Integrale zorg aan zwangeren en gezinnen in kwetsbare omstandigheden: ontwikkeling implementatie framework t.b.v. bestendiging en opschaling van Blauwdruk Psychosociale zorg en Samenwerking met Veilig Thuis
Als beleidsmedewerker en coördinator binnen het RCZWN en het NRCG zet ik mij al meer dan tien jaar in voor integrale geboortezorg. Via het ISP-fellowship heb ik mij verdiept in implementatievraagstukken, met als doel de Blauwdruk Psychosociale Zorg en Samenwerking met Veilig Thuis structureel te verankeren in de praktijk. Deze interventie richt zich op betere zorg voor zwangeren en gezinnen in kwetsbare situaties en stimuleert de samenwerking met Veilig Thuis.
Binnen het project is gewerkt aan een praktisch implementatieplan, met inzet van tools zoals de QuickScan, de MIDI-vragenlijst en de Toolkit Implementatie. De aanpak is herijkt op basis van praktijkervaringen en inzichten uit de opleiding. Het project heeft waardevolle lessen opgeleverd over het belang van betrokkenheid, maatwerk en continue ondersteuning. Als ISP’er wil ik blijvend bijdragen aan duurzame implementatie en aan landelijke kennisdeling, onder andere via het NRCG.
Verslagen
Eindverslag
Het project richt zich op de implementatie en opschaling van de Blauwdruk Psychosociale Zorg en Samenwerking met Veilig Thuis. Deze interventie is ontwikkeld binnen het Regionaal Consortium Zwangerschap en Geboorte Zuidwest Nederland (RCZWN). De Blauwdruk heeft als doel integrale zorg te bieden aan zwangeren en gezinnen in kwetsbare omstandigheden, met nadruk op betere samenwerking tussen geboortezorgprofessionals en Veilig Thuis.
Doelstelling(en)
Het doel van het fellowproject is het ontwikkelen van een implementatiekader dat de bestendiging en opschaling van de Blauwdruk ondersteunt. Dit omvat het aanscherpen van bestaande materialen, het verbeteren van implementatiestrategieën en het bieden van praktische handvatten aan zorgprofessionals.
Onderzoeksdesign / projectopzet
Het project is praktijkgericht en iteratief van aard. Er is gekozen voor een combinatie van implementatiediagnostiek, veldraadplegingen en het gebruik van implementatietools. De aanpak is herijkt op basis van inzichten die zijn opgedaan tijdens de ISP-opleiding, met nadruk op een gefaseerde inzet van tools en op stakeholderbetrokkenheid.
Objecten / eenheden van onderzoek
De primaire eenheden zijn Verloskundige Samenwerkingsverbanden (VSV’s) in Zuidwest Nederland, met specifieke focus op VSV Dirksland. Inclusiecriteria zijn VSV’s die eerder met de Blauwdruk hebben gewerkt of daar interesse in tonen. Exclusiecriteria zijn VSV’s die nog niet bekend zijn met de Blauwdruk. Databronnen zijn onder andere veldraadplegingen, de MIDI-vragenlijst, de QuickScan en gesprekken met stakeholders.
Interventies
De interventie betreft de Blauwdruk zelf, vertaald naar een operationeel zorgpad met bijbehorende scholing. De implementatieaanpak is herzien en bestaat uit:
- de QuickScan (Movisie), voor een nulmeting en het identificeren van verbeterpunten;
- de MIDI-vragenlijst (TNO), voor inzicht in determinanten van implementatie;
- de Toolkit Implementatie (Movisie), voor praktische ondersteuning bij de uitvoering.
De beoogde resultaten zijn:
- een werkbaar implementatiekader;
- verbeterde materialen, zoals handleidingen, trainingen en evaluatietools;
- een verhoogde betrokkenheid van stakeholders.
De behaalde resultaten zijn onder andere de herijking van de implementatiestrategie, de voorbereiding van de MIDI-vragenlijst (aangepast op de doelgroep) en een versterkte samenwerking met VSV Dirksland. Door omstandigheden is de implementatie nog niet volledig uitgevoerd.
Discussie
De oorspronkelijke aanname dat het veld klaar was voor herimplementatie bleek onjuist, omdat de urgentie ontbrak. Dit leidde tot vertraging en tot heroriëntatie op één VSV. De training bleek onvoldoende geborgd via het train-de-trainerprincipe. Ook was er onvoldoende monitoring na de implementatie. De herijkte aanpak benadrukt daarom het belang van:
- betrokkenheid en communicatie met alle stakeholders;
- aangepaste en doorlopende training;
- lokale afstemming en flexibiliteit;
- systematische evaluatie en feedbackloops.
Limitaties
- beperkte tijd en middelen;
- geen wetenschappelijke validatie van de aangepaste MIDI-vragenlijst;
- beperkte generaliseerbaarheid door de focus op één VSV.
Conclusies en implicaties
Succesvolle implementatie vereist meer dan het aanbieden van een interventie. Het vraagt om maatwerk, betrokkenheid en continue ondersteuning. Het project levert waardevolle inzichten en praktische tools op voor toekomstige implementatietrajecten binnen de geboortezorg. De rol van de ISP-fellow als bruggenbouwer tussen beleid, praktijk en onderzoek blijkt hierin cruciaal.