Mobiele menu

Opvoedtools op maat en eigen regie voor ouders met een verslaving: De PVO-methodiek

Voor kinderen van ouders met een psychiatrische stoornis en/of een verslaving is het risico dat zij zelf een verslaving en/of psychosociale problemen ontwikkelen veel groter dan voor kinderen van wie de ouders niet verslaafd zijn. In de afgelopen jaren is de aandacht voor deze kinderen van ouders met een psychiatrische stoornis en/of een verslaving toegenomen en zijn er interventies beschikbaar gekomen. Bestaande interventies richten zich echter nog te weinig op de effecten die verslaving kan hebben op de opvoedsituatie en het opvoedgedrag. Daarnaast is het bereik van deze interventies nog onvoldoende. De PVO-methodiek, ontwikkeld in het Project Verslaafde Ouders, zou het bereik en de kwaliteit van deze interventies mogelijk kunnen verbeteren. Dit project heeft een handboek op geleverd over de PVO-methodiek. Daarmee kan de kennis van methoden voor het versterken van opvoedcompetenties bij verslaafde ouders worden overgedragen aan andere professionals die met deze doelgroep werken. Programma Verslaving & Ouderschap (PVO); Handboek voor professionals in de verslavingszorg en geestelijke gezondheidszorg

Producten

Titel: Programma Verslaving & Ouderschap (PVO). Handboek voor professionals in de verslavingszorg en geestelijke gezondheidszorg
Link: http://brijderjeugd.nl/voor-professionals/publicaties.html

Verslagen


Eindverslag

In de afgelopen decennia is bij professionals in de verslavingszorg het besef toegenomen dat extra aandacht en specifieke ondersteuning voor cliënten met kinderen van belang is om hen goede zorg te kunnen bieden.
Daarnaast zijn professionals in de gehele zorgsector zich steeds meer bewust van de verhoogde risico’s die kinderen van ouders met een verslaving en/of andere psychiatrische stoornis kunnen lopen alsmede het belang van tijdige interventie om (verdere) ontwikkeling van problemen bij deze kinderen te voorkomen.
Ingegeven door voorgaande overwegingen, raden diverse verslavingszorginstellingen hun cliënten met kinderen KOPP/KVO-groepen aan. Sommige verslavingszorginstellingen bieden hun cliënten met kinderen daarnaast een consultatiegesprek over de opvoeding en ontwikkeling van hun kinderen. Medewerkers van de afdeling Ouder & Kind van Brijder Verslavingszorg hebben deze vorm van consultatie op een aantal punten verder ontwikkeld, gestandaardiseerd en aangevuld. Volgens de ervaringen uit de praktijk biedt deze aangepaste interventie professionals meer handvaten om met ouders die in zorg komen in gesprek te gaan over de kinderen en samen met hen zicht te krijgen op hoe het met de kinderen en hun opvoeding gaat.
Onder de naam Programma Verslaving & Ouderschap (PVO), wordt de werkwijze van de aangepaste interventie in een handboek beschreven. Het handboek is bedoeld voor professionals in de verslavingszorg en de GGZ en is als volgt tot stand gekomen. Allereerst zijn interviews gehouden met diverse experts en stakeholders over de werkwijze van het PVO en de mogelijke inhoud van het handboek. Daarnaast zijn observaties verricht tijdens diverse PVO-consultatiegesprekken. Via klankbordgroepbijeenkomsten zijn keuzes over de opbouw van het handboek afgestemd met PVO-medewerkers en diverse professionals uit de verslavingszorg en GGZ. Vervolgens zijn onderdelen van het handboek aan deze professionals rondgestuurd voor commentaar. Ook is een ervaringsdeskundige op het gebied van verslaving en ouderschap geraadpleegd. Ten slotte, is voor de theoretische onderbouwing van de interventie een uitgebreide literatuurstudie verricht.
Zoals beschreven in het handboek, kent het PVO de volgende structuur:
1) Signalering cliënten met kinderen bij intake (door coördinerend behandelaar)
2) Uitnodigen en informeren van deze cliënten (door coördinerend behandelaar)
3) PVO-inventarisatiegesprek(ken) over de opvoeding en ontwikkeling van de kinderen met aanvullende screening
4) PVO-indicatieoverleg
5) PVO-adviesgesprek
6) PVO-interventie en doorverwijzing
7) PVO- afsluiting en terugkoppeling
In de regel worden deze zeven stappen van een PVO-indicatie gevolgd; van belang is wel dat de onderdelen vloeiend in elkaar kunnen overlopen en dat sommige onderdelen gelijktijdig plaatsvinden. Zo kan tijdens de inventarisatiegesprekken al ruimte zijn voor het geven van psycho-educatie of opvoedadviezen en kan een PVO-indicatie ook zonder interventie worden afgesloten.
In het PVO vormt de zogenoemde Kindcheck (AUGEO, 2013) een onderdeel van het programma. De invoering van de Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling met bijbehorende Kindcheck biedt een helder formeel kader om ouderschap in de volwassenenzorg aan te kaarten en het PVO standaard aan cliënten voor te leggen.
In tegenstelling tot de jeugdsector waar vanzelfsprekend de focus op het kind en het gezin ligt, is de volwassenenzorg in eerste instantie gericht op de volwassen cliënt. Vandaar dat in dit handboek meer aandacht wordt besteed aan hoe je binnen deze context het welzijn van het kind, de opvoedsituatie, en het gezin ter sprake en in kaart brengt. Daarbij vormen Motiverende Gespreksvoering (MGV) en een systeem- en een herstelgerichte benadering belangrijke uitgangspunten.
In het handboek worden de concrete stappen van het PVO, de dilemma’s, aandachtspunten en casuïstiek rond de toepassing van de onderdelen uit de interventie uiteengezet. Tevens wordt ingegaan op de onderligg

Onderwerpen

Kenmerken

Projectnummer:
729112020
Looptijd: 100%
Looptijd: 100 %
2013
2015
Onderdeel van programma:
Gerelateerde subsidieronde:
Projectleider en penvoerder:
Dr. R. Spijkerman
Verantwoordelijke organisatie:
Brijder Verslavingszorg