Mobiele menu

Eigen Kracht Conferenties (EK-c’s) binnen de jeugdzorg: Kenmerken van het besluitvormingsmodel, uitvoering van de EK plannen en effectiviteit

Projectomschrijving

Doel

Het doel van dit onderzoek was om met een randomized controlled trial de (kosten)effectiviteit van EK-c’s na te gaan in termen van verbeterde kindveiligheid, versterking van het sociaal netwerk en empowerment van ouders, en reductie van professionele begeleiding en behandeling.
 

Resultaten

Samenvattend blijkt dat wanneer een EK-c standaard wordt aangeboden in het begin van het jeugdbeschermingstraject, in maar een klein deel van de gezinnen (27 procent) een conferentie daadwerkelijk tot stand komt. De gezinnen waar wel een conferentie was georganiseerd waren over het algemeen positief over de manier waarop dit was georganiseerd en over de conferentie zelf. De resultaten van de effectstudie laten vervolgens zien dat één maand na het tot stand komen van een hulpverleningsplan ouders in de EK-c groep aangaven meer steunbronnen te ervaren dan ouders in de controlegroep. Dit verschil was na drie en zes maanden niet meer zichtbaar. Wel hadden ouders in de EK-c groep na zes maanden meer vertrouwen in hun opvoedersrol dan ouders in de controlegroep. Verder neemt in beide groepen de veiligheid van kinderen in het gezin toe. De toevoeging van een EK-c zorgt hierbij niet voor meer, maar ook niet voor minder veiligheid dan de reguliere aanpak. Wat betreft de duur van het Jeugdbeschermingstraject bleek dat gezinnen in de EK-c groep langer begeleid worden door Jeugdbescherming dan gezinnen in de controlegroep. Tenslotte is gekeken of de kosten van een EK-c-traject opwegen tegen de opbrengsten. De uitkomst is dat de toevoeging van EK-c niet kosteneffectief is vergeleken met de reguliere aanpak.

Producten

Titel: Family group conferencing in youth care: characteristics of the decision making model, implementation and effectiveness of the Family Group (FG) plans
Auteur: Jessica J. Asscher, Sharon Dijkstra, Geert Jan J.M. Stams, Maja Deković and Hanneke E. Creemers
Magazine: BMC Public Health
Titel: A Randomized Controlled Trial on the Effectiveness of Family Group Conferencing in Child Welfare: Effectiveness, Moderators, and Level of FGC Completion
Auteur: Dijkstra, Sharon, Asscher, Jessica J., Dekovic, Maja, Stams, Geert Jan J. M., Creemers, Hanneke E.
Magazine: child maltreatment
Titel: The effectiveness of family group conferencing in youth care: A meta-analysis
Auteur: Dijkstra, Sharon, Creemers, Hanneke E., Asscher, Jessica J., Dekovic, Maja, Stams, Geert Jan J.M.
Magazine: Child Abuse & Neglect
Titel: Family group conferencing in Dutch child welfare: Which families are most likely to organize a family group conference?
Auteur: Dijkstra, Sharon, Creemers, Hanneke E., Asscher, Jessica J., Dekovic, Maja, Stams, Geert Jan J.M.
Magazine: Children & Youth Services Review
Titel: Cost-effectiveness of Family Group Conferencing in child welfare: a controlled study
Auteur: Dijkstra, Sharon, Creemers, Hanneke E., van Steensel, Francisca J. A., Dekovic, Maja, Stams, Geert Jan J. M., Asscher, Jessica J.
Magazine: BMC Public Health
Titel: Eigen Kracht conferenties bij Jeugdbescherming Regio Amsterdam: Totstandkoming en factoren die hieraan bijdragen.
Auteur: Dijkstra, S. & Dinkgreve, M.
Titel: Effectiviteit van Familienetwerkberaden in de jeugdzorg: Informatie over lopend onderzoek van de Universiteit van Amsterdam.
Auteur: Dijkstra, S.
Titel: Family Group Conferencing in youth care: Family and problem characteristics that make it happen
Auteur: Dijkstra, S.
Titel: Eigen Kracht-conferenties in de jeugdzorg: Slagingskans van een Eigen Kracht-conferentie en de invloed van gezinskenmerken hierop.
Auteur: Dijkstra, S.
Titel: De effectiviteit van Eigen Kracht conferenties in de jeugdzorg.
Auteur: Dijkstra, S.
Titel: Family Group Conferencing in youth care - Referral process in a Randomized Controlled Trial.
Auteur: Dijkstra, S.
Titel: Balancing the Scale of Responsibility - The Effectiveness of Family Group Conferencing in Child Welfare
Auteur: Sharon Dijkstra

