Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Borgen van multidisciplinair overleg tussen verpleegkundigen, paramedici en huisartsen in de 1e lijn ter versterking van de gezondheid van kinderen en ouderen die complexe zorg nodig hebben

Kwetsbare thuiswonende ouderen ervaren belemmeringen op meerdere levensgebieden. Zij hebben complexe zorg nodig. Om deze zorg goed af te stemmen worden in de eerste lijn multidisciplinaire overleggen (MDO’s) tussen verpleegkundigen, paramedici en huisartsen georganiseerd. Het borgen van MDO’s geeft echter uitdagingen.

Doel

Het hoofddoel van dit project was het verkrijgen van inzicht in de onderbouwing van het borgen van MDO’s, tussen verpleegkundigen, paramedici en huisartsen, om de ervaren gezondheid van kinderen en ouderen die complexe zorg nodig hebben te versterken.

Werkwijze

Om deze doelstelling te bereiken, is gewerkt volgens de participatief actieonderzoek benadering. Het project werd uitgevoerd in de Zorggroep Huisartsen Oostelijk Zuid Limburg (HOZL). HOZL is een samenwerkingsverband met meer dan 70 huisartspraktijken in oostelijke Zuid-Limburg. In dit project deden 7 voorloper-MDO’s mee die succesvol zijn in de vroege implementatie van MDO’s tussen verpleegkundigen, paramedici en huisartsen.

Samenwerking

Dit project is een samenwerking tussen Zuyd Hogeschool, Huisartsen Oostelijk Zuid-Limburg, Paramedisch Centrum Sittard Zuid, Burgerkracht Limburg en Universiteit Maastricht, School for Public Health and Primary Care.

Resultaten

Via voor- en nametingen, observaties, interviews en focusgroepen zijn de borgingsbehoeften en belemmeringen in kaart gebracht. Belangrijke behoeften waren:

  • een consistente werkwijze
  • een stabiele teamsamenstelling
  • hulpvraaggestuurd werken

Belangrijke belemmeringen waren:

  • personeelswisselingen
  • werkdruk
  • beperkte structurele samenwerking met paramedici en specialisten ouderengeneeskunde

De borgingsstrategieën omvatten:

  • de uitbreiding van MDO-teams
  • de formalisering van werkafspraken 
  • een heldere taak- en rolverdeling

De evaluatie liet zien dat borging een gefaseerd proces is waarbij eerst de bestaande werkwijzen moeten worden versterkt. Hoewel de ervaren gezondheid van ouderen onveranderd bleef, lijkt het werkplezier van professionals wel toe te nemen.

Aanbevelingen

  • Goede informatie boven patiëntparticipatie 
    Kwetsbare ouderen hebben de voorkeur goed geïnformeerd te zijn boven actieve participatie in het MDO zelf. Informeer de patiënten (en mantelzorgers) dat hun situatie in het MDO besproken wordt, maak de hulpvraag en doelen goed duidelijk en leg na het MDO mogelijk behandel- en zorgopties voor. Zo zijn ze betrokken bij de besluitvorming, en worden ze uitgebreid geïnformeerd worden over wat er besproken is.
  • Organiseer structurele leerbijeenkomsten
    De gezamenlijke leerbijeenkomsten die werden georganiseerd zijn door de deelnemers als zeer waardevol ervaren. Ze bieden professionals de mogelijkheid om ervaringen uit te wisselen, van elkaar te leren en succesvolle borgingsstrategieën te delen.
  • Betrek regionale organisaties zoals wijkverpleegkundige, paramedische en huisartsenkoepels
    Veel vraagstukken rondom borging, zoals gegevensuitwisseling, AVG en ICT, gaan verder dan de individuele MDO’s. Huisartsenkoepels en regionale organisaties kunnen hier een belangrijke ondersteunende rol in spelen door regionale afspraken te maken. Zij kunnen bijvoorbeeld helpen met het opstellen van een actief borgingsbeleid waarin samenwerking tussen zorgprofessionals wordt versterkt, of het ontwikkelen van een breder regionaal borgingsbeleid. Wijkverpleegkundige en paramedische koepels kunnen ondersteunen door afspraken te maken met verzekeraars over de financiële vergoeding van deelname in het MDO. Nu worden alleen huisartspraktijken vergoed.
  • Gebruik een facilitator voor duurzame borging
    Een facilitator kan essentieel zijn voor een succesvolle borging van het MDO. Duurzame borging lijkt beter te slagen wanneer deze rol wordt ondergebracht in een bestaande functie, zoals die van praktijkmanager of wijkcoördinator.
  • Vervolgonderzoek is nodig om langetermijn effect in beeld te brengen
    Onderzoek de effecten op twee niveaus: patiënt en team. Op patiëntniveau zijn uitkomstmaten nodig die beter aansluiten bij hun ervaren kwaliteit van MDOs en interprofessionele. Op teamniveau kan worden gekeken naar de ontwikkeling van interprofessionele samenwerking en zijn procesmaten relevant, zoals continuïteit, organisatie en inbedding van het MDO.
     

