Mobiele menu

Een diagnostisch protocol voor duizeligheid bij bejaarden in de huisartsgeneeskundige praktijk.

Jaarlijks consulteert 1 op de 11 65-plussers de huisarts voor duizeligheid. Bij ruim 40% kan de huisarts geen diagnose stellen. In de NHG-standaard worden enige diagnostische testen geadviseerd, maar de toegevoegde waarde en evidentie van de afzonderlijke testen is onduidelijk.

Doel

Dit project was erop gericht om een in de huisartspraktijk gemakkelijk toepasbare diagnostische strategie te ontwerpen en vervolgens te testen in een cross-sectioneel en prospectief onderzoek.

Werkwijze

De resultaten van een systematisch diagnostisch review zijn voorgelegd aan een internationaal deskundigenpanel. Dit panel selecteerde 21 diagnostische testen die mogelijk van belang zijn bij de diagnostiek van duizeligheid.  Deze tests zijn uitgevoerd bij 65-plussers met duizeligheidsklachten en een controlegroep. De uitkomsten zijn voorgelegd aan een tweede deskundigenpanel om een diagnose te stellen, de prognose te schatten en de gevoeligheid voor behandeling vast te stellen.

Resultaat

De eerste analyse lijkt erop te wijzen dat onderscheid mogelijk is in 5 diagnostische groepen. Het is nog onduidelijk of deze groepen prognostische en diagnostische betekenis hebben.

Het lijkt dat anamnestische gegevens meer onderscheidend zijn dan lichamelijk en aanvullend onderzoek. In het diagnostisch proces bij duizeligheid bij ouderen moet de focus liggen op anamnese. Vervolgens kan de huisarts bij subgroepen bepaalde diagnostiek en beleid inzetten. Vanwege de onvoltooide analyse zijn exacte diagnostische aanbevelingen niet mogelijk.

Verslagen


Eindverslag

Uit analyse van de gegevens van de tweede nationale studie naar klachten en verrichtingen in de huisartspraktijk blijkt dat duizeligheid vaak een aanleiding vormt voor een huisartsconsult, m.n bij ouderen. Met de leeftijd stijgt de incidentie van de op het spreekuur gerapporteerde klacht duizeligheid. Een op de elf mensen, ouder dan 65 consulteert de huisarts in een jaar tijd voor een nieuwe episode van duizeligheid. Bij ruim 40% van deze mensen kan de huisarts geen diagnose stellen. In de internationale wetenschappelijke literatuur is ook weinig empirisch diagnostisch onderzoek beschikbaar. We deden een systematische diagnostische review en legden de resultaten daarvan voor aan een internationaal deskundigenpanel met behulp van een gestructureerde Delphi procedure. Het panel selecteerde 21 diagnostische testen , die mogelijk van belang kunnen zijn bij de diagnostiek van duizeligheid. Het betreft zowel anamnestsche gegevens, als fysische diagnostiek als aanvullend functieonderzoek. Deze testen voerden we vervolgens uit bij 430 duizelige bejaarden en 120 niet duizelige controlepersonen, gematched op leeftijd en geslacht. De opbrengst van deze testen legden we voor aan een tweede deskundigenpanel om een diagnose te stellen, de prognose te schatten en de gevoeligheid voor behandeling vast te stellen. De eerste analyse lijkt erop te wijzen dat vijf, min of meer homogene diagnostische groepen kunnen worden onderscheiden op basis van de testuitkomsten en demografische kenmerken. Correlatie met het oordeel van het tweede panel en met follow/up gegevens van de patienten zelf en uit de huisartspraktijk moet duidelijk maken of de gevonden groepen prognostische en diagnostische betekenis hebben. Dit project is nog niet voltooid. De dataverzameling is wel gereed en inhoudelijk volgens plan verlopen. Zoals eerder gemeld zijn bij de data verzameling vertragingen opgelopen. De voorgenomen inclusie is echter uiteindelijk succesvol afgerond. Een onvooriene vertraging trad voorts op bij het verwerven van het tweede paneloordeel. De gevraagde inspanning van de panelleden bleek aanzienlijk groter dan verwacht. Uiteindelijk is ook dit gedeelte van het onderzoek succesvol afgerond, maar de laatste oordelen werden pas in september 2008 verkregen, waarna we konden starten met de analyses. Op dit moment zijn gereed 1. de analyse van de tweede nationale studie 2. een systematisch literatuuronderzoek naar diagnostische studies, over de klacht duizeligheid 3. de Delphi-procedue onder een internationaal deskundigenpanel 4. een extra analyse naar de diagnostische waarde van de monofilamententest bij veronderstelde sensibiliteitsstoornissen (een van de door het panel genoemde testen). De laatste hand wordt thans gelegd aan de latent class analysis van de transversale diagnostische gegevens uit ons empirisch onderzoek, aan de analyse van de gegevens van het tweede deskundigenpanel en aan het ambispectieve onderzoek in de database van het netwerk van huisartsen van de UvA. Daarna volgt nog een multivariate analyse van de relatie tussen het oordeel van het tweede panel, de followup gegevens en de transversale diagnostische data. Waarschijnlijk volgen tevens meerdere analyses over de betekenis van samenhangende diagnostische testen in meer homogene patientengroepen. De nog lopende en geplande analyses zullen we verrichten met bijdragen uit eigen middelen.
De inclusie is vrijwel voltooid en zal in october 2007 worden beeindigd. Er zijn dan 420 bejaarden, die bij de huisarts komen in verband met duizeligheidsklachten en 120 niet-duizelige bejaarde vrijwilligers geincludeerd. Het verzamelde materiaal wordt dan bewerkt en in het voorjar van 2008 voorgelgd aan een panel van deskundigen. Dit panel dient als referentiestandaard, waarna met behulp van multivariate analyse een protocol kan worden opgesteld voor diagnostiek van duizeligheidsklachten bij ouderen. We streven naar een zodanig protocol, dat een huisarts het protocol kan uitvoeren in maximaal 20 minuten. Indien mogelijk wordt een triage-versie ontworpen, geschikt voor de telefoon en een voor een gewoon huisartsconsult (10 minuten).

Kenmerken

Projectnummer:
42000018
Looptijd: 100%
Looptijd: 100 %
2004
2008
Onderdeel van programma:
Gerelateerde subsidieronde:
Projectleider en penvoerder:
Prof. dr. H.E. Van der Horst
Verantwoordelijke organisatie:
Erasmus MC
Afbeelding

Alledaagse Ziekten

Zo’n 80% van de klachten waarmee patiënten naar de huisartsen-praktijk komen, zijn alledaagse klachten zoals buikpijn, een neerslachtige periode, wratten of slapeloosheid. Vanuit ons programma Alledaagse Ziekten financierden we onderzoek om adviezen en behandelingen wetenschappelijk te onderbouwen. Dit project is daar één van. Bekijk de andere projecten.