Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Validation of a decision rule to aid SElection of Patients with Abdominal sepsis requiring a Relaparotomy (SEPAR study)

Bij patiënten die geopereerd zijn vanwege een buikvliesontsteking is er na de operatie vaak sprake van een nieuwe of sluimerende ontsteking van de buikholte. Er dient dan een ‘reinterventie’ te worden verricht: een heroperatie of het radiologisch door de huid aanprikken van de ontsteking. Het identificeren van de patiënten waarbij een ontsteking optreedt is echter moeilijk. In de SEPAR studie is onderzocht of een klinische beslisregel de aanwezigheid van een dergelijke ontsteking kon voorspellen.

De resultaten laten zien dat een score berekend met de beslisregel redelijk tot goed kan voorspellen of er een ontsteking in de buikholte aanwezig is. Echter, besluitvorming met betrekking tot het verrichten van beeldvorming of re-interventies gebaseerd op de uitslag van de beslisregel leek niet mogelijk, aangezien een onacceptabel hoog aantal infecties zou kunnen worden gemist.

Hoofdstudie

Bekijk de bijbehorende hoofdstudie van dit VIMP (Verspreidings- en Implementatie Impuls) project.

Aanvullende Verspreidings- en Implementatie Impuls (VIMP)

Deze studie heeft een aanvullende Verspreidings- en Implementatie Impuls (VIMP) gekregen.

Producten

Titel: External Validation of a Decision Tool To Guide Post-Operative Management of Patients with Secondary Peritonitis
Auteur: Atema, Jasper J., Ram, Kim, Schultz, Marcus J., Boermeester, Marja A.
Magazine: Surgical Infections Dec 2016, 18(2)
Link: https://doi.org/10.1089/sur.2016.017
Titel: Diagnosis of intra-abdominal infections and management of catastrophic outcomes
Auteur: Jasper Atema
Link: http://hdl.handle.net/11245/1.495708

Verslagen


Eindverslag

Een buikvliesontsteking kan ontstaan door een perforatie of ontsteking van een orgaan in de buikholte of het maagdarmkanaal. De behandeling bestaat uit een spoedoperatie waarbij de bron van de ontsteking wordt weggenomen. Echter, bij veel patiënten is er na de operatie sprake van een nieuwe of sluimerende ontsteking van de buikholte. Hiervoor dient dan zo spoedig mogelijk een ‘re-interventie’ te worden verricht: een heroperatie of het radiologisch door de huid aanprikken van de ontsteking zodat deze gedraineerd kan worden. Het tijdig identificeren van patiënten waarbij een postoperatieve ontsteking optreedt is echter moeilijk. In een voorafgaand project is een beslisregel ontwikkeld die de aanwezigheid van een dergelijke ontsteking zou kunnen voorspellen (ZonMW projectnummer 171103001). Deze beslisregel bestaat uit 6 klinische kenmerken op basis waarvan een score wordt berekend. De scores worden van laag naar hoog ingedeeld in 3 categorieën. Voor elke categorie is een apart advies geformuleerd met betrekking tot het verrichten van diagnostische beeldvorming.

In de huidige studie is onderzocht of de eerder ontwikkelde beslisregel in een nieuwe groep patiënten de aanwezigheid van een postoperatieve ontsteking in de buikholte kon voorspellen en of het opvolgen van de adviezen zou kunnen leiden tot een vermindering van het aantal ‘onnodige’ beeldvormende onderzoeken. Hiervoor zijn alle patiënten die geopereerd werden vanwege een buikvliesontsteking gedurende een periode van 15 maanden geïncludeerd, en is er gekeken naar het gebruik van beeldvorming, het verrichten van re-interventies en het optreden van een postoperatieve ontsteking van de buikholte. Bij iedere patiënt werd enkele malen postoperatief met behulp van de beslisregel een score berekend. Uit de resultaten bleek dat de score berekend met de beslisregel redelijk tot goed kon voorspellen of er een ontsteking in de buikholte aanwezig was. Echter, besluitvorming met betrekking tot het verrichten van beeldvorming gebaseerd op de uitslag van de beslisregel leek niet mogelijk, aangezien een onacceptabel hoog aantal infecties zou kunnen worden gemist.

Tussen januari 2014 en maart 2015 werden 169 metingen verricht bij 69 patiënten, geïncludeerd vanwege een operatie voor een buikvliesontsteking. In de meerderheid van de gevallen (68%) ontstond de buikvliesontsteking door een perforatie van het maagdarmkanaal. Bij 28 patiënten trad na de operatie een nieuwe of sluimerende  buikvliesontsteking op, waarbij 4 patiënten 2 episodes van doormaakten. In totaal werden er 53 beeldvormende onderzoeken verricht bij 37 patiënten (54% van alle patiënten), waarbij 25 beeldvormende onderzoeken (47%) een ontsteking van buikholte aantoonde. Er werden 7 re-operaties verricht vanwege de verdenking op een nieuwe of sluimerende ontsteking van de buikholte, waarbij in alle gevallen inderdaad een ontsteking werd aangetroffen.  Voorts werden er 21 percutane drainages vanwege voortgaande buikvliesontsteking verricht.

Met behulp van de beslisregel werden er mediaan 2 metingen per patiënt verricht; totaal 169  metingen. Het discriminerende vermogen van de score berekend met de beslisregel was redelijk (AUC 0.79). De meerderheid van de scores was laag (74%), terwijl maar 3 scores werden gecategoriseerd als hoog (2%). De scores van de beslisregel kalibreerden goed: het voorkomen van een ontsteking in de buikholte verschilde significant tussen de 3 categorieën scores (12%, 39%, 67%; p < 0.001). De negatief voorspellende waarde was goed: een lage score was geassocieerd met een kans van 88% dat er geen ontsteking meer aanwezig was. Na 127 metingen met een lage score werd 32 maal alsnog beeldvormend onderzoek verricht, waarbij een ontsteking werd aangetroffen in 15 gevallen (47% vals-negatieven). Door geen beeldvorming te verrichten na een lage score zouden deze ontstekingen mogelijk zijn gemist.

Kenmerken

  • Projectnummer:
    1711030011
  • Looptijd: 100%
    Looptijd: 100 %
    2013
    2015
  • Gerelateerde programma's:
  • Gerelateerde subsidieronde:
  • Projectleider en penvoerder:
    Prof. dr. M.A. Boermeester
  • Verantwoordelijke organisatie:
    Amsterdam UMC - locatie AMC