Succesfactoren

  • Een interprofessioneel onderzoeksteam
    Het kernteam bestond uit van achtergrond verpleegkundigen, fysiotherapeuten, ergotherapeut en een huisarts. Hierdoor had het team een interprofessionele blik en konden deze achtergronden meegenomen worden in het uitvoeren van dit onderzoek.
  • Participatief actieonderzoek
    Dit was een passend design binnen de doelstelling. Doordat de co-teams zelf de borgingsstrategieën hebben bepaald en geïmplementeerd is de kans groot dat deze ook goed passen en beter geborgd blijven in de context van iedere MDO.
  • MDO-overstijgende samenwerking 
    Binnen alle 7 MDOs werden er barrières ervaren waarvoor op organisatieniveau een passende oplossing gevonden kon worden. Een mogelijke kans om op organisatieniveau meer samen te werken zijn de wijksamenwerkingsverbanden.

Belemmeringen

  • Patiëntparticipatie niet zoals gepland
    De deelname van patiënten was niet dusdanig ingeburgerd in de dagelijkse zorgpraktijk bij huisartsen dan aangenomen in het projectvoorstel. Zorgprofessionals gaven regelmatig aan geen meerwaarde te zien in patiëntparticipatie als het ging over het borgen van het MDO. Ondanks meerdere strategieën om deze meerwaarde aan te tonen hebben patiënten niet volledig kunnen participeren zoals gepland, en zijn er andere manieren van participatie gevonden om het patiëntperspectief te borgen.
  • De capaciteit van het onderzoeksteam
    In met name fase 4 zijn er 7 (en later 6) MDO’s opgevolgd en gefaciliteerd, wat voor de begrootte capaciteit van het onderzoeksteam een uitdaging was. Hierdoor is veel meer tijd en aanvullend werk besteed door een van de onderzoekers dan vooraf begroot.
  • Mandaat vanuit de huisartspraktijk/maatschap
    Om iets in het MDO te kunnen veranderen of borgen is er mandaat nodig is vanuit de huisartspraktijk/maatschap, ondanks dat het MDO breder is dan de huisartspraktijk.
  • Personeelswisselingen 
    Wisselingen maken het uitdagend om continuïteit in het onderzoek en de borgingsteams te behouden
     

Producten

Titel: Informatiemateriaal en handvatten voor diverse doelgroepen
Link: https://www.zuyd.nl/onderzoek/lectoraten/samen-beslissen-door-verpleegkundigen
Titel: OP NAAR MORGEN! Langdurig borgen van multidisciplinaire overleggen (MDO) 2025 – 2030 voor kwetsbare oudere patiënten
Auteur: Slowig J, Ummels D, Hayen B, Ausems T, Moser A.
Link: https://www.zuyd.nl/onderzoek/lectoraten/samen-beslissen-door-verpleegkundigen
Titel: Collectie van internationale wetenschappelijke presentaties
Auteur: J. Slowig, D. Ummels, E. Beekman, L. van Bokhoven, A. Moser
Titel: Collectie van workshops en invitationals voor professionals in de 1e lijn
Auteur: J. van Dongen, D. Ummels
Titel: Ik zou de ergotherapeut niet eens herkennen’: onzichtbaar, maar onmisbaar in het eerstelijns ouderenzorg MDO
Auteur: J. Slowig, D. Ummels, A. Moser
Magazine: Ergotherapie
Begin- en eindpagina: 18-22
Titel: Multidisciplinaire on-the-job coachingsmodule voor post-hbo training BORGEN VOOR MORGEN: Verduurzaming MDO

Kenmerken

  • Projectnummer:
    10270022120006
  • Looptijd: 100%
    Looptijd: 100 %
    2022
    2026
  • Gerelateerde programma's:
  • Gerelateerde subsidieronde:
  • Projectleider en penvoerder:
    dr. A. Moser
  • Verantwoordelijke organisatie:
    Zuyd Hogeschool

Multidisciplinaire samenwerking in de eerste lijn

Hoe organiseer je de samenwerking tussen paramedische zorg, verpleging en verzorging en huisartsenzorg op zo’n manier dat je de meest optimale zorg biedt? Om die vraag te beantwoorden, financiert ZonMw onderzoek naar het verbeteren en onderbouwen van deze multidisciplinaire samenwerking in de eerstelijnszorg.