt behandeld. In Maastricht is de effectiviteit getest van een nieuwe strategie om depressies bij ouderen in een vroeg stadium te herkennen en te behandelen. Hierbij werden 361 ouderen met een lichte depressie opgespoord in huisartsenpraktijken. De helft van hen kreeg de gebruikelijke zorg, de anderen helft kreeg een aanpak waarbij gespecialiseerde verpleegkundigen de ouderen tijdens 10 huisbezoeken leerden omgaan met de depressieve gevoelens. Deze aanpak werd erg gewaardeerd, bleek de ernst van de depressieve klachten beter onder controle te houden dan de gebruikelijke behandeling en was kosteneffectief.

Producten

Titel: The psycho-pharmalogical treatment of patients with chronic disease: What is good clinical practice?
Titel: The psychological treatment of patients with chronic disease: What is good clinical practice?
Titel: Depressie, algemene introductie en theorie
Titel: The usefulness of the PHQ-9 as a screening instrument for depression in chronically ill elderly people
Titel: Short-term effects of a self-management intervention to reduce depression in chronically ill elderly patients
Titel: Procesevaluatie: Waardering van patiënten voor de Delta-interventie
Titel: Applying a self-management intervention to reduce levels of depression: dose delivered and dose received in the DELTA study
Titel: Depressie bij chronisch zieke ouderen
Titel: Short-term effects of a self-management intervention to reduce depression in chronically ill elderly patients
Titel: Evaluation of a Minimal psychological intervention in chronically ill elderly people with minor depression
Titel: Evaluation of a nurse applied Minimal Psychological Intervention in chronically ill older persons with non-severe depression
Titel: Korte termijn effecten van Delta: Een zelfmanagement interventie gericht op het verminderen van depressie in chronisch zieke ouderen
Titel: Het toepassen van een zelfmanagement interventie: Dose delivered en dose received in de Delta-studie
Titel: PHQ-9 was a reliable and valid screening instrument for depression in a population of elderly patients with a chronic illness
Magazine: Journal of Clinical Epidemiology
Titel: Effectiveness and cost-effectiveness of a minimal psychological intervention to reduce non-severe depression in chronically ill elderly patients: the design of a randomised controlled trial [ISRCTN92331982]
Magazine: BMC Public Health
Titel: Depression in chronically ill elderly patients: feasibility and acceptability of a nurse-led minimal psychological intervention
Magazine: Patient Education and Counseling
Titel: The ideal of biopsychosocial chronic care: How to make it real? A qualitative study among Dutch stakeholders
Auteur: Anneke van Dijk-de Vries, Albine Moser, Vera-Christina Mertens, Jikke van der Linden, Trudy van der Weijden, Jacques TM van Eijk
Titel: Development and feasibility of a nurse administered strategy on depression in community-dwelling patients with a chronic physical disease
Magazine: Patient Education and Counseling
Titel: The effect of psychological interventions on depression in adult elderly persons with a chronic somatic condition: a systematic review
Magazine: Archives of General Psychiatry
Titel: Experienced physical functioning of COPD patients: The influence of severity of the disease and socioeconomic status
Titel: Psychiatrische co-morbiditeit bij depressieve patiënten met COPD of Diabetes Mellitus type II
Titel: Diagnostiek en interventie bij chronisch zieken met depressie
Titel: Experienced physical functioning of COPD patients: The influence of severity of the disease and socioeconomic status
Titel: Syllabus: Zelfmanagement ondersteuning bij chronisch zieken met depressie

