Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Maakt één zwaluw nu ook de zomer? Monochloorazijnzuur versus stikstof bij de behandeling van hand- en voetwratten: een randomized clinical trial naar een veelbelovende therapie (WARTS-2).

Het WARTS-1 onderzoek heeft aangetoond dat bij handwratten stikstof het meest effectief is en bij voetwratten salicylzuurzalf of stikstof niet effectiever dan afwachten. Toch geneest maar 50% van de mensen die behandeld wordt met stikstof en bovendien is het een pijnlijke behandeling. Mogelijk is monochloorazijnzuur effectiever of heeft het minder bijwerkingen.

Doel

In het WARTS-2 onderzoek worden beide behandelingen met elkaar vergeleken bij patiënten met handwratten. Bij voetwratten wordt de effectiviteit van monochloorazijnzuur vergeleken met de combinatietherapie van salicylzuur en stikstof. Bij deze laatste behandeling wordt de eeltlaag eerst verweekt met salicylzuur, waardoor de stikstof directer op de wrat terecht komt.

Werkwijze

Het onderzoek wordt uitgevoerd in 80 huisartspraktijken bij patiënten van 4 jaar en ouder. Ook willen we kijken wat patiënten nu zelf van wratten vinden, wat ze er zelf aan doen, wat ze er hinderlijk van vinden en wat ze van behandelingen bij de huisarts vinden.

Resultaten

  • Na 13 weken bleek bij handwratten behandeling met stikstof statisch significant effectiever (genezing 54% (95% BI 44-64) dan behandeling met monochloorazijnzuur (43% (95%BI 34-54), p=0.016)).
  • Bij de patiënten met voetzoolwratten was na 13 weken monochloorazijnzuur (46% (95% BI 37-56, p=0.009) statisch significant effectiever dan combinatietherapie ((39%, 95% BI 31-48), p=0.29). Vergeleken met afwachtend beleid is MCA de enige significant effectieve behandeling (risk difference 23%, 95%BI 8-39; RR 2.0, 95%BI 1.1-3.6).

Cohortonderzoek

Van de ouders van kinderen mét wratten geeft 47% van de ouders aan dat hun kind er hinder van heeft, waarvan het in het grootste gedeelte (82%) weinig of matig last betreft, de overige 18% zegt (heel) veel last te hebben. De soort hinder was vooral pijn , irritatie en ‘ziet er lelijk uit’. 50% van de kinderen wilde zelf behandeld worden, voor 25% maakte het niet zoveel uit of de wrat(ten) wel of niet behandeld werden en 17% wilde echt niet behandeld worden. Van de ouders (en kinderen) koos 67% voor een behandeling. Hiervan koos 41% voor zelfzorgmedicatie via drogist, 43% ging hiervoor naar de huisarts toe en 16% koos voor een combinatie van beide. Ouders die besluiten de wratten van hun kind te laten behandelen, hebben een groter vertrouwen in het effect van behandeling, verwachten minder bijwerkingen van behandeling en hebben weinig vertrouwen in spontane genezing van de wratten.

Beschouwing

Bij handwratten is het aanstippen met stikstof de meest effectieve behandeling. Bij voetwratten is aanstippen met monochloorazijnzuur de meest effectieve therapie. De helft van de kinderen met wratten heeft er hinder van. Het betreft meestal een matige last die meestal pijn, irritatie of een cosmetisch bezwaar betreft. Ouders die besluiten de wratten van hun kind te laten behandelen, hebben een groter vertrouwen in het effect van behandeling.

