DUTCH-AF Registry – Prospective evaluation of dosing and adherence of anticoagulant treatment and the risk for bleeding in atrial fibrillation
In Nederland is atriumfibrilleren (AF) met circa 500.000 patiënten de meest voorkomende hartritmestoornis. AF gaat gepaard met een verhoogd risico op een herseninfarct. Om dit te voorkomen hebben patiënten met AF vaak antistollingsmedicijnen nodig. Dit zijn de Directwerkende Orale AntiCoagulantia (DOAC’s, voorheen NOAC's), die niet vitamine K afhankelijk zijn, of de al langer bestaande Vitamine K Antagonisten (VKA).
Eerder onderzoek wijst uit dat een groot aantal patiënten een verkeerde dosis DOAC’s voorgeschreven krijgt of dat de behandeling met DOAC’s vroeg wordt gestopt. Dit betreft ongeveer 40% van de patiënten binnen 2 jaar. Een belangrijke reden hiervoor is angst bij artsen en patiënten voor bloedingen als gevolg van deze geneesmiddelen.
Studie
Om voor de dagelijkse praktijk in kaart te brengen hoe deze nieuwe middelen werken zijn in deze studie meer dan 6.000 nieuwe patiënten met AF, via een huisarts of specialist, in het nationale Dutch-AF register samengebracht. Met behulp van dit register is onderzocht wat het dagelijks gebruik van deze geneesmiddelen is door de mate van therapietrouw en de hoogte van de doseringen te onderzoeken in relatie tot het voorkomen van herseninfarcten, kleine en grote bloedingen en het overlijden door hart- en vaatziekten. Of bepaalde risicofactoren bij de patiënt hier een rol in spelen, is ook onderzocht.
Ook heeft deze studie een nieuwe score op het risico van het krijgen van bloedingen geëvalueerd (AF-BLEED), zodat een betere schatting kan worden gemaakt van hoeveel risico een patiënt loopt op het krijgen van bloedingen.
Resultaten
Uit de studie blijkt dat in Nederland slechts 6,6% van de patiënten een onjuiste dosis DOAC’s voorgeschreven krijgt. Dit aantal ligt lager dan oorspronkelijk gedacht. Het juist voorschrijven van DOAC’s leidt tot minder trombo-embolische complicaties.
Ook bleek de therapietrouw bij de voorgeschreven DOAC’s hoog: slechts 8% van de patiënten was niet-therapietrouw. Dit is een lagere percentage dan bij het gebruik van VKA’s en dat is opvallend, omdat bij DOAC’s, in tegenstelling tot VKA’s, geen labcontrole plaatsvindt. Of de therapietrouw van DOAC’s in de dagelijkse praktijk ook werkelijk lager is dan die van VKA’s wordt momenteel bij deze patiënten onderzocht.
Samengevat laten deze resultaten zien dat het ‘on label’ voorschrijven van DOAC’s veilig is voor patiënten met AF.
Door samenwerking met de Nederlandse Hart Registratie (NHR) zijn van inmiddels 4.200 patiënten de patiëntgegevens vanuit het Dutch-AF register overgeheveld. Overheveling van de overige patiëntgegevens vindt nog plaats.
Uit de studie blijkt tevens dat bij patiënten met slechts 1 risicofactor voor het krijgen van een herseninfarct een duidelijk verschil is tussen mannen en vrouwen. Mannen bleken 10% minder vaak antistolling voorgeschreven te krijgen, terwijl er sprake was van een vergelijkbaar risico op herseninfarcten als voor de vrouwelijke patiënten.
Uit de evaluatie van de nieuwe bloedingsscore AF-BLEED blijkt dat deze een minder goed onderscheidend resultaat oplevert dan van te voren werd verwacht. Toekomstig onderzoek zal dan ook moeten uitwijzen of een betere score ontwikkeld kan worden.
Samenvatting bij start
In Nederland is atriumfibrilleren (AF) met ca 400.000 patiënten de meest voorkomende hartritmestoornis. AF gaat gepaard met een verhoogd risico op een herseninfarct. Om dit te voorkomen hebben patiënten met AF vaak antistollingsmedicijnen nodig. Dit zijn nieuwe (NOAC’s) of al langer bestaande middelen (VKA).
Dit project bestaat uit twee delen. Om voor de dagelijkse praktijk in kaart te brengen hoe deze nieuwe middelen werken, worden alle patiënten met AF in Nederland in een nationaal register, DUTCH-AF registry genaamd, samengebracht. De patiënten in dit DUTCH-AF registry zijn zowel afkomstig van de huisarts als van de specialist.
Daarnaast wordt vanuit het register in het onderzoek aandacht besteed aan therapietrouw met en juiste dosering van NOAC’s, omdat 40-60% van de patiënten met AF een verkeerde dosis krijgt voorgeschreven of de behandeling met NOAC’s binnen 1 tot 2 jaar stopt. Een belangrijke reden hiervoor is angst bij artsen en patiënten voor bloedingen. Een nieuwe bloedingsscore zal worden geëvalueerd zodat er een betere schatting kan worden gemaakt.
Dit project is direct gerelateerd aan het DUTCH-AF Registry – A nationwide registration of patients with atrial fibrillation (848050007).
Richtlijn
Van de onderzoeksprojecten uit het ZonMw-programma Goed Gebruik Geneesmiddelen (GGG) is inzichtelijk gemaakt of zij aansluiten bij de richtlijnen en/of modules in de FMS Richtlijnendatabase. Bekijk de bijbehorende richtlijn in de FMS Richtlijnendatabase.
Meer informatie
- Mijlpaal van 6000 patiënten met atriumfibrilleren in Dutch-AF bereikt (NVVC, juli 2021)
- NHR en DUTCH-AF combineren registratie en onderzoek (FMT Gezondheidszorg, juli 2019)
- Patiëntenregistratie voor betere antistollingsbehandeling bij hartritmestoornis (sept 2018)