Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Krentenbaard in Kaart

Impetigo, ook wel krentenbaard genoemd, is een veelvoorkomende en zeer besmettelijke huidinfectie, vooral bij jonge kinderen. De afgelopen jaren is het aantal gevallen sterk gestegen. Bij kinderen van 0 tot 4 jaar nam de incidentie toe van 71 naar 99 per 1.000 kinderen. Normaal wordt impetigo behandeld met een zalf met fusidinezuur, maar steeds vaker werkt deze behandeling minder goed. Daardoor schrijven huisartsen vaker antibiotica in tabletvorm voor, wat kan bijdragen aan antibioticaresistentie. Onvoldoende behandelde impetigo kan zich snel verspreiden binnen gezinnen, scholen en kinderopvanglocaties en vormt een risico voor kwetsbare mensen, zoals ouderen, zwangeren en mensen met een verminderde weerstand. Daarnaast kan impetigo soms leiden tot ernstigere infecties, zoals MRSA of invasieve groep A‑streptokokken (iGAS). Ook hiervan is het aantal gevallen toegenomen. Mogelijk hangen deze ontwikkelingen samen, maar dit is nog niet goed onderzocht. Dit onderzoek wil die verbanden beter in kaart brengen.

Doel

Dit onderzoek richt zich op het beter begrijpen van impetigo. Onderzoekers kijken hoe vaak impetigo voorkomt, hoe huisartsen de aandoening vaststellen en behandelen, en waarom behandelingen soms niet werken. Deze kennis helpt om antibiotica verstandig te gebruiken en complicaties te voorkomen. Daarnaast bekijken ze hoe impetigo zich verspreidt en of het kan bijdragen aan ernstigere infecties, zoals iGAS, ernstige Staphylococcus aureus-infecties en MRSA‑dragerschap. De resultaten ondersteunen betere richtlijnen, gerichte preventie en het voorkomen van ernstige infecties bij kwetsbare groepen.

Werkwijze

In dit project wordt onderzocht hoe vaak impetigo en andere infecties door Staphylococcus aureus en groep A‑streptokokken voorkomen, hoe huisartsen deze aandoeningen vaststellen en behandelen, en welke factoren bijdragen aan het mislukken van een behandeling. Hiervoor worden grote hoeveelheden medische gegevens uit huisartspraktijken, ziekenhuizen en GGD’s gekoppeld. Met behulp van slimme computermodellen wordt ook informatie uit artsenverslagen geanalyseerd, zoals ziekte-ernst en behandelredenen. Het onderzoek geeft inzicht in trends, behandelpatronen en uitbraken, en helpt om zorg te verbeteren, antibiotica verstandig te gebruiken en verspreiding van infecties te voorkomen.

Samenwerkingspartners

Dit project is een samenwerking tussen verschillende ziekenhuizen (HAGA, LUMC en Amsterdam UMC), 2 regionale GGD’s (Haaglanden en Hollands‑Midden) en landelijke kennisinstituten zoals het RIVM, LUMC en Amsterdam UMC. Door deze brede samenwerking zijn alle onderdelen van de zorg vertegenwoordigd: van preventie en eerstelijnszorg tot specialistische ziekenhuiszorg. Deze combinatie van expertise maakt het mogelijk om krentenbaard en gerelateerde infecties vanuit meerdere invalshoeken te onderzoeken. Het project profiteert van medische, wetenschappelijke en publieke gezondheidskennis, waardoor de resultaten direct toepasbaar zijn in de praktijk en kunnen bijdragen aan betere zorg, preventie en infectieziektebestrijding.

Verwachte resultaten

Dit onderzoek levert nieuwe kennis op over hoe vaak impetigo en andere infecties door Staphylococcus aureus en groep A‑streptokokken voorkomen, hoe ze worden vastgesteld en behandeld, en waarom behandelingen soms niet werken. Ook wordt duidelijk hoe deze infecties zich verspreiden en of impetigo kan bijdragen aan ernstigere ziekten, zoals iGAS, MRSA of ernstige S. aureus-infecties. De resultaten worden gebruikt om medische richtlijnen te verbeteren, antibiotica verstandiger in te zetten en gerichte maatregelen te ontwikkelen die verspreiding van infecties kunnen voorkomen. Zo draagt het onderzoek bij aan betere zorg en het verminderen van ernstige infecties en ziekenhuisopnames.

Kenmerken