Producten

Titel: Cryotherapy for plantar warts more costly but no more effective than salicylic acid self-treatment.
Auteur: Bruggink SC, Assendelft WJ.
Magazine: Evidence Based Medicine
Titel: Current choices in the treatment of cutaneous warts: a survey among Dutch GP.
Auteur: Bruggink SC, Waagmeester SC, Gussekloo J, Assendelft WJ, Eekhof JA.
Magazine: Family Practice
Titel: Evaluation of a novel broad-spectrum PCR-multiplex genotyping assay for identification of cutaneous wart-associated human papillomavirus types
Auteur: de Koning MN, ter Schegget J, Eekhof JA, Kamp M, Kleter B, Gussekloo J, Feltkamp MC, Bouwes Bavinck JN, Purdie KJ, Bunker CB, Proby CM, Meys R, Harwood CA, Quint WG.
Magazine: Journal of Clinical Microbiology
Titel: Warts in primary schoolchildren: prevalence and relation with environmental factors.
Auteur: van Haalen FM, Bruggink SC, Gussekloo J, Assendelft WJ, Eekhof JAH. Warts in primary schoolchildren: prevalence and relation with environmental factors. Br J Dermatol. 2009 Jul;161(1):148-52. doi: 10.1111/j.1365-2133.2009.09160.x. Epub 2009 Apr 29. PubMed PMID: 19438464.
Magazine: British Journal of Dermatology
Titel: Treatments for common and plantar warts.
Auteur: Bavinck JN, Eekhof JA, Bruggink SC. BMJ. Bavinck JN, Eekhof JA, Bruggink SC. Treatments for common and plantar warts. BMJ. 2011 Jun 7;342:d3119. doi: 10.1136/bmj.d3119. PubMed PMID: 21652749.
Magazine: BMJ
Titel: Lesional HPV types of cutaneous warts can be reliably identified by surface swabs.
Auteur: de Koning MN, Khoe LV, Eekhof JA, Kamp M, Gussekloo J, Ter Schegget J, Bouwes Bavinck JN, Quint WG.
Magazine: Journal of Clinical Virology
Titel: Cutaneous wart-associated HPV types: prevalence and relation with patient characteristics.
Auteur: Bruggink SC, de Koning MN, Gussekloo J, Egberts PF, Ter Schegget J, Feltkamp MC, Bavinck JN, Quint WG, Assendelft WJ, Eekhof JA. J
Magazine: Journal of Clinical Virology
Titel: Evaluation of a novel multiplex human papillomavirus (HPV) genotyping assay for HPV types in skin warts
Auteur: Schmitt M, de Koning MN, Eekhof JA, Quint WG, Pawlita M.
Magazine: Journal of Clinical Microbiology
Titel: Cryotherapy with liquid nitrogen versus topical salicylic acid application for cutaneous warts in primary care: randomized controlled trial.
Auteur: Bruggink SC, Gussekloo J, Berger MY, Zaaijer K, Assendelft WJ, de Waal MW, Bavinck JN, Koes BW, Eekhof JAH.
Magazine: Canadian Medical Association Journal

