Groep A streptokokken in het gezin als aanhoudende bron van kraamvrouwenkoorts
In Nederland vindt structurele surveillance plaats naar invasieve groep A streptokokken (iGAS)-infecties. Een belangrijke manifestatie is kraamvrouwenkoorts, waarvan de incidentie sinds de COVID-19-periode aanhoudend verhoogd is. Deze infectie kan in clusters optreden, waarbij een zorgverlener, zoals een verloskundige, bron kan zijn van transmissie naar kwetsbare zwangere vrouwen en hun pasgeboren kinderen.
Studies tonen aan dat huishoudens een belangrijke setting zijn voor overdracht van de GAS-bacterie, zowel via infectie als dragerschap. In lijn hiermee, publiceerden de onderzoekers dat het geven van een antibiotische eradicatiekuur aan huishoudcontacten van iGAS-patiënten leidt tot minder secundaire gevallen van iGAS. De huidige richtlijn voor kraamvrouwenkoorts adviseert alleen behandeling van de betrokken bron, niet van diens huishoudcontacten. Recente casuïstiek liet echter zien dat hernieuwde transmissie kan optreden doordat een partner van een behandelde zorgverlener de GAS-bacterie bleef dragen.
Doel
Doel van deze studie is om te evalueren of er bij een geïdentificeerde bron van een cluster van kraamvrouwenkoorts sprake kan zijn van dragerschap van GAS, asymptomatisch danwel in de vorm van milde infecties, bij diens huishoudcontacten. Het aantonen van een dergelijke circulatie van GAS binnen het gezin of huishouden kan aanleiding zijn voor een richtlijnherziening ten aanzien van antibiotische behandeling van zowel zorgmedewerker als de gezinscontacten. Op die manier kan voortgaande transmissie van de GAS richting de zorgmedewerker en daarmee naar kwetsbare groepen zoals kraamvrouwen en pasgeborenen doorbroken worden.
Werkwijze
Evaluatie van GAS-transmissie bij een epidemiologisch verdachte bron van een cluster van kraamvrouwenkoorts en diens gezinscontacten door optimale en uitgebreide sampling en optimale kweek. Optimale en uitgebreide sampling bestaat uit instructie aan GGD-verpleegkundigen; gesuperviseerde afname van kweken; kweken uitbreiden van alleen keel- naar huidlesies en ontstoken nagelriemen. Afname van kweken van dezelfde plekken bij huishoudcontacten.
Optimale kweek: na routinematige bewerking door medisch microbiologische laboratoria worden de kweekstokken in transportmedium opgestuurd naar Nederlands Referentielaboratorium voor Bacteriële Meningitis (NRBLM) waar kweken worden afgeënt op GAS-selectieve platen. Bij een positieve kweek zullen meerdere GAS-isolaten worden getypeerd op emm-type.
Samenwerkingspartners
- Nederlands Referentielaboratorium voor Bacteriële Meningitis (NRBLM)
- Rijksinstituut voor volksgezondheid en milieu (RIVM)
- Universitair medisch centrum Utrecht (UMC Utrecht)
- GGD regio Utrecht en GGDen uit de regio Noord-West
Betrokken onderzoekspartners hebben een langlopend samenwerkingsverband gericht op iGAS-onderzoek. Dit onderzoek heeft aan de basis gestaan van de nationaal-dekkende bacteriologische surveillance, het verruimen van de meldingsplicht van iGAS en het herzien van de richtlijn voor antimicrobiële profylaxe aan huishoudcontacten van patiënten met iGAS-ziekte. Daarnaast hebben betrokken onderzoekers een reeks van basaal-wetenschappelijke publicaties naar iGAS, dit mede dankzij een erkende ZonMw-subsidie binnen het programma Infectieziektebestrijding.
Verwachte resultaten
Met deze studie wordt geëvalueerd of huishoudcontacten een reservoir vormen voor rekolonisatie van bronmedewerkers ondanks eradicatiebehandeling. De resultaten kunnen aanleiding geven tot aanpassing van landelijke richtlijnen. Zelfs beperkte reductie van transmissie binnen clusters van kraamvrouwenkoorts kan grote gezondheidswinst opleveren.
Daarnaast levert deze pilot essentiële gegevens op over de opbrengst van uitgebreide bemonsteringsstrategieën. Ook kan worden vastgesteld of dragerschap van meerdere emm-typen van de GAS-bacterie voorkomt, wat bepalend is voor het vaststellen van onderlinge gerelateerdheid van GAS-bron en -casus.