A Fibrosis Lung-Chip model to study development and therapy of COVID-19 post-ARDS pulmonary fibrosis
De ontwikkeling van ernstig COVID-19 gaat gepaard met aanzienlijke longschade, waarbij bindweefselvorming (fibrose) in het longweefsel kan worden waargenomen. Dit gebeurt alleen bij patiënten met een zeer ernstig ziekteverloop, die meestal mechanische beademing krijgen op de intensive care. Naast de virusinfectie, is mogelijk ook de mechanische beademing een risicofactor voor fibroseontwikkeling.
Doel
De onderzoekers willen begrijpen wat de lange-termijn gevolgen van ernstige virusinfecties zijn voor longweefsel en hoe mechanische ventilatie daar een rol in speelt. Zo kan het ziektebeloop beter voorspeld worden en kan een (betere) behandeling worden ontwikkeld.
Onderzoeksopzet
Er zal een ‘fibrose long-chip’ celkweekmodel ontwikkeld worden waarbij normale ademhaling en ademhaling via mechanische ventilatie nagebootst worden om te begrijpen hoe fibrose zich ontwikkelt. Dit model bestaat uit menselijke cellen, en vormt daarmee een uiterst effectief uitgangspunt voor het beter begrijpen van de ziekte en de ontwikkeling van nieuwe behandelingen, inclusief het testen van bestaande geneesmiddelen.
Producten
Auteur: DAF Caldeira, A Schadewijk, OS Hiemstra, AM van der Does
Auteur: DAF Caldeira, A Schadewijk, OS Hiemstra, AM van der Does
Auteur: DAF Caldeira, A Schadewijk, OS Hiemstra, AM van der Does
Verslagen
Voortgang
Ernstige COVID-19 veroorzaakt vaak schade aan de longen, wat leidt tot de vorming van littekenweefsel dat fibrose wordt genoemd. Dit laatste gebeurt meestal bij patiënten die intensieve zorg en mechanische beademing nodig hebben. Naast het virus zelf kan ook de beademing bijdragen aan deze longschade. Dit project heeft tot doel te begrijpen wat er op de lange termijn met de longen gebeurt na ernstige virale infecties zoals COVID-19 en hoe mechanische ventilatie het fibrose proces beïnvloedt.
Er wordt onder andere onderzocht of deze COVID-19 fibrose uniek is of vergelijkbaar is met andere soorten fibrose. De projectgroep bestudeert longweefsel van verschillende patiëntengroepen om de betrokken celtypen te vergelijken. Ten tweede zijn er longweefselculturen geïnfecteerd met hoge hoeveelheden SARS-CoV-2-virus, maar dit veroorzaakte vooralsnog geen fibrose. In dit project wordt in het laboratorium ook een zogenaamde 'fibrose long-chip' ontwikkeld. Deze experimenten bevinden zich nog in de beginfase.