Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

"wie heeft het voor het zeggen"?: betekenisvolle relaties en samenwerking met het informele netwerk

In de zorg voor ouderen en mensen met een (verstandelijke) beperking (vanaf nu bewoners genoemd) wordt steeds vaker gevraagd aan familie en vrijwilligers om een rol te spelen in de zorg en ondersteuning van deze bewoners. Door de relaties tussen bewoners, familieleden, vrijwilligers en professionals te versterken, kan er een samenwerking ontstaan waarin iedereen samenwerkt voor een goed leven van de bewoners. In de praktijk is dit niet altijd even eenvoudig. De hoofdvraag in dit onderzoek is daarom: “Wat zijn goede voorbeelden (best practices) om betekenisvolle relaties, samenwerking en een goed leven voor bewoners te bereiken in de gehandicapten-en ouderenzorg?” In het onderzoek wordt specifiek aandacht besteed aan de ‘schijf van vijf’ of het ‘vijfstappenmodel’, zoals deze andere manier van zorgen en organiseren ook wel wordt genoemd.

Doel

Het doel van het project is om bruikbare kennis, tools en werkwijzen te versterken en verder te ontwikkelen. Hiermee wordt gestreefd naar betere relaties en samenwerking met het netwerk, om zo te zorgen voor een goed leven voor bewoners. Deze goede voorbeelden (‘best practices’) kunnen vervolgens verder worden verspreid en toegepast in de praktijk.

Aanpak

Binnen dit project maken de onderzoekers gebruik van Participatief Actie Onderzoek (PAO), waarbij bewoners, familielieden, vrijwilligers, zorgprofessionals, studenten en docenten zoveel mogelijk samenwerken. Dit zorgt ervoor dat de kennis die wordt ontwikkeld en onderzocht, nauw verbonden blijft met de praktijk. De actieonderzoeksgroepen, die bestaan uit bovenstaande genoemde betrokkenen, spelen hierbij een belangrijke rol. Eerst identificeren zij verbeterpunten in de zorgpraktijk en maken ze een plan van aanpak. Daarna voeren de groepsleden verbeteringen door volgens de cyclus van observeren, reflecteren, plannen en uitvoeren. Tot slot wisselen de actieonderzoeksgroepen, die op verschillende locaties onderzoek doen, hun ervaringen en kennis uit in gezamenlijke bijeenkomsten om van elkaar te leren. 

Een onderzoeker en projectleider ondersteunen de groepen. In elke onderzoeksfase worden de bevindingen en observaties in de eerder genoemde bijeenkomsten besproken. Ook wordt er gereflecteerd op de huidige situatie, wat de ideale situatie zou zijn, en hoe een (volgend) plan van aanpak eruit zou moeten zien.  

Samenwerkingspartners

Over de transitie van formele naar informele zorg wordt al decennia gepraat, maar in dit project wordt er daadwerkelijk mee aan de slag gegaan. Dit gebeurt via participatief actieonderzoek, waarbij bewoners, familieleden, vrijwilligers, zorgprofessionals, studenten en docenten nauw samenwerken. Zo blijft de ontwikkeling van kennis direct verbonden met de praktijk en dragen we er zorg voor dat alle perspectieven op goede zorg mee worden genomen in het verbeteren van de praktijk. Bijzonder aan dit project is de betrokkenheid van diverse sectoren, wat het mogelijk maakt om sector overstijgend te leren. Dit draagt bij aan de ontwikkeling van zorgoplossingen die breed inzetbaar zijn en passen bij de specifieke behoeften van verschillende doelgroepen. Het helpt bovendien om inzicht te krijgen in welke werkwijzen het meest effectief zijn binnen verschillende contexten, wat essentieel is voor een succesvolle transitie.

(Verwachte) Resultaten

Omdat het om actieonderzoek gaat, zijn de resultaten direct beschikbaar voor de praktijk. 

Medio 2025:

  • De eerste bevindingen worden breder gedeeld binnen de zorginstellingen. Dit gebeurt tijdens bijeenkomsten van de actiegroepen, waarin betrokkenen ervaringen uitwisselen over de leer- en veranderprocessen die binnen de locaties zijn gestart en waarin de ‘best practices’ worden besproken.
  • Tussentijdse resultaten en eventuele dilemma’s worden besproken met andere aangesloten zorgorganisaties van het Ben Sajet Centrum via reguliere leerwerkplaatsen. 

Medio 2027:

  • De resultaten worden ook beschikbaar gemaakt voor een breder publiek. Dit gebeurt via een rapport met eindresultaten, een interactieve en toegankelijke visuele presentatie, en een ervarings- en doe-boek of een toegankelijke -website.
  • Er wordt een afsluitend symposium georganiseerd.
  • Er worden twee wetenschappelijke publicaties geschreven over het onderzoek.
  • De opgedane kennis en ervaringen worden vertaald naar concrete handvatten voor zorg en onderwijs, waarbij abstracte informatie en modellen worden omgezet in praktische toepassingen.
  • In het onderwijs wordt de kennis geïntegreerd door middel van gastlessen en de ontwikkeling van lesmaterialen.

Kenmerken