Verslagen


Eindverslag

* Inleiding: Eerder werden in de WARTS-1 trial salicyl, stikstof en afwachtend beleid met elkaar vergeleken. Bij handwratten was stikstof superieur (50%), bij voetwratten was het effect van stikstof en salicyl gelijk (echter: slechts 30% genezing) en niet beter dan een afwachtend beleid. Monochloorazijnzuur (MCA) is een veelbelovende, maar nog onvoldoende onderzochte therapie. Omdat de RCT WARTS-2 dezelfde opzet heeft als WARTS 1 kan dit onderzoek leiden tot een evidence-based aanbeveling voor de huisartspraktijk. Het onderzoek bestaat uit een RCT en een cohortstudie. Vraagstellingen van het onderzoek waren: 1. Wat is de prognose en wat zijn de prognostische factoren voor wratten bij schoolkinderen in de algemene bevolking? 2. Hoe zijn de opvattingen van (ouders van) patiënten over wratten, hoe beoordelen zij de hinder van wratten, welke zelfzorgmedicatie passen zij toe, wanneer wordt voor zelfzorgmiddelen en wanneer voor bezoek aan de huisarts gekozen en welke verwachtingen hebben zij van zelfzorgmedicatie en behandelingen in de huisartspraktijk? 3. Wat is bij handwratten de effectiviteit van monochloorazijnzuur ten opzichte van het aanstippen met stikstof? 4. Wat is bij voetwratten de effectiviteit van monochloorazijnzuur ten opzichte van de combinatietherapie van het aanbrengen van salicylzuurzalf gevolgd door het aanstippen met stikstof bij voetwratten? * Methode: In een RCT in 53 huisartspraktijken zijn alle patiënten van 4 jaar en ouder die bij de huisarts komen voor behandeling van hand- en voetwratten ingesloten. Bij handwratten wordt de behandeling met MCA vergeleken met stikstof, en bij voetwratten de behandeling met MCA met de combinatie therapie salicylzuurzalf en stikstof. De primaire uitkomstmaat was genezing van alle wratten na 13 weken behandeling gemeten door een getrainde onderzoeksverpleegkundige. Voor het cohort onderzoek is in een onderzoek waarbij bij 1000 kinderen op 4 basisscholen in kaart werd gebracht zijn aan de ouders een aantal vragen gesteld over wat zij van wratten en de behandeling van wratten vonden. * Resultaten Na 13 weken bleek bij handwratten behandeling met stikstof statisch significant effectiever (genezing 54% (95% BI 44-64) dan behandeling met monochloorazijnzuur (43% (95%BI 34-54), p=0.016)). Bij de patiënten met voetzoolwratten was na 13 weken monochloorazijnzuur (46% (95% BI 37-56, p=0.009) statisch significant effectiever dan combinatietherapie ((39%, 95% BI 31-48), p=0.29). Vergeleken met afwachtend beleid is MCA de enige significant effectieve behandeling (risk difference 23%, 95%BI 8-39; RR 2.0, 95%BI 1.1-3.6). Cohortonderzoek. Van de ouders van kinderen mét wratten geeft 47% van de ouders aan dat hun kind er hinder van heeft, waarvan het in het grootste gedeelte (82%) weinig of matig last betreft, de overige 18% zegt (heel) veel last te hebben. De soort hinder was vooral pijn , irritatie en ‘ziet er lelijk uit’. 50% van de kinderen wilde zelf behandeld worden, voor 25% maakte het niet zoveel uit of de wrat(ten) wel of niet behandeld werden en 17% wilde echt niet behandeld worden. Van de ouders (en kinderen) koos 67% voor een behandeling. Hiervan koos 41% voor zelfzorgmedicatie via drogist, 43% ging hiervoor naar de huisarts toe en 16% koos voor een combinatie van beide. Ouders die besluiten de wratten van hun kind te laten behandelen hebben een groter vertrouwen in het effect van behandeling, verwachten minder bijwerkingen van behandeling en hebben weinig vertrouwen in spontane genezing van de wratten. * Beschouwing Bij handwratten is het aanstippen met stikstof de meest effectieve behandeling. Bij voetwratten is aanstippen met monochloorazijnzuur de meest effectieve therapie. De heldft van de kinderen met wratten heeft er hinder van. Het betreft meestal een matige last die meestal pijn, irritatie of een cosmetisch bezwaar betreft. Ouders die besluiten de wratten van hun kind te laten behandelen hebben een groter vertrouwen in het effect van behandeling en verwachten

Kenmerken

  • Projectnummer:
    42011004
  • Looptijd: 100%
    Looptijd: 100 %
    2008
    2014
  • Gerelateerde programma's:
  • Gerelateerde subsidieronde:
  • Projectleider en penvoerder:
    Dr. J.A.H. Eekhof
  • Verantwoordelijke organisatie:
    Leiden University Medical Center

Alledaagse Ziekten

Zo’n 80% van de klachten waarmee patiënten naar de huisartsen-praktijk komen, zijn alledaagse klachten zoals buikpijn, een neerslachtige periode, wratten of slapeloosheid. Vanuit ons programma Alledaagse Ziekten financierden we onderzoek om adviezen en behandelingen wetenschappelijk te onderbouwen. Dit project is daar één van. Bekijk de andere projecten.