Mobiele menu

Incidence of errors in the intensive care: Effects of increased awareness and of improved communication by the introduction of explicit daily goals

Eerder onderzoek heeft uitgewezen dat 37% van de incidenten op de intensive care afdeling te maken hebben met (gebrekkige) communicatie tussen zorgverleners. Door dagelijks de doelen voor de IC-patiënten te formuleren en binnen het behandelteam te bespreken verbetert de communicatie. In dit project is onderzocht of het invoeren van deze manier van werken op de IC van twee academische ziekenhuizen (AMC, LUMC) het aantal incidenten op de IC daadwerkelijk verlaagt. Dat blijkt in inderdaad het geval: door het invoeren van de dagelijkse doelen-methode daalt het aantal incidenten en neemt ook de opnameduur van de patiënten op de IC af. Dat laatste maakt het mogelijk jaarlijks meer patiënten op de IC op te behandelen. Tevens vermindert het de zorgkosten per IC-patiënt.

Verslagen


Eindverslag

Inleiding Incidenten in de patiëntenzorg leiden regelmatig tot schade aan de patiënt, verhoogde kosten en een verlenging van de opnameduur. Op de intensive care is 37% van de incidenten gerelateerd aan communicatie. Pronovost rapporteerde (2002) dat het dagelijks formuleren en evalueren van doelen voor patiënten de communicatie in het team verbetert en de opnameduur verkort. In deze multicenter, sequentiële cohorten pretest-posttest studie hebben wij onderzocht of het introduceren van expliciete dagelijkse doelen de patiëntveiligheid vergroot. Methode en resultaten Voorbereidende fase In de participerende ICUs hebben wij een incidenten registratie systeem (IRS) geïmplementeerd. Een interobserver studie naar het classificeren van incidenten volgens het Eindhoven Classificatie Model werd uitgevoerd. In de voorbereidende en in de posttest fase werd met een Multi Moment Observatie studie getoetst of de tijdsbesteding van artsen en verpleegkundigen veranderde door het gebruik van dagelijkse doelen. Pretest fase Dagelijkse doelen werden geformuleerd door stafartsen. Deze doelen bleven geblindeerd voor de rest van het team en hadden geen invloed op de praktijk. Een random subset van doelen bij 10 patiënten werd wekelijks geëvalueerd. Ook werden zorgprotocollen die op die patiënt van toepassing waren maar zonder schriftelijke vastlegging niet waren uitgevoerd geteld (errors of ommission). Het gebruik van het IRS werd intensief gepromoot door klinische lessen en terugkoppeling van de gemelde incidenten. Tussen de pretest en de posttest fase in werd de methode van dagelijkse doelen actief geïmplementeerd in beide studie ICUs. Posttest fase Tijdens de posttest fase was het formuleren en evalueren van dagelijkse doelen een vast onderdeel van het overleg tussen alle artsen en verpleegkundigen. Resultaten De IC-opnameduur daalde significant in de pre- en posttest fase. Het verschil tussen de pre- en posttest fase was eveneens significant behalve voor de minst zieke en de meest zieke patiënten. De ernst van ziekte, weergegeven door de APACHE II score, nam daarbij significant toe gedurende beide fases. De beademingsduur was significant lager in de posttest fase. Het aantal heropnamen binnen 48 uur na IC ontslag nam toe onder de patiënten met de laagste APACHE II score. De daling in IC opnameduur daalde steiler dan in andere academische centra die participeren in de NICE registratie. Het gemiddelde verschil pretest was 0,68 (95% CL 0,30/1,06) dagen en in de posttest 1,77 (95% CL 1,4/2,14) dagen. De gemiddelde APACHE II score in deze centra was significant lager dan in de twee studie centra. In alle ziekenhuizen daalde de post-IC duur. Ernst van ziekte gecorrigeerde ziekenhuismortaliteit (SMR) werd niet significant beïnvloed door de introductie van DGFs. Er werden 6106 incidenten gerapporteerd, pretest 3581, posttest 2525. De proportie incidenten beïnvloedbaar door het gebruik van dagelijkse doelen zoals organisatie, coördinatie en verificatie waren in de posttest fase significant lager dan in de pretest fase. In de posttest fase was de kans op een error of ommission ruim 6 keer zo laag als in de pretest fase. De MMO studie liet een toename in activiteiten zien in de posttest fase voor overleg tussen artsen en verpleegkundigen. Onder verpleegkundigen nam ook de tijd voor dienstoverdracht toe maar de tijd voor het PDMS nam af terwijl deze voor artsen gelijk bleef (artsen registreerden DGFs in het PDMS). Discussie Het gebruik van dagelijkse doelen op de intensive care is effectief. De IC-opnameduur daalt significant evenals de beademingsduur. Opvallend is dat in de minst zieke categorie IC-patiënten het aantal heropnamen toenam in de posttest fase. De incidenten classificatie laat een significante daling zien van incidenten in de categorieën organisatie, overleg en verificatie. Deze categorieën zijn het meest beïnvloedbaar door het gebruik van DGFs. Errors of ommission daalden in de posttest fase. De MMO studies laten voor verpleegk
In aansluiting op de voortgangsrapportage van 2006 (maart 2006 t/m december 2006) omvat deze rapportage (het laatste deel van) fase 3, fase 4 en de start van fase 5 van de studie, respectievelijk (3) “Incident reporting and medical chart review”, (4) “Introduction of daily goals” en (5) “ Effects of implementation of dialy goals on error reduction and patient outcome. De incidentenregistratie en de incidententeambespreking (zie voortgangsrapportage 2006 (fase 2 en 3) zijn in beide centra succesvol ingebed. Resultaat is een gedetailleerde database van alle incidenten geregistreerd in 2007 (AMC, n=1663 ; LUMC, n=1894). Alle incidenten zijn door de onderzoekers geclassificeerd volgens het “Eindhoven model”. Fase 3 is in juli 2007 afgesloten. Tijdens deze fase is per week (per centrum) een analyse uitgevoerd van een random selectie van (geblindeerde) daily goals en de medische status geanalyseerd van 10 patiënten. Patiëntendemografie is in 2007 op dezelfde wijze geregistreerd als in fase 0 (AMC, n =1827; LUMC, n=1637). In fase 4 is het gebruik van “daily goals” geïntroduceerd. Software voor de dagelijkse registratie en evaluatie van daily goals is ontwikkeld en in beide centra geïmplementeerd in het PDMS. Aan fase 5 is een gewenningsfase voor het gebruik van de PDMS applicatie vooraf gegaan. Tijdens deze fase is de applicatie aangepast aan de hand van gebruikerservaringen. Fase 5 is inmiddels gestart en zal doorlopen tot december 2008. De analyse van de random geselecteerde daily goals wordt in fase 4 en 5 op dezelfde wijze uitgevoerd en aangevuld met de evaluatie van correct protocol gebruik.

Kenmerken

Projectnummer:
94506106
Looptijd: 100%
Looptijd: 100 %
2006
2009
Onderdeel van programma:
Gerelateerde subsidieronde:
Projectleider en penvoerder:
Prof. dr. M.B. Vroom
Verantwoordelijke organisatie:
Amsterdam UMC - locatie AMC