Verslagen


Eindverslag

Depressie komt veel voor bij ouderen, vooral bij ouderen met een chronische ziekte. Depressie heeft daarnaast ook een hoge ziektelast, zoals blijkt uit de vele functionele beperkingen en de hogere medische consumptie. Depressie zorgt daarmee voor relatief hoge kosten in de gezondheidszorg. Ook geeft depressie verhoogde sterfte kans. Tegelijkertijd is depressie goed te behandelen en daarom is er veel winst te boeken als depressie in een vroeg stadium wordt aangepakt. Het probleem is nu dat depressie met name bij chronisch zieke ouderen vaak onopgemerkt blijft en daardoor onbehandeld. In de DELTA studie is een aanpak voor depressie getest en is gekeken of mensen daardoor minder depressief werden. Ook is gekeken welke kosten met zo’n aanpak gemoeid zijn. Ten slotte is gekeken naar tevredenheid van patiënten en problemen en obstakels die zich kunnen voordoen als deze nieuwe aanpak in de gezondheidszorg wordt ingevoerd. In totaal namen aan deze studie 361 licht depressieve patiënten van 60 jaar of ouder met diabetes type II of COPD deel, gelijk verdeeld over een controle en interventie groep. Patiënten uit de interventie groep ontvingen de nieuw ontwikkelde aanpak. Deze behelst vooral hulp bij het zelf leren hanteren van depressieve gevoelens (zelf-management) door apart hiervoor getrainde verpleegkundigen. De verpleegkundigen gingen maximaal tien keer bij de deelnemers op huis bezoek een periode van maximaal drie maanden. Het aantal huisbezoeken was afhankelijk van hoe snel de aanpak aansloeg. Patiënten uit de controle groep kregen gebruikelijke zorg die ze altijd al kregen van hun huisarts. Om te kunnen testen of patiënten baat hadden bij de nieuwe aanpak, werden gegevens verzameld over depressieve symptomen, kwaliteit van leven en dagelijks functioneren. Daarvoor deden wij metingen voor de start van de behandeling en respectievelijk 1 week, drie en negen maanden daarna. Gegevens over de kosten werden regelmatig verzameld met een kostendagboekje waarmee we een schatting konden maken van de kosten over een heel jaar. Kosten bestonden uit programma kosten, kosten van gezondheidszorg, patiënt- en familiekosten (bijvoorbeeld reiskosten) en kosten als gevolg van productiviteitsverlies. Gegevens over patiënttevredenheid en problemen met de uitvoering van de zorg werden verzameld door middel van vragenlijsten en een groepsinterview met alle betrokken verpleegkundigen. Personen uit de interventie groep bleken 9 maanden na de interventie gemiddeld minder symptomen van depressie te hebben dan personen uit de controle groep. Dit bleek met name te gelden voor patiënten met diabetes. Personen uit de interventie groep bleken gemiddeld tevens minder vaak achteruit te gaan qua dagelijks functioneren dan personen uit de controle groep. Bij diabetes patiënten bleek na negen maanden gemiddeld een verbetering in kwaliteit van leven zichtbaar. De gemiddelde kosten gedurende een jaar bleken bij personen die met deze nieuwe zorg te maken kregen lager te liggen dan in de controle groep, maar het verschil in kosten is niet groot. Deze aanpak maakt de kosten in de zorg dus zeker niet duurder, eerder goedkoper. De interventie is kosteneffectief, want in vergelijking met de controle groep lijken de kosten geringer en zijn de resultaten wat betreft de symptomen van depressie beter. De daling in kosten vond vooral bij COPD patiënten plaats, terwijl de stijging in effecten voornamelijk bij de diabetes patiënten optrad. Verder bleek dat patiënten en verpleegkundigen de interventie erg waardeerden. Van de patiënten die de nieuwe vorm van zorg hebben gekregen, zou 94% deze zorg aan andere chronisch zieken aanbevelen. Uit de gegevens van ons onderzoek kan geconcludeerd worden dat de interventie goed uitvoerbaar, acceptabel en (kosten)effectief is. Deze nieuwe aanpak voorziet duidelijk in een behoefte van hulpverleners (met name verpleegkundigen) en vooral van patiënten. Resultaten van onze studie ondersteunen daarmee verdere integratie van zelfmanagement onderst

Kenmerken

Projectnummer:
94503047
Looptijd: 100%
Looptijd: 100 %
2003
2006
Onderdeel van programma:
Gerelateerde subsidieronde:
Projectleider en penvoerder:
Prof. dr. J.TH.M. van Eijk
Verantwoordelijke organisatie:
Maastricht University