Somatische screening in de gespecialiseerde ambulante GGZ: een implementatie (Soma-GGZ).
Mensen met psychotische, stemmings- of angststoornissen overlijden gemiddeld 7–20 jaar eerder dan de algemene bevolking. Dit komt vooral door lichamelijke (somatische) aandoeningen zoals hart‑ en vaatziekten en diabetes, die mede veroorzaakt worden door psychiatrische medicatie (psychofarmaca), genetische factoren en leefstijl. Deze cardio-metabole aandoeningen verergeren op hun beurt de psychische klachten. De somatische screening binnen de GGZ is daarom essentieel om lichamelijke fitheid, geestelijke gezondheid en het risico op hart- en vaatziekten te verminderen.
Doel
We streven naar een substantiële verhoging (>10%) van het percentage cliënten in de specialistische GGZ dat somatische screening ontvangt, zowel bij intake als jaarlijks. Daarnaast streven we naar een verhoging van het aandeel patiënten dat bij afwijkingen passende somatische zorg krijgt, zoals behandeling van risicofactoren, leefstijlinterventies of aanpassing van psychofarmaca. Dit willen we met minimaal 15% verhogen. Beide doelen zijn in lijn met de GGZ-zorgstandaarden.
Aanpak
Voor Soma‑GGZ volgen we het procesmodel van Grol & Wensing om somatische screening stapsgewijs te implementeren. Omdat optimale zorg al is vastgelegd in de GGZ‑standaarden, starten we met het bepalen van het percentage screenings en het aandeel cliënten dat passende zorg ontvangt na afwijkingen. Vervolgens analyseren we, via focusgroep interviews met alle betrokken zorgprofessionals, cliënten en naasten, de belemmerende en bevorderende factoren. Op basis hiervan ontwikkelen we een implementatiestrategie die als pilot binnen een GGZ‑instelling wordt uitgevoerd. De eindevaluatie vergelijkt screenings- en behandelpercentages vóór en na implementatie en vormt de basis voor een generieke strategie voor andere instellingen.
Samenwerking
Dit project wordt uitgevoerd door het Rob Giel Onderzoekcentrum (RGOc), dat hiervoor samenwerkt met de GGZ‑instellingen die de somatische screeningsprogramma’s PHAMOUS (Pharmacotherapy Monitoring and Outcome Survey) en MOPHAR (Monitoring Outcomes of Psychopharmacotherapy) al toepassen: GGZ Drenthe, Lentis, GGZ Friesland en het Universitair Centrum Psychiatrie (UCP) van het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG). Het onderzoeksteam bestaat uit 2 postdoctoraal onderzoekers van het RGOc, een implementatie‑expert, een onderzoek medewerker, een cliëntenparticipant, de hoofdonderzoekers van PHAMOUS en MOPHAR en de programmaleider van het RGOc.
(Verwachte) resultaten
We verwachten dat het project leidt tot een duidelijke verbetering in de uitvoering van somatische screening binnen de ambulante GGZ. Concreet streven we naar een stijging van het aantal cliënten dat een basisscreening en jaarlijkse herhaalscreening ontvangt, en een toename van het aantal patiënten dat bij afwijkingen passende somatische zorg krijgt. Daarnaast verwachten we meer inzicht te krijgen in factoren die belemmerend en/of bevorderend zijn voor implementatie van de somatische screening. Daarnaast ontwikkelt dit project een onderbouwde, breed toepasbare implementatiestrategie die na de pilot inzetbaar is voor andere GGZ-instellingen.