Mobiele menu

Veilig voorschrijven van psychofarmaca aan kinderen en jongeren in de Nederlandse huisartspraktijk

Het gebruik van psychofarmaca door kinderen neemt toe. Het effect en de veiligheid van psychofarmaca staan ter discussie.

Dit onderzoek brengt in kaart:

  • hoe vaak psychofarmaca worden voorgeschreven aan kinderen/jongeren tot 18 jaar
  • hoe veilig dit is
  • welke kinderen/jongeren meer risico lopen op onveilig voorgeschreven krijgen van psychofarmaca

Daarbij is er met name aandacht voor:

  • het off-label en unlicensed voorschrijven
  • het voorschrijven volgens richtlijnen gebruikt in de praktijk

In de analyses zijn 2 invalshoeken gekozen:

  1. Het geneesmiddel. Met een selectie van 3 groepen psychofarmaca
    a. pyschostimulantia
    b. benzodiazepines
    c. antidepressiva
    Daarbij zijn het off-label en unlicensed voorschrijven bestudeerd.
  2. De aandoening. Met een selectie van 4 aandoeningen:
    a. overactiviteit
    b. slapeloosheid
    c. depressie
    d. angststoornis
    Daarbij is bestudeerd welke behandeling de huisarts heeft ingezet bij de gestelde indicatie.

Uit het onderzoek blijkt dat psychofarmaca in de huisartsenpraktijk niet vaak worden voorgeschreven aan kinderen/jongeren.

Producten

Titel: Deskundigheid huisarts door omstandigheden beperkt.
Auteur: Volkers A, Van Dijk L. Deskundigheid huisarts door omstandigheden beperkt. Antidepressiva en benzo’s bij niet-volwassenen in de huisartspraktijk. Pharmaceutisch weekblad, 2006, 141, (22)767-769.
Magazine: Pharmaceutisch Weekblad

Verslagen


Eindverslag

Bij psychische aandoeningen is medicatieveiligheid een belangrijk onderdeel van patiëntveiligheid. Dit geldt nog sterker voor kinderen en jongeren dan voor volwassenen. De laatste jaren komt het gebruik van psychofarmaca door kinderen en jongeren steeds meer in de belangstelling te staan. Het gebruik van deze middelen door kinderen neemt wereldwijd toe, terwijl het effect en de veiligheid van bijvoorbeeld antidepressiva voor kinderen en jongeren sterk ter discussie staan. In Nederland is op dit terrein weinig onderzoek gedaan in de vorm van populatieonderzoek. Weliswaar is een aantal onderzoeken verricht naar het gebruik van deze middelen onder jongeren, maar veiligheidsaspecten zijn hierbij onderbelicht gebleven. Dit komt met name omdat in de meeste populatieonderzoeken geen gegevens over redenen van voorschrijven en over morbiditeit aanwezig zijn. In dit onderzoek waren deze gegevens wel voorhanden.

Doel van het onderzoek was het in kaart brengen van de vraag hoe vaak psychofarmaca worden voorgeschreven aan kinderen en jongeren tot 18 jaar, hoe veilig dit is en welke kinderen/jongeren meer risico lopen op onveilig voorgeschreven krijgen van psychofarmaca. Aspecten van voorschrijven die hierbij aandacht kregen, waren met name het off-label en unlicensed voorschrijven en het voorschrijven volgens richtlijnen die in de praktijk gebruikt worden. Co-morbiditeit, contra-indicaties en risico op ongewenste interacties bleken nauwelijks voor te komen, bijvoorbeeld ook omdat de contra-indicaties voor de verschillende middelen vaak pas op latere leeftijd optreden.

In de analyses van het project zijn twee invalshoeken gekozen: die van het geneesmiddel en die van de aandoening. Voor de analyses waarbij het geneesmiddel de invalshoek was, werd een selectie gemaakt van drie groepen psychofarmaca: psychostimulantia, benzodiazepines (sedativa/hypnotica) en antidepressiva. Aspecten die in deze analyses bestudeerd zijn, zijn het off-label en unlicensed voorschrijven. In de analyses waar de aandoening het uitgangspunt is, zijn de volgende vier aandoeningen geselecteerd: overactiviteit, slapeloosheid, depressie en angststoornis. In deze analyses is bestudeerd welke behandeling de huisarts inzette bij de gestelde indicatie. In de analyses is gebruik gemaakt van gegevens uit de registratie van het Landelijk Informatie Netwerk Huisartsenzorg (LINH) uit de periode 2001-2004 en in beperkte mate van aanvullende gegevens uit de Tweede Nationale Studie naar ziekten en verrichtingen in de huisartspraktijk. Dit betekent dat het onderzoek zich beperkte tot de geneesmiddelen die de huisarts voorschrijft alsmede de geneesmiddelen die door de specialist zijn geïnitieerd en die door de huisarts worden herhaald. Voordat de data geanalyseerd zijn, is een uitgebreid overzicht gemaakt van wat relevante richtlijnen en standaarden over het voorschrijven van psychofarmaca aan kinderen/jongeren vermelden.

Uit het onderzoek komt naar voren dat het voorschrijven van psychofarmaca in de Nederlandse huisartsenpraktijk in beperkte mate voorkomt en tussen 2001 en 2004 nauwelijks is toegenomen. Methylfenidaat wordt vooral aan jongens voorgeschreven, antidepressiva en benzodiazepines iets vaker aan meisjes dan aan jongens. Kinderen gebruiken uiterst zelden verschillende soorten psychofarmaca naast elkaar. Off-label voorschrijven wat betreft indicatie gebeurt het vaakst voor benzodiazepines en TCA’s; SSRI’s worden vaak voorgeschreven onder de toegestane leeftijd (“off-label for age”). Dit laatste veranderde niet na 2003, het jaar waarin uitgebreide waarschuwingen de wereld ingingen over het gebruik van SSRI’s door jongeren en kinderen. Wanneer vanuit de aandoening gekeken wordt, valt op dat van de kinderen tot 12 jaar die met één van de geselecteerde aandoeningen (slaapstoornis, depressie, angst of overactiviteit) bij de huisarts komen, het overgrote deel niet voorgeschreven krijgt. Er zijn enige uitzonderingen. Vanaf de leeftijd van 12 jaar geldt dat jongens voor ov

Onderwerpen

Kenmerken

Projectnummer:
81200008
Looptijd: 100%
Looptijd: 100 %
2005
2006
Onderdeel van programma:
Gerelateerde subsidieronde:
Projectleider en penvoerder:
Drs. C.E.M.J. van Dijk MSc