Mobiele menu

Efficacy of Medical Grade Honey to prevent Catheter Insertion Site Colonization of Intensive Care Patients

Bloedvergiftiging ten gevolge van kathetergebruik leidt tot extra ziektelast bij Intensive Care patiënten. Bacteriën afkomstig van de huid zijn een belangrijke veroorzaker van deze vorm van bloedvergiftiging.
In het Academisch Medisch Centrum te Amsterdam hebben wij bij IC patiënten onderzocht of het dagelijks aanbrengen van medicinale honing de bacteriële kolonisatie van de huid rondom de insteekplaats van katheters vermindert. Bij 129 patiënten is elke dag een gaasje met honing op de huid rondom de katheter aangebracht, en ter controle bij 106 patiënten een gaasje zonder honing. Elke dag hebben we met een wattenstok de huid afgestreken om het aantal bacteriën te bepalen. Als maat voor een eventueel effect van honing hebben we onderzocht hoe de kolonisatie was bij de laatste bemonstering vóór het verwijderen van de katheter of vóór het moment dat de patiënt de Intensive Care afdeling verliet.
Op dit moment worden de gegevens uitgewerkt, en wij verwachten op korte termijn de uitkomst van deze studie te kunnen geven.

Verslagen


Eindverslag

Lijnsepsis bij korttermijn centraal veneuze katheters (‘central venous catheters’, CVC) leidt tot aanzienlijke morbiditeit van Intensive Care (IC) patiënten. Bacteriële kolonisatie van de huid rond een katheterinsteekopeningen is één van de grootste risicofactoren voor het optreden van lijnsepsis, en treedt op bij ongeveer 30% van de patiënten. Plaatselijk aanbrengen van antibiotica/antiseptische middelen ter preventie van bacteriële kolonisatie heeft echter het risico van resistentieontwikkeling en wordt daarom sterk afgeraden. In een gecontroleerde, gerandomiseerde studie hebben wij onderzocht of dagelijks aanbrengen van medicinale honing (Revamil®) leidt tot het voorkomen van bacteriële kolonisatie van de huid rond de katheterinsteekopeningen bij IC–patiënten ten opzichte van de standaard catheterverzorging. Als uitkomstmaat hebben wij de kolonisatie van de huid op het laatste monstertijdstip onderzocht, dwz vóór het verwijderen van de catheter of voordat de patiënt de IC verlaat. Zowel in de honingbehandelde en de controlegroep was bij 34% van de patienten de laatst afgenomen kweek posititief. Geslacht, insertieduur van de katheter, lokatie van de katheter en kathetertype bleken wel een relatie te hebben met kweekpositiviteit, maar ook na correctie voor het effect van deze variabelen was er geen aantoonbaar effect van honing op kolonisatie. Dit betekent dat de onderzochte toepassingsmethode van honing niet effectief is voor reductie van kweekpositiviteit van de huid rondom katheterinsteekopeningen.

Lijnsepsis bij korttermijn centraal veneuze katheters (‘central venous catheters’, CVC) leidt tot aanzienlijke morbiditeit van Intensive Care (IC) patiënten. Bacteriële kolonisatie van de huid rond een katheterinsteekopeningen is één van de grootste risicofactoren voor het optreden van lijnsepsis, en treedt op bij ongeveer 30% van de patiënten. Plaatselijk aanbrengen van antibiotica/antiseptische middelen ter preventie van bacteriële kolonisatie heeft echter het risico van resistentieontwikkeling en wordt daarom sterk afgeraden. Doel van de voorgestelde gerandomiseerde studie is te bepalen of dagelijks aanbrengen van medicinale honing (Revamil®) leidt tot het voorkomen van bacteriële kolonisatie van de huid rond de katheterinsteekopeningen bij IC–patiënten ten opzichte van de standaard catheterverzorging. Primaire uitkomstmaat is kolonisatie van de huid op het laatste monstertijdstip, dwz vóór het verwijderen van de catheter of voordat de patiënt de IC verlaat.
Om een afname in het optreden van huidkolonisatie van 50% (i.e. van 30% naar 15% kolonisatie) vast te kunnen stellen, moeten 135 patiënten in zowel de honing– als de controle–groep geïncludeerd worden (totaal 270 patiënten). In het eerste projectjaar zijn de voorbereidingen voor de studie en het includeren van de patienten volgens schema verlopen.

Onderwerpen

Kenmerken

Projectnummer:
170991007
Looptijd: 100%
Looptijd: 100 %
2009
2011
Onderdeel van programma:
Gerelateerde subsidieronde:
Projectleider en penvoerder:
Dr. S.A.J. Zaat
Verantwoordelijke organisatie:
Amsterdam UMC - locatie AMC