Verslagen


Eindverslag

In Nederland worden Eigen Kracht Conferenties (EK-c’s) ingezet als besluitvormingsmodel in de (preventieve) jeugdbescherming. Het doel van een EK-c is om een gezin, samen het sociale netwerk, een plan te laten maken om problemen in het gezin aan te pakken. Hierbij ligt de regie over het maken van het plan en de uitvoering ervan bij het gezin en het netwerk. Op deze manier wordt gestreefd de veiligheid van kinderen in het gezin, de rol van het sociaal netwerk, en empowerment bij ouders te vergroten en zo de inzet van professionele zorg te verminderen. Echter, ondanks de wijde implementatie van EK-c’s is er geen consensus over de effectiviteit ervan. Het doel van dit onderzoeksproject was om de (kosten)effectiviteit van EK-c’s na te gaan, en daarnaast te onderzoeken welke kenmerken van de methodiek en de uitvoering van de EK-plannen samenhangen met de effectiviteit in termen van verbeterde kindveiligheid, versterking van het sociaal netwerk en empowerment van ouders, en reductie van professionele begeleiding en behandeling. Allereerst werd een meta-analyse uitgevoerd om te onderzoeken wat bekend is uit de nationale en internationale literatuur over de effectiviteit van Family Group Conferencing. Daarna werd het proces van het tot stand komen van een conferentie en de effecten van EK-c’s onderzocht met behulp van een Randomized Controlled Trial waarbij gezinnen die werden aangemeld bij Jeugdbescherming Regio Amsterdam ‘at random’ wel of niet een EK-c aangeboden kregen. In beide groepen werd gewerkt volgens de methode Generiek Gezinsgericht Werken (de reguliere hulpverleningsmethode van Jeugdbescherming), waarbij gezinnen in de interventiegroep het aanbod kregen om middels een EK-c een hulpverleningsplan te maken. Door middel van een voormeting en nametingen 1, 3, 6 en 12 maanden na afloop van de EK-c werd vastgesteld wat de meerwaarde van EK-c’s was ten opzichte van de reguliere hulpverleningsmethode. De informatie werd verkregen door middel van vragenlijsten en dossieronderzoek bij ouders, kinderen, leden van het netwerk, hulpverleners en EK-coördinatoren.

In Nederland worden veelvuldig Eigen Kracht Conferenties (EK-c’s) uitgevoerd als besluitvormingsmodel in de jeugdzorg. Het doel van een Ek-c is om een gezin, samen het sociale netwerk, een plan te laten maken om problemen in het gezin aan te pakken. Hierbij is de voorwaarde dat de regie voor het maken van het plan en de uitvoering bij het gezin en het netwerk ligt, mits de veiligheid van de kinderen gewaarborgd is. Ondanks de wijde implementatie van EK-c’s is er nog geen consensus over de effectiviteit van Ek-c’s.

Dit effectiviteitsonderzoek richt zich op de effectiviteit van Eigen Kracht Conferenties binnen de jeugdzorg. Doelen van het huidige onderzoek zijn om de uitvoering van EK-c’s in kaart te brengen en om te onderzoeken of EK-c’s en de daar ontwikkelde plannen, zoals beoogd, leiden tot (a) voldoende veiligheid van de kinderen in het gezin; (b) een toename van betrokkenheid van het bredere sociale netwerk bij het doelgezin; (c) meer regie van het gezin over problemen en ‘versterking’ van ouders; en (d) minder inzet van professionele zorg. Daarnaast wordt onderzocht of de effectiviteit van EK-c’s beïnvloed wordt door kenmerken van de uitvoering van de methodiek, gezinskenmerken en kenmerken van hulpverleners.

Het onderzoek wordt uitgevoerd bij Jeugdbescherming Regio Amsterdam (JBRA). De effecten van Ek-c’s worden onderzocht met behulp van een Randomized Controlled Trial waarbij gezinnen die worden aangemeld ‘at random’ wel of niet een Ek-c aangeboden krijgen; beide groepen krijgen Generiek Gezinsgericht Werken (de hulpverleningsmethode van JBRA) en daarmee de aanpak die ze nodig hebben. Door middel van een voormeting en nametingen 1,3,6 en 12 maanden na afloop van de Ek-c zal worden vastgesteld wat de meerwaarde van Ek-c’s is ten opzichte van het reguliere hulpaanbod. De informatie wordt verkregen door middel van vragenlijsten en dossieronderzoek bij ouders, kinderen, leden van het netwerk, hulpverleners en EK-coördinatoren.

