Rotterdamse Zwangere Aan Zet - Implementatie Integrale zorg
Aanleiding / achtergrond
Integrale geboortezorg is passende zorg, omdat het vrouw en kind centraal stelt. Door samenwerking, gedeelde besluitvorming en een brede blik op gezondheid wordt de juiste zorg op de juiste plek geleverd, met focus op waarde en welzijn. De introductie van integrale geboortezorg leidt in verschillende regio’s tot een daling van vroeggeboorte en laag geboortegewicht én een halvering van consulten in de tweede lijn van 6 naar 3 per zwangerschap. Mogelijk leidt het ook tot een vermindering van sectio’s en andere interventies. Integrale geboortezorg is in Nederland nog niet landelijk geïmplementeerd. De mate van integratie varieert sterk per regio, waarbij organisatorische, financiële en technologische knelpunten de voortgang beïnvloeden. Bij het vormgeven van gedeelde zorg (shared care) en samenwerkingsstructuren ligt de focus vaak op professionele samenwerking, protocollen en financiering, terwijl het perspectief van de cliënt – en vooral van kwetsbare groepen – onvoldoende wordt meegenomen. Dit ondermijnt de effectiviteit van passende zorg en vergroot gezondheidsverschillen, terwijl juist deze groepen de meeste baat zouden hebben bij écht inclusieve integrale geboortezorg.
Doel
In dit project wordt samen met verloskundig zorgverleners, beleidsmakers, zorgverzekeraars én zwangere vrouwen een praktische en haalbare strategie ontwikkeld om integrale zorg beter te implementeren in een Verloskundig Samenwerkingsverband (VSV). Het testen van de aanpak gebeurt in een VSV. Er wordt onderzocht wat zorgverleners nodig hebben en hoe zwangere vrouwen beter betrokken worden bij het ontwikkelen van shared care. Het project resulteert in inzichten over belemmerende en bevorderende factoren, een aangepaste opschalingsstrategie en concrete hulpmiddelen voor opschaling van de implementatie.
Aanpak / werkwijze
Het CFIR-model is de basis voor het ontwikkelen van een implementatiestrategie. In fase 1 wordt kwalitatieve data verzameld via interviews en focusgroepen met verloskundig zorgverleners en vrouwen. Tijdens de interviews en focusgroepen is er specifieke aandacht voor kwetsbare situaties. Deze inzichten leiden tot een implementatiestrategie die past bij de dagelijkse praktijk. In fase 2 wordt deze strategie getest in een VSV middels actieonderzoek. Deze aanpak wordt aangepast aan de lokale context en cyclisch gemonitord. Evaluatie vindt plaats via Proctor’s model (adoptie, trouw, duurzaamheid). Zo ontstaat een aanpak die schaalbaar en toepasbaar is.
Samenwerkingspartners
Het projectteam heeft ruime ervaring met implementatieonderzoek en het implementeren van shared care. Dit in combinatie met actief betrokken patiëntvertegenwoordigers gedurende opzet en uitvoering, en ruime ervaring in het ophalen en meenemen van cliëntperspectieven, versterkt de uitvoerbaarheid en zorgt voor inbedding in de dagelijkse praktijk. Daarnaast zijn de verschillende projectleden actief betrokken bij de verschillende regionale en nationale netwerken, zoals ROAZ, District Verloskundig Platform, Consortium, Programma Kansrijke Start, Federatie VSV, NZA innovatie.
Verwachte Resultaten
Het project levert inzicht op in de factoren die succesvolle implementatie van integrale zorg bevorderen of belemmeren. Dit levert een opschaalbare implementatiestrategie op die getest kan worden. De resultaten bestaan uit een aangepaste opschalingsstrategie en concrete hulpmiddelen. Daarmee verbetert de structurele implementatie van integrale zorg, met specifieke aandacht voor vrouwen in kwetsbare situaties. Dit draagt bij aan gezonde zwangerschappen, een kansrijke start en beter gebruik van de huidige capaciteit.