Mobiele menu

Implementatie van inspanningsfysiologische metingen in de revalidatiebehandeling van kinderen en jongeren met loopproblemen

Protocol meet oorzaak van loopproblemen

Kinderen met de hersenaandoening cerebrale parese (CP) hebben vaak problemen met lopen. Deze loopproblemen worden soms veroorzaakt door een verminderde loopefficiëntie (het kind gebruikt te veel energie). Soms is de reden een verminderde lichamelijke conditie. Voor het bepalen van de juiste behandeling is het essentieel om te weten wat de oorzaak is van de loopproblemen. Tot nu toe wordt in de revalidatiezorg echter nog geen onderscheid gemaakt in de onderliggende oorzaak. Inmiddels zijn testprotocollen ontwikkeld waarmee het mogelijk is om de loopefficiëntie en fysieke conditie te meten bij kinderen met CP.

Doel
Het doel van dit project is om te bepalen of het meten van de verschillende oorzaken voor loopproblemen (verminderde loopefficiëntie of verminderde fysieke conditie) met de testprotocollen haalbaar is en meerwaarde biedt. Als dat het geval is, worden de testprotocollen breder gebruikt. Dat verbetert de behandeling van loopproblemen bij kinderen met CP.

Producten

Titel: Test protocol Inspanningsanalyse Revalidatiegeneeskunde VUmc
Titel: Implementatie van inspanningsfysiologische metingen in de revalidatiebehandeling van kinderen en jongeren met loopproblemen

Verslagen


Eindverslag

Klachten ten aanzien van de loopvaardigheid van kinderen met motorische beperkingen, zoals vermoeidheid, verminderde loopafstand en duur, kunnen enerzijds veroorzaakt worden door een verhoogd energieverbruik als gevolg van afwijkingen in het looppatroon, en anderzijds door een verminderde aerobe en/of anaerobe fitheid (d.w.z. een verminderde fysieke conditie). Inzicht in de oorzaak van de klachten kan de indicatiestelling en behandeling verbeteren. Er zijn gestandaardiseerde testprotocollen ontwikkeld voor het meten van het energieverbruik tijdens het lopen en de aerobe en anaerobe fitheid bij kinderen met CP. Doel van het KIT4FIT project was om deze testen te implementeren in de revalidatiegeneeskundige zorg van kinderen en jongeren met loopproblemen op basis van CP en andere motorische aandoeningen, om zo de indicatiestelling en evaluatie van de behandeling van loopproblemen te verbeteren. In dit project is de haalbaarheid en klinische meerwaarde van deze tests bepaald.

Er zijn een aantal producten ontwikkeld en verbeterd die leiden tot een verbetering van de toepassing van inspanningsfysiologische metingen bij kinderen en jongeren met loopproblemen zoals een klinisch protocol, referentiewaarden, spreekkamerkaart, standaard analyse van de metingen, patiëntenfolder en een gestandaardiseerde rapportage voor de arts.

In totaal zijn er bij 28 kinderen en jongeren metingen afgenomen. Alle kinderen werden verwezen door een revalidatiearts. Het percentage geslaagde metingen gedurende dit project lag hoog (89-100%). Belemmerende factoren voor het uitvoeren van de tests betrof fysieke beperkingen en motivatie/gedragsproblemen. Uit de vragenlijsten voor de artsen blijkt dat de invloed van het energieverbruik op de klachten vaker overschat wordt, en dat de invloed van de fitheid op de klachten vaker wordt onderschat. Er is een hoge waardering van de artsen ten aanzien van de meerwaarde van de inspanningstest. Uit de resultaten blijkt dat de metingen bijdragen aan inzicht in de onderliggende oorzaak voor de problemen tijdens het lopen. Geconcludeerd kan worden dat de inspanningsmetingen een meerwaarde hebben voor de indicatiestelling en instelling van behandeling van loopproblemen bij een geselecteerde groep patiënten.

Naar aanleiding van het KIT4FIT project worden aanbevelingen gedaan ten aanzien van indicatiestelling, logistiek, referentiewaarden en protocol, die toepasbaar zijn voor andere centra die deze metingen in hun reguliere zorg willen gaan implementeren. Aanbevelingen betreffen oa aandacht voor een juiste een indicatiestelling (voorkomen van overbodige metingen), aandacht te geven aan scholing van artsen en het aanstellen van een ter zake deskundige laborant, en verdere ontwikkeling van protocollen en referentiewaarden.

Onderwerpen

Kenmerken

Projectnummer:
335020033
Looptijd: 100%
Looptijd: 100 %
2011
2012
Onderdeel van programma:
Gerelateerde subsidieronde:
Projectleider en penvoerder:
Dr. A.J. Dallmeijer
Verantwoordelijke organisatie:
Amsterdam UMC - locatie VUmc