Samenvatting van de aanvraag

In Nederland worden veelvuldig Eigen Kracht conferenties (EK-c’s) uitgevoerd als besluitvormingsmodel in de jeugdhulpverlening. Doel van een EK-c is om het gezin met haar netwerk zelf een plan te laten maken voor de aanpak van problemen op een manier dat zelf regie gehouden wordt, maar onder voorwaarde dat de veiligheid van de in het gezin aanwezige kinderen gewaarborgd is. Over de uitvoering van de binnen een Eigen Kracht-conferentie geformuleerde plannen is aan het eind van de conferentie overeenstemming met de gezinsmanager van Bureau Jeugdzorg. De vraag is echter of EK-c’s en de uitvoering van het daar ontwikkelde plan effectief zijn in termen van meer veiligheid voor kinderen in het gezin, een toename van betrokkenheid van het sociale netwerk, regie van het gezin over de problemen en minder inzet van professionele zorg. Het meeste buitenlandse onderzoek laat gunstige resultaten van EK-c’s zien op basis van onderzoek met alleen voor- en nameting. Echter, buitenlands onderzoek waar gebruik is gemaakt van een controlegroep om effectiviteit vast te stellen, laat negatieve of tegenstrijdige resultaten zien. Nederlands onderzoek laat positieve resultaten zien, maar bij de enige studie waar gebruik is gemaakt van een (niet in alle opzichten equivalente) vergelijkingsgroep wordt aangegeven dat de ‘positieve’ resultaten niet met zekerheid aan EK-c’s toe te schrijven zijn vanwege methodologische tekortkomingen en doordat dezelfde vooruitgang werd geboekt in de controlegroep. Er kan dus nog geen uitspraak gedaan worden over de effectiviteit van EK-c’s in Nederland ten aanzien van de uitvoering van de binnen de EK-c’s ontwikkelde plannen en in termen van positieve uitkomsten voor het kind. Dit onderzoek richt zich op de vraag of EK-c’s en de uitvoering van de daar ontwikkelde plannen effectief zijn. Doelen van het huidige onderzoek zijn om te onderzoeken of EK-c’s en het daar ontwikkelde plan, zoals beoogd, leiden tot (1) voldoende veiligheid van de kinderen in het gezin; (2) een toename van betrokkenheid van het bredere sociale netwerk bij het doelgezin; (3) meer regie van het gezin over problemen en ‘versterking’ van ouders; en (4) minder inzet van professionele zorg. Een tweede doel is om te onderzoeken of de effectiviteit van EK-c’s beïnvloed wordt door kenmerken van de uitvoering van de methodiek, gezinskenmerken en kenmerken van de gezinsmanagers. Het voorgestelde onderzoek is een Randomized Controlled Trial (RCT), met een voldoende grote N (300), waarbij gezinnen die bij Bureau Jeugdzorg aangemeld worden ‘at random’ wel of niet een EK-c aangeboden krijgen: beide groepen krijgen GGW en daarmee de aanpak (‘hulp’) die ze nodig hebben. In beide groepen vindt een voormeting plaats op het moment dat een gezin at random aan de conditie is toegewezen. Vervolgens vinden nametingen plaats, 1, 3, 6 en 12 maanden na afloop van de EK-c/GGW. Bij EK-c gezinnen wordt vastgesteld (1) of er daadwerkelijk een EK-C aangevraagd is; (2) of er een EK-c heeft plaatsgevonden; (3) of er een plan tot stand gekomen is; en (4) of het plan is uitgevoerd. Om de gebruikte methode goed in kaart te brengen, zal geregistreerd worden wat de minimale en optimale voorwaarden zijn waaronder het besluitvormingsmodel en het plan uitgevoerd kunnen worden, wat eventuele belemmeringen waren bij de uitvoering van het plan, of het plan is uitgevoerd zoals afgesproken en of er omstandigheden zijn aan te wijzen waarbij methodiek en uitvoering beter of slechter werken. Het onderzoek richt zich dus zowel op kenmerken van de methodiek en de uitvoering ervan (door gezinnen en professionals) als op verschillende uitkomstmaten, namelijk veiligheid van de kinderen in het gezin, mate van betrokkenheid van het sociale netwerk, empowerment van de ouders, en mate van inzet van professionele zorg. Daarnaast zullen verschillende kenmerken van de deelnemende gezinnen en hun netwerk geregistreerd worden, zodat na afloop van het onderzoek uitspraken gedaan kunnen worden over welke gezinnen EK-c’s het meest kunnen benutten. Daarnaast zal onderzocht worden onder welke randvoorwaarden qua methodiek een plan daadwerkelijk tot versterking van de gezinnen zal leiden. Samenvattend, uit het onderzoek komt naar voren onder welke omstandigheden de effectiviteit van EKC het grootst is door te kijken naar kenmerken van gezinnen en gezinsmanagers. Het onderzoek zal plaatsvinden in Amsterdam en omgeving, bij Bureau Jeugdzorg Agglomeratie Amsterdam. Momenteel worden in de stadsregio Amsterdam per jaar ongeveer 800 EK-c’s uitgevoerd. Aangezien de methode ook in andere steden geïmplementeerd wordt bij een vergelijkbare doelgroep als in Amsterdam (bijvoorbeeld in Rotterdam), zijn de uitkomsten van dit onderzoek relevant voor alle gebieden waar EK-c’s ingezet worden of ingezet zullen gaan worden.

Onderwerpen

Kenmerken

Projectnummer:
729111004
Looptijd: 100%
Looptijd: 100 %
2013
2017
Onderdeel van programma:
Gerelateerde subsidieronde:
Projectleider en penvoerder:
Prof. dr. J.J. Asscher
Verantwoordelijke organisatie:
Universiteit van Amsterdam