Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Opschalen van proactieve palliatieve zorg voor mensen met een ernstige psychiatrische aandoening

Mensen met een ernstige psychiatrische aandoening (EPA) zijn ten minste 2 jaar gediagnosticeerd met een psychiatrische stoornis die op meerdere domeinen in het leven invloed heeft. Om de palliatieve zorg voor deze groep te verbeteren, is een toolkit gemaakt voor proactieve palliatieve zorg voor mensen met een EPA. Deze is effectief maar beperkt geïmplementeerd in de geestelijke gezondheidszorg (GGZ). 

Doel

Dit project wil de palliatieve zorg voor mensen met een EPA verbeteren. Basis voor deze verbetering van de toolkit is de training, die door iedereen met de juiste kennis en kunde gegeven kan worden binnen GGZ-instellingen. Op dit moment is er een trainerspool van 5 mensen. Zij trainen mensen binnen GGZ-instellingen, maar als deze personen vertrekken (bijvoorbeeld van baan veranderen), dan verdwijnt hun kennis. Continuïteit van deze trainingen is niet verankerd in beleid van GGZ-instellingen.

Aanpak/werkwijze

Dit project is onderverdeeld in 3 fasen, die van verkenning, implementatie en plannen voor opschaling. In fase 1 nemen ze interviews af met mensen die de training uit de toolkit volgden en verantwoordelijk zijn voor implementatie op hun afdeling of in hun organisatie. Ook interviewen ze mensen die de train-de-trainer gaan geven in groepsverband. Op basis van de (groeps)interviews is er:

  • Meer inzicht in de implementatie en borging van de toolkit.
  • Kennis over strategieën die gebruikt zijn bij de borging van de toolkit en slaag- en faalfactoren daarbij.
  • Kennis over de invulling van de train-de-trainer

Aan het eind van fase 1 is de train-de-trainer ontwikkeld. In fase 2 voeren ze de train-de-trainer 3 keer uit en evalueren ze via observatie, groepsinterviews en een korte schriftelijke voor- en nameting onder collega’s werkzaam op de afdelingen van de getrainde personen. In fase 3 kijken ze naar welke laatste aanpassingen nog nodig zijn aan de train-de-trainer. Verder stellen ze het opschalingsplan op.

Samenwerkingspartners

In de projectgroep zit veel expertise op het raakvlak van psychiatrie en palliatieve zorg in Nederland. 2 projectgroepleden ontwikkelden de oorspronkelijke toolkit. Verder zijn de netwerken palliatieve zorg van de 4 grootste steden van Nederland betrokken. Zij zijn een belangrijke partij in het verbinden van GGZ en palliatieve zorg en regionale verankering. Het project voeren ze uit binnen de onderzoekslijn ‘Zorg aan het levenseinde’, waar veel kennis aanwezig is over implementatieonderzoek.

Verwachte resultaten

In dit project realiseren ze het volgende: 

  • Ontwikkeling (inclusief testen) van een train-de trainer.
  • In kaart brengen van mogelijkheden van duurzame regionale borging van de train-de-trainer.
  • In kaart brengen van mogelijkheden van borging van de toolkit binnen de GGZ.

Resultaten komen in het voorjaar van 2029 beschikbaar. Concrete materialen zijn: een train-de-trainer en een opschalingsplan. In het opschalingsplan staan alle resultaten, aanbevelingen en adviezen uit dit project. Dit plan wordt toegevoegd aan de bestaande toolkit voor proactieve palliatieve zorg voor mensen met een EPA, die gratis online te downloaden is.

ZonMw en proactieve zorgplanning

Dit project financieren we vanuit ons programma Palliantie. Het tijdig herkennen en bespreekbaar maken van het levenseinde helpt patiënten en naasten om over hun doelen, wensen en behoeften rondom de palliatieve fase na te denken. Het is belangrijk dat zorgverleners tijdig en regelmatig hierover in gesprek gaan en dit inventariseren en vastleggen. Vanuit ons programma financieren we onderzoek naar handvatten voor proactieve zorgplanning en de toepassing daarvan in de zorgpraktijk. Kijk voor meer informatie over geestelijke gezondheidszorg bij ons thema Mentale gezondheid.

Kenmerken

  • Projectnummer:
    10200012520008
  • Looptijd: 11%
    Looptijd: 11 %
    2026
    2028
  • Gerelateerde programma's:
  • Gerelateerde subsidieronde:
  • Projectleider en penvoerder:
    A.G.M. van der Plas
  • Verantwoordelijke organisatie:
    Amsterdam UMC Research BV