Mobiele menu

Persoonsgerichte, integrale nazorg COVID-19 in de regio (PINCOR)

Meer dan 200.000 mensen hebben aanhoudende klachten na een COVID-19-infectie. Zij doen een groot beroep op herstelzorg, maar onbekend is of dit leidt tot snellere genezing.

Doel

In het PINCOR-project onderzoeken we het effect van persoonsgerichte, integrale nazorg van COVID-19 binnen een regionaal netwerk.

Werkwijze

De patiënt bepaalt samen met de huisarts de behandeldoelen gericht op beter functioneren thuis en in de samenleving. Afhankelijk van de ernst van de klachten wordt de patiënt begeleid vanuit de huisartspraktijk, aangevuld met paramedische zorg (bijvoorbeeld fysiotherapie) of gespecialiseerde revalidatiezorg. Ervaringen van zorgverleners en patiënten worden nagegaan bij het ontwerp van de beste aanpak. De patiënt houdt een digitaal dagboek bij om het beloop tijdens en na behandeling te meten. De behandeling heeft tot doel de kwaliteit van leven en deelname aan de samenleving te verhogen en ziekteverzuim en zorgkosten te verlagen. Patiëntenorganisaties en C-support zijn in het onderzoek betrokken.

Context

Dit is een van de door ZonMw gefinancierde onderzoeken naar long COVID. Long COVID klachten, ook wel aanhoudende klachten na COVID-19 genoemd, hebben grote invloed op het leven van patiënten. Ze hebben gedurende een langere periode (langer dan 3 maanden) verschillende soorten aanhoudende klachten, zoals bijvoorbeeld reuk- en smaakverlies, aanhoudende benauwdheid of extreme vermoeidheid. Wij faciliteren deze onderzoeken, omdat zorgprofessionals en beleidsmakers behoefte hebben aan meer kennis over wat dit ziektebeeld veroorzaakt en hoe ze dit effectief kunnen aanpakken.

Producten

Titel: Presentatie PINCOR
Auteur: Projectgroep PINCOR
Titel: Kennisdocument PINCOR
Auteur: Thijs van Meulenbroek; projectgroep PINCOR

Kenmerken

Projectnummer:
10430302130003
Looptijd: 100%
Looptijd: 100 %
2022
2024
Onderdeel van programma:
Gerelateerde subsidieronde:
Projectleider en penvoerder:
prof. dr. J.S. Burgers
Verantwoordelijke organisatie:
Maastricht University