Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

What is the optimal ventilation strategy in COVID-19, in particular PEEP and the moment of switch to pressure support, in invasively ventilated patients with COVID-19?

Patiënten met COVID-19 kunnen een ernstige longontsteking ontwikkelen, waarvoor zij vaak beademing nodig hebben. Onderzoek naar beademing bij intensive care patiënten in het algemeen had al geleid tot maatregelen om schade door de beademing zelf te voorkomen. Het was onzeker of dezelfde maatregelen getroffen moesten worden bij COVID-19 patiënten.

Doel

Het doel van deze studie was om te bepalen met welk drukniveau er het beste kon worden beademd, en wat het beste moment was om een patiënt spontaan te laten ademhalen tijdens beademing.

Aanpak/werkwijze

In de eerste en tweede golf van de nationale uitbraak van COVID-19 in Nederland zijn twee studies, genaamd ‘PRactice of VENTilation in COVID-19’ (PRoVENT-COVID) en de ‘PRactice of Adjunctive Therapies in ICU patients with COVID-19’ (PRoAcT-COVID) uitgevoerd. Beide studies waren groot, met in elk meer dan > 1000 patiënten. De data van deze twee studies werden gecombineerd en verder aangevuld om de vragen van deze nieuwe studie te beantwoorden.

Samenwerkingspartners

Intensive Care volwassenen Amsterdam UMC - locatie AMC, Tata Memorial Center Mumbai, Monash University Melbourne, Gelre Ziekenhuizen, Zuyderland Medisch Centrum.

Resultaten

In de tweede COVID-19 golf kreeg 18% van de patiënten beademing met hogere druk en minder extra zuurstof. Deze behandeling was geassocieerd met een verbeterde overleving. In de eerste golf leidde dezelfde strategie niet tot betere overleving. Dit verschil kan liggen aan een veranderende groep beademde patiënten, met een ander ziekteverloop. De resultaten laten zien hoe belangrijk het is om patiënten te die mogelijk baat hebben bij beademing met hogere druk te identificeren. Bij 66% van de patiënten in zowel de eerste als tweede COVID-19 golf werd de beademing vroegtijdig omgeschakeld naar spontane ademhaling. Bij 75% van de patiënten werd spierverslappende medicatie binnen 48 uur na de start van beademing gestopt. De vroege omschakeling naar spontane ademhaling en het stoppen van spierverslapping hadden geen invloed op belangrijke uitkomsten voor patiënten.

Overig

Dit onderzoek is 1 van de studies met als doel het beantwoorden van belangrijke kennishiaten op gebied van behandeling. ZonMw faciliteert deze onderzoeken in het COVID-19 deelprogramma Behandeling om een bijdrage te leveren aan het bevorderen van optimale zorg voor COVID-19. De kennishiaten zijn geïdentificeerd door de Multidisciplinaire Wetenschapscommissie COVID-19 van de Federatie Medisch Specialisten (FMS).

Meer informatie

Hoofdaanvragers, projectleiders en penvoerders: Dr. F. Paulus en Prof. dr. M.J. Schultz (Amsterdam UMC – locatie AMC)

Verslagen

Voortgang

PRoVAcT COVID is een landelijke studie naar de praktijk van beademen bij COVID-19-patiënten op 22 intensive care-afdelingen tijdens de eerste twee golven van de COVID-19 pandemie. De gegevens van twee eerdere studies zijn samengevoegd en aangevuld voor deze nieuwe studie. Het team bestaat uit coördinatoren en parttime medewerkers die gedetailleerde gegevens van patiënten verzamelen. Deze informatie wordt gebruikt om de praktijk van beademen op eindpunten zoals  beademingsduur en overleving te onderzoeken. De database inmiddels compleet en gesloten wordt geanalyseerd, de resultaten worden verwacht in het laatste kwartaal van 2023, met verwachte verspreiding van kennis en implementatie  van bevindingen begin 2024.


Eindverslag

In de tweede golf van de COVID-19 pandemie kreeg 18% van de patiënten beademing met een hoge PEEP/lage FiO2-strategie. Deze behandeling was geassocieerd met een verbeterde overleving. Dit verschilde van de resultaten uit de eerste golf, waar dezelfde strategie niet leidde tot  betere overleving. Dit verschil kan te wijten zijn aan een veranderende groep beademde patiënten met een ander ziekteverloop. De bevindingen benadrukken de noodzaak om strategieën te ontwikkelen om patiënten te identificeren die mogelijk baat hebben bij beademing met hogere PEEP. Twee derde van de patiënten in zowel de eerste als tweede golf van de COVID-19 pandemie ontvingen beademing waarbij vroegtijdig werd omgeschakeld naar spontane ademhaling. Bij 75% van de patiënten werd spierverslappende medicatie binnen 48 uur na de start van beademing gestopt. De vroege omschakeling naar spontane ademhaling en het stoppen van spierverslapping had geen invloed op belangrijke uitkomsten voor patiënten.

Kenmerken

  • Projectnummer:
    10430102110008
  • Looptijd: 100%
    Looptijd: 100 %
    2022
    2024
  • Gerelateerde programma's:
  • Gerelateerde subsidieronde:
  • Projectleider en penvoerder:
    prof. dr. M.J. Schultz MD PhD
  • Verantwoordelijke organisatie:
    Amsterdam UMC Locatie AMC