Taal doe je Samen! Investigating the effects of a parent-child interaction training and the influence of parents’ SES and language backgrounds
Het onderzoek
Kinderen met een taalontwikkelingsstoornis (TOS) hebben veel moeite met het leren van taal. Het is nodig dat zij vroeg hulp krijgen. Ouders spelen hierbij een belangrijke rol. Zij kunnen hun kind helpen door bijvoorbeeld veel te benoemen en voor te lezen. Om ouders van kinderen met TOS hierbij te ondersteunen, zijn er cursussen. Maar hier doen niet alle ouders aan mee.
Doel en opzet
De resultaten van dit onderzoek geven inzicht in hoe we de ouderkind-groep en oudercursussen kunnen verbeteren voor deze ouders. Zo hopen we meer ouders te bereiken. Dit draagt uiteindelijk bij aan het verbeteren van de taal van jonge kinderen met TOS. Om meer ouders op een laagdrempelige manier te bereiken, is er een ouder-kindgroep opgezet. Ouders gaan hier vier keer met hun kind naartoe om te leren hoe zij de taalontwikkeling spelenderwijs kunnen stimuleren. We onderzoeken wat ouders precies van de ouder-kindgroep leren, vooral bij ouders die geen/weinig Nederlands spreken of laagopgeleid zijn.
Producten
Auteur: Dinte Vlieger & Iris Duinmeijer
Link: https://www.partnersinverstaan.nl/Sessies/14-taal-doe-je-samen-ouders-handvatten-geven-om-de-taalontwikkeling-van-jonge-kinderen-met-een-vermoeden-van-tos-te-stimuleren/
Auteur: Dinte Vlieger en Iris Duinmeijer namens de projectgroep
Verslagen
Eindverslag
Ouders spelen een grote rol in de taalontwikkeling van hun kind. In de ouder-kindgroep Taal doe je Samen! leren ouders in 4 bijeenkomsten taalstimulerende technieken om de interactie met hun kind te verbeteren. Ouders komen hier samen met hun kind met een taalontwikkelingsstoornis (TOS) naartoe. Auris en de NSDSK onderzochten de doelmatigheid en gebruikerservaringen van deze ouder-kindgroep. Bij 31 ouders werd op een voor- en nameting een vragenlijst afgenomen over hoe zij de communicatie met hun kind ervaarden. Bij 25 van hen werd ook een video-opname gemaakt van een spelmoment tussen ouder en kind om verschil in gedrag te kunnen meten. Na het volgen van de ouder-kindgroep was er geen significant verschil zichtbaar in gedrag: ouders gebruikten niet meer taalstimulerende technieken. Wel rapporteerden ouders een hogere score op de vragenlijst: zij hadden meer zelfvertrouwen en voelden zich competenter in interacties met hun kind. Ouders vonden de ouder-kindgroep leerzaam en leuk.