Mobiele menu

Vitality@DSM: participatie en effectiviteit. Een diversiteitsspecifieke evaluatie.

Vitality@DSM: participatie en effectiviteit

Vraagstuk

Vitality@DSM is gericht op het verbeteren van de gezondheid en duurzame inzetbaarheid van werknemers en bestaat onder meer uit een medisch onderzoek, een vragenlijst over leefstijl, mentale gezondheid en verzuim, een consult met een vitality-coach en een verwijzing naar de bedrijfsarts of een groepsinterventie. Hoe breng je de opvattingen van werknemers over duurzame inzetbaarheid in kaart? En wat is er te zeggen over de effectiviteit van een interventie als Vitality@DSM?

Onderzoek

Op basis van literatuuronderzoek en gesprekken met experts en professionals is MIDI ontwikkeld: Maastrichts Instrument voor het meten van Duurzame Inzetbaarheid. Met vragenlijsten en diepte-interviews zijn opvattingen van werknemers onderzocht. Vitality@DSM is in een experiment op effectiviteit onderzocht.

Uitkomst

Werknemers leggen de verantwoordelijkheid voor duurzame inzetbaarheid grotendeels bij zichzelf. De voor hen belangrijkste betekenissen zijn fit en nuttig bezig zijn en het werk kunnen behouden. De Vitality-interventie heeft effecten op enkele leefstijlfactoren en bijvoorbeeld op autonomie en competentie, maar niet op duurzame inzetbaarheid en gezondheid. Deze aspecten worden bepaald door een samenspel van factoren op het niveau van het individu, de directe omgeving, de organisatie en de maatschappij.

Producten

Auteur: Houkes, I. (Universiteit Maastricht) Rooijackers, B. (Universiteit Maastricht) Rijk, A.E. de (Universiteit Maastricht) Mulder, M. (Mulder Arbeid & Gezondheid) Horstman, K. (Universiteit Maastricht)
Link: http://www.ephconference.eu/
Titel: Naar een sociale ecologie van duurzame inzetbaarheid
Titel: MIDI: Maastrichts Instrument voor het meten van Duurzame Inzetbaarheid

Verslagen


Eindverslag

Achtergrond en doelstellingen van het onderzoek
Duurzame inzetbaarheid is hèt thema van nu voor overheden en organisaties. Tegen de achtergrond van demografische ontwikkelingen zoals een vergrijzende arbeidspopulatie, zijn zowel behoud als bevordering van arbeidsparticipatie topprioriteit voor de Nederlandse overheid en werkgevers. Een vitale beroepsbevolking is niet alleen belangrijk voor werknemers zelf, maar ook voor een goed functionerende economie. Daarom worden gezondheid en duurzame inzetbaarheid in toenemende mate beschouwd als een maatschappelijk probleem waar overheid, werkgevers en werknemers samen aan moeten werken. Over de manieren waarop duurzame inzetbaarheid van personeel gerealiseerd kan worden, weten we echter nog weinig. Ook is er weinig inzicht in de verschillende betekenissen van duurzame inzetbaarheid voor verschillende betrokkenen. Dit onderzoeksproject heeft zich gericht op deze vragen. Meer specifiek waren de doelstellingen van dit onderzoeksproject:
(1) Het in kaart brengen van werknemersopvattingen over duurzame inzetbaarheid en het op basis hiervan ontwikkelen van een meetinstrument voor duurzame inzetbaarheid.
(2) Het in kaart brengen van de effecten van de Vitality interventie op de distale uitkomstmaten gezondheid, vitaliteit, en duurzame inzetbaarheid en de proximale uitkomstmaten leefstijl en mate van gedragsverandering. Bovendien wordt er een procesevaluatie van de interventie uitgevoerd. Hierbij wordt rekening gehouden met verschillen in sekse, sociaal-economische status en levensfase.
(3) Het breder (op kwalitatieve wijze) in kaart brengen van het werknemersperspectief op duurzame inzetbaarheid, zodat op basis hiervan de dialoog over duurzame inzetbaarheid gevoerd kan worden.

Methode
Het meetinstrument voor duurzame inzetbaarheid is ontwikkeld op basis van literatuuronderzoek en gesprekken met experts en professionals. Het instrument is gevalideerd door middel van een kwantitatief vragenlijstonderzoek en principale componenten analyse. De Vitality interventie is geëvalueerd bij een industriële organisatie door middel van een quasi-experiment (effectevaluatie) en een procesevaluatie. Opvattingen en perspectieven van werknemers over duurzame inzetbaarheid zijn in kaart gebracht door middel van een vragenlijstonderzoek (kwantitatief) en een uitgebreide kwalitatieve studie. Om een zo breed mogelijk beeld te krijgen van het werknemersperspectief hebben we meerdere organisaties betrokken in deze kwalitatieve studie. Er zijn diepte-interviews gehouden 23 werknemers.

Resultaten, conclusies en aanbevelingen
Op basis van het vragenlijstonderzoek is een meetinstrument voor duurzame inzetbaarheid, de MIDI (Maastrichts Instrument voor het meten van Duurzame Inzetbaarheid) ontwikkeld en gevalideerd. Dit instrument bestaat uit twee schalen met in totaal zes subschalen. Uit de kwantitatieve studie naar opvattingen van werknemers over duurzame inzetbaarheid is gebleken dat werknemers grofweg twee belangrijke betekenissen geven aan duurzame inzetbaarheid: fit en nuttig bezig zijn, en het werk kunnen behouden. Over het algemeen achten werknemers zowel zichzelf als de werkgever verantwoordelijk voor hun duurzame inzetbaarheid. Hogeropgeleide en oudere werknemers zoeken nog iets meer dan de gemiddelde werknemer, de verantwoordelijkheid voor duurzame inzetbaarheid bij zichzelf.
Uit de effectevaluatie is gebleken dat de Vitality interventie een positief effect heeft op enkele leefstijlfactoren, toewijding (dimensie van bevlogenheid), autonomie en competentie (dimensies van werkbeleving). Er is geen effect gevonden op duurzame inzetbaarheid of gezondheid. Uit de procesevaluatie is gebleken dat de mate en intensiteit van deelname aan de interventie tamelijk gering waren. De Vitality interventie werd door de deelnemers wel positief ervaren.
Uit de kwalitatieve studie zijn enkele thema’s naar voren gekomen die werknemers belangrijk vinden als het gaat om duurzame inzetbaarheid: de belasting van het werk, leefst

Onderwerpen

Kenmerken

Projectnummer:
208030008
Looptijd: 100%
Looptijd: 100 %
2012
2015
Onderdeel van programma:
Gerelateerde subsidieronde:
Projectleider en penvoerder:
Dr. I. Houkes PhD
Verantwoordelijke organisatie:
Maastricht Universitair Medisch Centrum+